Zijrivier de Aare ontmoet de Rijn nabij het Duitse Leibstadt (foto: RIWA-Rijn).

RIWA-Rijn stelt voor dat vergunningverleners lozingen van meer dan 300 kilo per dag melden bij de Internationale Rijncommissie. Lidstaten en de aangesloten NGO’s kunnen zo de lozing beoordelen en advies geven. Daarnaast pleit RIWA-Rijn ervoor om in het centraal documentatiesysteem van de Rijncommissie een digitaal vergunningendossier beschikbaar te stellen. Lidstaten en NGO’s krijgen dan automatisch bericht als een dossier beschikbaar is.

In 2019 zijn in de Rijn opnieuw tientallen stoffen als industriële chemicaliën, geneesmiddelenresten, bestrijdingsmiddelen en afbraakproducten aangetroffen. Dit in hogere concentraties dan de streefwaarden van het European River Memorandum (ERM). Dit meldt RIWA-Rijn in haar jaarrapport over 2019 dat vandaag verschijnt. In dit rapport is de waterkwaliteit in het Nederlandse deel van het Rijnstroomgebied in kaart gebracht. RIWA is het samenwerkingsverband van Nederlandse drinkwaterbedrijven die oppervlaktewater, zoals rivierwater, gebruiken voor de bereiding van drinkwater.

Betere lozingsvergunningen

Gerard Stroomberg, directeur RIWA-Rijn pleitte eerder al op WaterForum online voor betere lozingsvergunningen en strengere handhaving om de concentraties ongewenste stoffen in het Rijnwater verder terug te brengen. Een nieuw element in het jaarrapport is de suggestie om lozingen van meer dan 300 kilo per dag bij de Internationale Commissie voor de bescherming van de Rijn (ICBR) te melden.

“Wij spreken regelmatig met de gedelegeerden van de commissie”, zegt Stroomberg. ‘De Rijncommissie speelt hier geen rol in’, krijgen wij dan meestal vrij snel te horen.” Hij snapt dat de Rijncommissie als zodanig geen rol kan spelen. “RIWA-Rijn vraagt alleen of de commissie als een doorgeefluik wil functioneren. Ze hoeft zich niet zelf over de vergunningen te buigen. Dat blijft de taak van de vergunningverlener.”

Marc Daniel Heintz, secretaris van de Rijncommissie laat weten dat het voorstel nieuw voor hem is en eerst in de werkgroep ‘waterkwaliteit/emissies’ zou moeten worden besproken. Daarna moet het waarschijnlijk ook nog aan bod komen in de strategiegroep. “In een internationale commissie moeten voorstellen eerst met de negen landen worden besproken, voor beslissingen worden genomen”, aldus Heintz.

Positieve ontwikkeling

Het jaarrapport signaleert verder een positieve ontwikkeling in Nederland. Zo zijn de gevolgen van een lozing voor de drinkwaterinname in zowel de algemene beoordelingsmethodiek (ABM) als in de emissietoets beter verankerd in het vergunningenproces. RIWA-Rijn is ook blij dat Rijkswaterstaat in het project ‘Bezien lozingsvergunningen’ voor 66 bestaande lozingsvergunningen heeft gekeken of ze wel actueel, adequaat en volledig zijn.

Een volgende stap zou zijn dat Rijkswaterstaat op een slimme manier alle (ongeveer 800) vergunningen de komende jaren gaat controleren. RIWA-Rijn ziet graag dat dit ook gebeurt met de door regionale overheden afgegeven vergunningen voor zowel directe als indirecte lozingen op de gehele Rijn.

Wanneer de aanvragers van vergunningen, de vergunningverleners en de drinkwatersector meer met elkaar samenwerken en actief onderling informatie uitwisselen, dan kan dat niet alleen leiden tot beter wederzijds begrip, maar ook tot relevantere lozingseisen. Deze les wil RIWA-Rijn trekken uit de meest geavanceerde en misschien wel de meest omvangrijke lozingsvergunning van Europa, waarin meer dan 600 stoffen worden gereguleerd: de vergunning van Sitech Services op industrieterrein Chemelot in Zuid-Limburg.

Vergunning ligt ter inzage

Het vergunningenproces is doorlopen en de vergunning ligt tot medio september ter inzage, weet André Bannink, beleidsadviseur RIWA. “Iedereen kan dan een zienswijze indienen om bepaalde onderdelen van de vergunning eventueel te laten wijzigen. Dat gebeurt onder meer collectief door de drie drinkwaterbedrijven aan de Maas: WML, Evides en Dunea.” Het is volgens Bannink een enorme winst ten opzichte van de vorige vergunning dat de eigenschappen en het effect van zo’n 600 stoffen nu veel duidelijker in kaart zijn gebracht. “Alle commotie rond de pyrazoollozingen en andere stoffen hebben ervoor gezorgd dat er een veel beter overleg is tussen drinkwaterbedrijven en Sitech Services. Het is nu duidelijker voor alle partijen waar de drinkwaterbedrijven last van hebben. Ook zijn de meetresultaten van de drinkwaterbedrijven en Sitech Services nu veel beter met elkaar te vergelijken door het gebruik van dezelfde meettechnieken, zoals screening en biomonitoring.”

Veel complimenten

Vooralsnog worden vooral complimenten uitgedeeld, niet alleen aan Waterschap Limburg voor het proces, maar ook in het nieuwe jaarrapport van RIWA-Maas. “Wij zien dit als schoolvoorbeeld van harmonieuze samenwerking en wederzijdse transparantie die zal leiden tot verbeterde vergunningverlening. Ook het structureel inbedden van een kwaliteitsslag, zodat het bezien van vergunningen een cyclisch proces wordt, is een belangrijke stap in de goede richting. RIWA juicht toe dat er meer wordt geïnvesteerd in het aantrekken en opleiden van vergunningverleners, zodat die hun vak ook in de toekomst goed kunnen uitvoeren.”