De afgelopen jaren kampte de Rijn vaker met lage afvoeren (foto Niko Wanders).

De afvoeren van de Rijn en de Maas zijn laag voor de tijd van het jaar. Volgens de Landelijke Coördinatiecommissie Waterverdeling (LCW) is de kans groot de Rijn in mei start met afvoeren die onder het LCW-criterium liggen. De LCW verwacht dat de Rijnafvoer daarna weer iets beter op peil zal komen.

Volgens Alphons van Winden van Waterpeilen zijn de lage afvoeren van de Rijn te wijten aan een gebrek aan neerslag in het stroomgebied en sneeuw in de Alpen die nog niet wil smelten. ‘Dagelijks daalde het peil bij Lobith met ruim 5 centimeter en zondag werd voor het eerst dit jaar de 8 meter onderschreden, dat is ca 50 centimeter lager dan een week geleden. De afvoer daalde van 1600 naar 1350 m3/s. Dat is ruim onder de gemiddelde waarden voor deze tijd van het jaar, want die bedragen respectievelijk 9,5 m +NAP en 2300 m3/s.’ De neerslag die op 28 en 29 april gaat vallen zal voor een klein beetje extra water zorgen en dat is voldoende om de daling te temperen. Daarna wordt het weer droog, maar dan is er water vanuit de Alpen en Zuid-Duitsland onderweg dat de waterstand stabiel zal houden tot in de eerste dagen van mei.

Maas

Na een heel klein golfje is de Maas de afgelopen week weer snel gedaald en de afvoer bij Maastricht bedraagt nog ongeveer 125 m3/s. Volgens Van Winden is dat niet extreem laag. ‘In 2011 en 2017 bedroeg de afvoer in deze tijd van het jaar soms maar 50 m3/s. Opvallend is wel dat de Maasafvoer al voor het vijfde jaar op rij erg laag is in het voorjaar. Dat maakt de kans groter dat de afvoer ook in de zomer aan de lage kant blijft. De Maas is daar gevoeliger voor dan de Rijn. De Rijn heeft namelijk de Alpen als appeltje voor de dorst en dit hooggebergte zorgt in de periode mei t/m juli voor relatief veel smeltwater en in hoogzomer vallen er ook vaak zware buien, waardoor de Rijn in de zomer vaak weer opveert. De Maas profiteert niet van extra aanvoer in het groeiseizoen en als de afvoer in april eenmaal laag is, veert hij maar zelden op.’