derogatie-mest-uitrijden

De derogatie, de Europese uitzondering voor Nederlandse boeren om meer mest te mogen uitrijden, lijkt te verdwijnen vanaf volgend jaar. De onderhandelingen lopen nog, maar NOS en ANP melden dat een verlenging onwaarschijnlijk lijkt. Ook het uitgekomen RIVM-rapport, waarin staat dat in het zuidelijk en oostelijk deel van de zandgebieden de nitraatconcentratie hoger dan de norm blijkt te zijn, is een tegenvaller bij de onderhandelingen in Brussel voor minister Staghouwer van LNV.

Eind vorig jaar bleek al dat Brussel onvoldoende overtuigd is dat Nederland met het ingediende 7e actieprogramma Nitraatrichtlijn alle doelen voor de Kaderrichtlijn Water zal halen. Voormalig minister Schouten liet in september weten dat er meer maatregelen nodig zijn om de doelen voor oppervlaktewater kwaliteit te halen.
Minister Henk Staghouwer van LNV zet bij de onderhandelingen in Brussel in op een verlenging van de derogatie, een nieuwe beschikking voor vier jaar en een derogatie voor 2022 op hetzelfde niveau als afgelopen jaren. Voorts wenst de bewindsmand geen tussentijdse interventies vanuit de Europese Commissie in de gebiedsgerichte aanpak gedurende de looptijd van de beschikking.

Nitraatconcentraties

Om de waterkwaliteit in de zuidelijke en oostelijke deel van de zandgebieden en de lössregio weer te herstellen, worden er maatregelen beschreven in het 7e actieprogramma Nitraatrichtlijn. Ook wordt de noodzaak hiertoe duidelijk in het recent uitgekomen RIVM-rapport dat een hogere nitraatconcentratie dan toegestaan volgens de norm constateert in de zuidelijke en oostelijke zandgronden. De stijging van de gemeten nitraatconcentraties is volgens het RIVM waarschijnlijk te wijten aan de gevolgen van de landelijke droogte in 2018 en ook de regionaal aanhoudende droogte in 2019 en 2020. Door droogte treedt er minder denitrificatie op, waardoor minder nitraat kan worden afgebroken. Daardoor spoelt er meer nitraat uit naar het grond- en oppervlaktewater.
De RIVM-rapportage is een tegenvaller voor landbouwminister Staghouwer die momenteel met Brussel onderhandelt over verlenging van de derogatie.

Nationaal Programma Landelijk Gebied

Voor het kabinet zou een onmiddellijk verlies van de derogatie een zware domper betekenen voor het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG), dat het kabinet met een startnotitie aankondigde op 10 juni. Met deze gebiedsgerichte aanpak moeten, naast het stikstofprobleem, ook de klimaat- en waterdoelen worden bereikt. Hiervoor heeft het kabinet 24,3 miljard euro beschikbaar gesteld.
Het verlies van derogatie zal het moeilijker maken om de plannen goed uit te voeren en het zal ook voor nieuwe spanningen in de relatie met boeren kunnen zorgen. Veehouders moeten dan de mest afvoeren in plaats van over het land uitrijden, dat kost zo duizenden euro’s extra per jaar.

Brief Minister: mogelijk meer stikstofverliezen bij verval derogatie

Minister Staghouwer informeert met zijn brieven op 7 en 8 juli zowel de Eerste als Tweede Kamer over de gevolgen van het niet verlengen van de derogatie op de uitvoering van het NPLG-programma. Staghouwer: “Het effect op de waterkwaliteit van het niet verkrijgen van een derogatie is moeilijk precies te voorspellen. Het gebruik van dierlijke mest zal afnemen, maar omgekeerd zal het gebruik van kunstmest toenemen. Bij stijgende mestafzetkosten en regionale overschotten van dierlijke mest, neemt het risico op overbemesting en fraude toe. Het vervallen van de derogatievoorwaarde om 80% van de oppervlakte grasland te hebben, kan leiden tot het scheuren van grasland. Dit kan gepaard gaan met grotere stikstofverliezen naar grond- en oppervlaktewater. Scheuren van grasland heeft ook een negatief effect op CO2 vastlegging in de bodem. Ook vanuit de optiek van milieukwaliteit is het niet verkrijgen van een derogatie ongunstig.”
Eerder liet belangenvereniging LTO weten dat derogatie ook in het belang van het milieu is: de waterkwaliteit zou gemiddeld beter zijn op derogatiebedrijven.

Het al dan niet verkrijgen van een derogatie heeft geen invloed op de doelstellingen van het NPLG, aldus de minister. Vanaf half juli verwacht de Europese Commissie met een uitspraak te komen.