Onthulling van het nieuwe Rioned-logo door stichtingvoorzitter Hans Gaillard (tweede rechts) en Hugo Gastkemper (rechts), in aanwezigheid van minister Cora van Nieuwenhuizen (foto: Jac van Tuijn).

Directeur Hugo Gastkemper van Stichting Rioned vindt dat de rioolsector meer moet samenwerken met nutsbedrijven en telecombedrijven, zodat burgers minder vaak met opengebroken straten zitten. Op de jaarlijkse Rioneddag stelde Gastkemper dat met de energietransitie en de aanleg van het G5-internet er zoveel tegelijk op de agenda staat, dat samenwerking met andere partijen noodzakelijk is.

De Rioneddag vond plaats op 7 februari in de Jaarbeurs in Utrecht, waar de stichting in aanwezigheid van minister Cora van Nieuwenhuizen en 650 congresgangers een nieuw logo onthulde. Het nieuwe logo bevat nu drie woorden: stad, water en mens. Gastkemper lichtte toe waarom: “Vanzelfsprekend gaat het om stedelijk waterbeheer, maar het gaat er ook om met wie en voor wie we het doen. We zijn niet meer alleen bezig met ondergronds technische voorzieningen, maar we zijn bovengronds gekomen. En hebben te maken met wat er aan de privékant van de perceelgrenzen gebeurt.” Het was de inleiding van een bijeenkomst waar het heel erg ging over ‘bovengrondse activiteiten’, zoals stresstesten, energietransitie, wijkplannen en straatberaad.

Minister wil landelijk beeld wateroverlast
In haar openingstoespraak ging minister Cora van Nieuwenhuizen in op stresstesten die gemeenten en waterschappen nu samen uitvoeren. “We zijn ambitieus: eind 2020 wil ik voor het hele land in beeld hebben hoe we de kwetsbare plekken gaan aanpakken”, stelde de bewindsvrouw. Ze wil weten wat er in steden gebeurt als er een extreme regenbui valt. Waar treedt onacceptabele overlast of schade op? De rioolafvoer is standaard gedimensioneerd op een afvoer van 20 mm per uur, maar bij een extreme regenbui kan de af te voeren hoeveelheid regenwater makkelijk oplopen tot 60-80 mm. Het overtollige regenwater moet bovengronds een weg vinden naar de grachten en vijvers in de stad. Aan de hand van een stresstest proberen gemeenten zicht te krijgen op plekken waar het excessieve regenwater niet snel genoeg weg kan.

Vragen uit de zaal over de stresstest
Net als op de Rioneddag vorig jaar, wilden de congresgangers weten hoe de stresstest zich verhoudt tot de wettelijke zorgplicht bij gemeenten voor de riolering. De stresstest maakt immers de locaties zichtbaar waar zich overlast kan voordoen en gedupeerden zouden gemeenten erop kunnen aanspreken maatregelen te nemen. Kan de stresstest invloed hebben op de huiswaarden als gemeenten hun wateroverlastkaarten publiceren, zo luidde een vraag uit de zaal.

Een jaarlijks terugkerende vraag op de Rioneddag: hoe verhoudt zich de stresstest tot de zorgplicht? Volgens Gert Dekker van Ambient geeft een stresstest een objectief beeld en geeft deze geen oordeel over wat een gemeente wel of niet zou moeten doen (foto: Jac van Tuijn).

Bij standaardisatie bewust gekozen voor extreme bui
Directeur Gert Dekker van Ambient gaf een toelichting op de verdiepende stresstest die onlangs in de vorm van een bijsluiter is gepubliceerd op de website Ruimtelijk Adaptatie. Dekker heeft het afgelopen jaar met zijn bureau gewerkt aan de verdere standaardisatie van de stresstest. Hij gaf aan dat heel bewust is gekozen voor een extreme regenbui die zich maar eens in de 1000 jaar voordoet. “Het maakt de kwetsbaarheid zichtbaar en dat is precies waar de stresstest voor is bedoeld.” Dekker wees erop dat 1:1000 minder extreem is dan het lijkt: “In Munster en Kopenhagen zijn deze buien recentelijk gevallen. Daarom is het goed erbij stil te staan welke ontwrichting er dan kan optreden.” Verder wees hij erop dat de stresstest objectief is en geen oordeel geeft of een gemeente wel of niet maatregelen moet treffen. Dat komt volgens hem pas aan orde als de gemeente gaat kijken welke overlast ze wel en welke ze niet acceptabel vindt.

Elke warmtebron is nodig, ook die van het riool, zo stelde Reinier Romijn van de Unie van Waterschappen (foto: Jac van Tuijn).

De potentie van TED, TEO en TEA
Reinier Romijn van de Unie van Waterschappen gaf een presentatie over de enorme warmtepotentie van het drinkwater (TED), afvalwater (TEA) en het oppervlaktewater (TEO). De in de rioleringswereld gangbare aanduiding ‘riothermie’ schoof hij onder het kopje ‘thermische energie uit afvalwater (TEA)’ en hij riep de aanwezige rioleurs op om met verenigde krachten samen met de waterschappen het warmte- en koude-energiepotentieel voor de maatschappij beschikbaar te maken. “We hebben ons als waterschappen nooit gerealiseerd dat water in potentie kan voorzien in 50 procent van de hele Nederlandse warmtevraag”, aldus Romijn. Inmiddels werken de waterschappen mee om in 30 regio’s de alternatieve mogelijkheden voor de opwekking en verdeling van warmte in kaart te brengen. Waar voorheen nog 100 m als grens gold voor het efficiënt transporteren van warmte, is dat door nieuwe technieken inmiddels al 1 km geworden. Dat brengt omliggende grachten en vijvers binnen bereik als warmte-koudebron. Romijn meldde dat waterbeheerders en het Rijk aan een Green Deal werken. Voor de functie van het waterschap als warmteleverancier werd de naam ‘energieschap’ gesuggereerd.

Rionedprijs ging naar slimme app
De jaarlijkse Rionedprijs ging naar Riox van Adaptivity, Rio Brabant en de gemeente Oosterhout. Riox is een app voor het inmeten en delen van revisiegegevens van huis- en kolkaansluitingen. Opmerkelijk is dat de app geen gebruikmaakt van GPS, waardoor het een eenvoudige tool blijft. “De inlaat wordt ingemeten vanaf een rioolput en van daaruit wordt de aansluitleiding verder getekend”, vertelde Stefan Pols van Adaptivity. Volgens Peter van Tilburg van de gemeente Oosterhout zijn papieren werkbonnen overbodig geworden: “Alle gebruikte materialen zijn al ingevoerd. Dat scheelt ook in administratie en facturering.”

Stefan Pols van Adaptivity (rechts) en Peter van Tilburg (links) van de gemeente Oosterhout nemen de Rionedprijs 2019 in ontvangst voor hun Riox-app, voor het inmeten van rioolrevisies (foto: Jac van Tuijn).