Deltacommissaris is een leuk baantje: je hebt geen politieke eindverantwoordelijkheid, maar je wordt behandeld alsof je de baas bent over het Nederlandse watermanagement. Je kan lekker lang blijven zitten en als zodanig belangrijke lijnen uitzetten. Wat zou de nieuwe deltacommissaris Co Verdaas (57) eens kunnen aanpakken?
Onlangs vroeg ik enkele hoogleraren wat de twee deltacommissarissen Wim Kuijken (2010-2018) en Peter Glas (2019-2023) volgens hen tot stand hadden gebracht; niet vage zaken als ‘overheden met elkaar verbinden’ en ‘watermanagement op de kaart zetten’, maar daadwerkelijke resultaten.
Kuijken zou in de jaren 2010 het nieuwe normendossier overeind hebben gehouden ondanks desinteresse van staatssecretaris Joop Atsma. Met als resultaat de Deltabeslissing 2015, waar de dijkenwereld nog steeds van op z’n kop staat en waar 400 miljoen euro per jaar in omgaat.
Glas schijnt in Limburg de dijkennormering hebben afgetikt. Dat is gemengd ontvangen – ze zouden te streng zijn, met hoge kosten en landschappelijke problemen tot gevolg, maar ik weet dit niet precies. Glas heeft ook flink aan klimaatadaptatie getrokken: binnendijks waterbeheer en nieuwbouw. Wat dit concreet heeft opgeleverd moet nog duidelijk worden en de specifieke rol van het Deltaprogramma hierin lijkt mij moeilijk aan te tonen.
Ik hoorde ooit dat Kuijken zou hebben gezegd dat hoe integraler men probeert te zijn, hoe minder er tot stand komt. Dat heeft mij altijd gefascineerd: inhoudelijk ben ik enorm voorstander van integraliteit. Ik begin echter steeds beter te begrijpen dat het makkelijker gezegd is dan gedaan, en ik ben oprecht blij dat sectorale lijnen in ieder geval concrete resultaten opleveren voor veiligheid, waterkwaliteit en navigeerbaarheid.
Desalniettemin lijkt mij de grote vraag of Verdaas de scope van de deltacommissaris gaat oprekken, vooral naar een integraal onderwerp waar hij gloedvol over schreef in zijn oratie als hoogleraar gebiedsontwikkeling aan de TU Delft: natuur.
Er zijn ideeën, er is geld, de civil society wil uitstootreductie en biodiversiteit: gaan met die banaan!
Zal hij stellen dat we met natuur onze veiligheid kunnen verbeteren? Dat hoor je veel, maar dat wekt bij mij altijd de bijsmaak op dat je het liefst flink in natuur zelf zou willen investeren, maar dat je daar niet voor uit durft te komen. Terwijl de tijd daar hartstikke rijp voor is: er zijn veel Kamermoties over geweest, er is geld en energie vanuit KRW, PAGW, IRM en NPLG. Dus waarom niet de komende jaren lekker de schouders er onder? Gaan met die banaan!
Wat is er te doen? Ik werk nu vijf jaar lang met veel plezier intensief met WWF, de koploper als het gaat om concepten voor natuurverbetering op nationaal niveau. We kunnen met binnendijkse zoetwateraanvoer en peilgestuurde drainage de Haringvliet Kier langer open houden. We kunnen op de bovenrivieren kappen met kappen (verticale ruimte voor riviernatuur), dijken verleggen en dijkversterking combineren met uiterwaardeherinrichting: de grote rivieren als lange linten vol bijzondere riviernatuur. Langs de kust kunnen we brede dijkzones creëren en met slim sedimentbeheer intergetijdenatuur beschermen tegen de zeespiegelstijging.
Er zijn ideeën, er is geld, in de kranten wil de civil society uitstootreductie en biodiversiteit. Wat houdt ons nog tegen? Misschien ontbreekt alleen nog een politiek zwaargewicht die ervoor durft te gaan staan.
Ties Rijcken is publicist en verbonden aan de Technische Universiteit Delft









