stikstofregels

Voor 40 procent van de projecten van waterschappen om de waterkwaliteit te verbeteren is er emissieloos materieel nodig voor een stikstofvergunning. Maar dit materieel is de komende jaren nog onvoldoende voorhanden. Dit blijkt uit onderzoek dat het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB) in opdracht van de Unie van Waterschappen (UvW) heeft uitgevoerd.

De waterschappen staan voor grote opgaven op het gebied van de waterkwaliteit, onder meer om in 2027 te voldoen aan de doelstellingen van de Kaderrichtlijn Water. Vanwege de stikstofregels zal een flink deel van de projecten om de waterkwaliteitsdoelen te halen niet tijdig te realiseren zijn. Naast emissieloos materieel, vormt ook de beschikbaarheid van laadinfrastructuur een belemmering om de projecten uit te voeren, aldus het eindrapport van de EIB. De nabijheid tot Natura-2000 gebieden, en de totale uitstoot van het gebruikte materieel, bepaalt in belangrijke mate of men voldoet aan de stikstofregels. Daarnaast willen opdrachtgevers als Rijkswaterstaat, provincies en gemeenten steeds meer projecten emissieloos uitvoeren.

Voor de periode 2024-2027 gaat het om zo´n 280 projecten die de waterschappen in voorbereiding hebben, met een totale bouwsom van 1,5 miljard euro. Het grootste gedeelte hiervan is nodig voor aanpassing, uitbreiding of nieuwbouw van rioolwaterzuiveringsinstallaties. 

Emissieloos materieel nodig

De waterschappen hebben van 200 projecten aangegeven welk materieel nodig is en wat de afstand tot Natura- 2000-gebieden is. Of de stikstofuitstoot tot problemen kan leiden, hangt af van de afstand tot Natura 2000-gebieden en de totale uitstoot van het materieel tijdens de bouwfase. Bij 180 projecten is middelgroot of groot bouwmaterieel nodig. Bij ongeveer 80 projecten, verantwoordelijk voor 40% van de bouwsom, is vanwege de nabijheid van N2000-gebieden en de inzet van (middel)groot materieel, grote stikstofproblematiek te verwachten en is dus de inzet van emissieloos materieel nodig. Intern en extern salderen zijn hierbij nauwelijks mogelijk.

Tekort aan materieel

Een dreigend tekort aan groot materieel en de laadinfrastructuur is het grootste risico. Een groot deel van de projecten moet nog in 2024 worden aanbesteed. Daarbij is er ook voor waterveiligheidsprojecten veel emissieloos materieel nodig. Bij het emissieloos bouwen wordt er bij werkzaamheden veel materieel opgeladen. Dit zal zorgen voor een extra piekbehoefte aan elektriciteit. Vaak is er geen netaansluiting beschikbaar voor de aannemers door netcongestie. Als er niet genoeg laadmogelijkheden beschikbaar zijn, kunnen de projecten niet worden uitgevoerd. Dit belemmert de waterschappen in het uitvoeren van hun wettelijke taken.

Ontheffing bij ontbreken alternatieven

Een oplossing die de waterschappen graag zien is het verlenen van een ontheffing voor deze tijdelijke uitstoot, als zij aantonen dat alternatieven niet voorhanden zijn. Daarnaast is afstemming van vraag en aanbod van emissieloos materieel met marktpartijen en andere opdrachtgevers van belang, bijvoorbeeld door waar mogelijk projecten te faseren. Het aanleggen van meer laadplekken voor zwaar materieel bij zonneparken of windmolens is nodig.
De waterschappen blijven zich keihard inzetten voor schoner en gezonder water. Niet om de KRW-doelen simpelweg af te kunnen vinken, maar omdat de waterkwaliteit echt fors beter moet voor mens en natuur.