Op 11 oktober praat de Unie van Waterschappen verder over de herziening van het stelsel voor de waterschapsbelastingen (foto: Pixabay).

In de aanloop naar de ledenvergadering van de Unie van Waterschappen over aanpassing van het waterschapsbelastingenstelsel, doet de Algemene Waterschapspartij voorstellen voor een andere verdeling van de waterschapslasten. De partij wil drie knelpunten op de agenda: een nultarief voor natuur, ontkoppeling van de tarieven voor huishoudens, bedrijven en boeren, en onderscheid tussen bedrijfsgebouwd en woningen.

Op 11 oktober komen de leden van de Unie van Waterschappen bij elkaar om verder te praten over de voorstellen van de Commissie Aanpassing Belastingstelsel (CAB). Dat overleg is in een impasse geraakt, toen bleek dat een deel van de leden de CAB-voorstellen veel te ver vond gaan. In eerste instantie is de discussie over de waterschapsverkiezingen heengetild, maar begin juli bleken de standpunten nog dusdanig ver uit elkaar te liggen dat Unievoorzitter Rogier van der Sande besloot de belastingherziening voorlopig ‘on hold’ te zetten. “Het was een majeure stelselwijziging, in een poging het nog beter te krijgen. Maar de reactie van de meeste waterschappen was: het is te veel. We moeten even pas op de plaats maken”, aldus Van der Sande.

Mogelijk ‘beperktere scope van de aanpassing’
De Unie van Waterschappen besloot dat in de ledenvergadering van 11 oktober verder wordt gesproken over de scope en het proces van de gewenste aanpassing van het belastingstelsel. “Het is dus niet zo dat de aanpassing van het belastingstelsel van de baan is”, liet de Unie in juli weten. “Wel kan het zo zijn dat er in de ledenvergadering wordt besloten tot een beperktere scope van de aanpassing.” De Algemene Waterschapspartij (AWP) vreest nu dat hiermee het kind met het badwater wordt weggegooid en pleit voor een klein pakket van aanpassingen om de verdeling van de waterschapslasten eerlijker te maken.

‘Hopeloze kluwen van verschillende regelingen’
“De watersysteemheffing is nu een hopeloze kluwen van verschillende regelingen”, zegt partijsecretaris Hans Middendorp, die zich voor de AWP heeft toegelegd op het dossier waterschapsbelastingen. “Eén van de uitgangspunten bij de hervorming van het belastingstelsel is juist dat het belang van de belastingbetalers bij de waterschapsvoorzieningen beter tot uiting moet komen in de tarieven.” Hij geeft een voorbeeld: “Een woning van 250.000 euro en een loods van 250.000 euro worden voor precies hetzelfde bedrag aangeslagen door het waterschap. Terwijl in die loods wel voor 10 miljoen aan ict-apparatuur kan zijn opgeslagen, die bij wateroverlast in één klap waardeloos is geworden. Zo’n bedrijf heeft dus ook een veel groter financieel belang bij droge voeten. Het kan ook anders: bij de gemeentelijke belastingen is het tarief over de WOZ-waarde voor bedrijven drie tot vier keer hoger dan voor woningen. Waarom ook niet bij de waterschapsbelastingen?”

Vrees voor uitkleden van het Gebiedsmodel
Net als de AWP vreest ook waterschapspartij Water Natuurlijk dat veel waardevolle voorstellen van de CAB nu in een stoffige lade terechtkomen. Met name vreest Water Natuurlijk voor het uitkleden van het zogeheten Gebiedsmodel, een kostentoedelingsmethode die is gebaseerd op de aard van het beheergebied van een waterschap en de voorzieningen die een waterschap aan de betalende categorieën biedt. Zo is het belang van de categorie Ingezetenen groter in een gebied met een hoge inwonerdichtheid dan in een gebied met een lage inwonerdichtheid. In het laatstgenoemde gebied zal het belang van de categorie Ongebouwd waarschijnlijk juist groter zijn. In een eerder gesprek met WaterForum zei Jan Nieuwenhuis, voorzitter van de belastingwerkgroep van Water Natuurlijk, al dat de voorstellen van de CAB nu veel te snel dreigen te worden afgeserveerd. “Erg jammer, want het Gebiedsmodel, gebaseerd op het rechtvaardigheidsbeginsel, verdient het om serieus te worden genomen”, aldus Nieuwenhuis.

Alternatief: ontkoppeling van tarieven Ingezetenen, Gebouwd en Ongebouwd
De AWP heeft in een brief aan de Unie van Waterschappen een alternatieve oplossing voorgesteld. Het idee is dat elk waterschap voortaan zelf mag bepalen – binnen een landelijke bandbreedte – hoe de watersysteemheffing wordt verdeeld over huishoudens, bedrijven en boeren. ‘Zo krijgt elk waterschap drie knoppen om aan te draaien’, schrijft de AWP in de brief. ‘Daarmee kan elk waterschap een eigen afweging maken, die recht doet aan de eigen situatie: wel/niet veel inwoners, wel/niet veel boeren, wel/niet veel bedrijven. In het huidige stelsel is het nog zo dat een verhoging van de watersysteemheffing bij Ingezetenen automatisch leidt tot een verlaging van de watersysteemheffingen voor Ongebouwd en Gebouwd samen, en omgekeerd. Dit automatisme is een systeemfout met ongewenste neveneffecten. Ontkoppeling sluit ook aan bij de eerdere voorstellen van de CAB. Het is nodig dat voor elk van de genoemde categorieën een passend tariefbeleid gevoerd kan worden.’

Nultarief voor categorie Natuur
Het derde punt dat de AWP graag op de agenda van 11 oktober wil hebben, is een nultarief voor de categorie Natuur. “Natuurterreinen moeten waterschapsbelasting betalen terwijl bijvoorbeeld de waterschappen in het oosten en zuiden van Nederland vaak maar heel weinig tegen verdroging kunnen uitrichten”, stelt AWP-voorzitter Ron van Megen. “De opbrengst van de heffing op Natuur is ook verwaarloosbaar: landelijk gemiddeld slechts 30 cent per elke ontvangen 100 euro voor het watersysteem. Laten we stoppen met dat rondpompen van geld. Natuur wordt betaald uit subsidies en donaties van inwoners. Natuur is een algemeen belang en die paar dubbeltjes helpen de waterschappen ook niet.”