schadevergoedingen
Foto: Tweede Kamer

De Tweede Kamer is bezorgd over het uitblijven van schadevergoedingen – op grond van de Wet tegemoetkoming schade bij rampen (WTS) – aan gedupeerden van de Limburgse wateroverlast. De vraag over de verzekerbaarheid tegen extreme regenval en overstromingen speelt weer op. Betrokkenen zeggen nog geen enkele vergoeding van het Rijk te hebben gekregen. Verzekeraars zouden al wel vergoedingen hebben uitbetaald.

De Tweede Kamer had op 11 november een rondetafelgesprek met een aantal experts georganiseerd over het hoogwater in Limburg in juli. Naast drie getroffenen had de Kamer ook twee verzekeringsexperts uitgenodigd en drie waterbouwkundigen. De Kamerleden toonden zich met name geïnteresseerd in de verzekeringskwesties, en de rol van de particuliere verzekeraars en het vangnet van het Rijk met de WTS-tegemoetkoming.

Teleurgesteld

De getroffenen waren heel teleurgesteld in de schadevergoedingen en spraken over de stroperigheid van de procedures om tot uitbetaling te komen. Van de ruimhartige aanwending van de WTS-regeling, waartoe premier Rutte direct na de watersnood opriep, was volgens beide sprekers geen sprake. Bestuurslid Fer van de Winkel van Stichting Kasteelhoeve Hartelstein vertelde hoe de hoeve in de uiterwaarde van Itteren al snel een halve meter onder water stond en hij een schade kon optekenen van 138.000 euro. Ieder kwartaal betaalt zijn stichting 4000 euro verzekeringspremie, maar de waterschade bleek niet gedekt. Onduidelijkheid is ontstaan over de oorzaak van de schade. Komt die van de Maas of van de Geul? In dit specifieke geval speelt volgens Van de Winkel het verschijnsel dat door de hoge waterstand op de Maas het water in de Geul stroomde, zodat de zijrivier is gaan ‘terugstromen’. Voor schade door het water van de Geul moet hij bij de verzekeraar zijn, voor schade door het water van de Maas bij de WTS-regeling. De verzekeraar wees de schadeclaim af en de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO), die de WTS-regeling uitvoert, is nog aan het uitzoeken welke schade wel en welke niet onder de regeling valt. Een voorschot heeft hij niet ontvangen

Onduidelijkheid bij taxateurs

Ook agrariër Suzanne Grötz schetste een beeld van onduidelijkheid bij taxateurs over welke schade wel en welke niet is gedekt. Die onduidelijkheid heeft er ook bij haar toe geleid dat nog niets is uitgekeerd. Haar hele zomeroogst is vernield en ze heeft tot de volgende zomer geen inkomen.

Nog steeds in vakantiehuizen

Burgemeester Daan Prevoo van Valkenburg bracht de 400 miljoen euro schade in zijn gemeente bij de Kamerleden onder de aandacht. En liet weten dat 1600 woningen gemiddeld 50.000 euro schade hebben opgelopen en dat 700 gezinnen nog steeds in vakantiehuizen wonen. Prevoo riep de Kamerleden op te hulp te schieten bij de uitvoering van de WTS-regeling. De Valkenburgers wachten nog steeds op schadevergoedingen. “We zijn drie maanden verder en er is nog geen euro uitgekeerd”, zei hij. De vertraging heeft volgens hem te maken met het feit dat eerst de reguliere verzekeraars hun werk doen en pas daarna de WTS. Prevoo zei de indruk te hebben dat de WTS-regeling eerder wordt ‘dichtgetimmerd’ dan dat er sprake zou zijn van een coulante houding m.b.t. de schadevergoedingen.

Uitleg over onverzekerbaarheid

Namens het Verbond voor Verzekeraars gaf directeur Geeke Feiter uitleg bij de onverzekerbaarheid van bepaalde waterschade. Daar waar sprake is van wateroverlast door extreme regenval, is volgens haar door bij het verbond aangesloten verzekeraars al 70 procent van de particuliere claims afgehandeld en resten alleen nog de complexere (zakelijke) gevallen. De schade door overstromingen van de uiterwaarden en primaire keringen blijft in Nederland onverzekerbaar. Het verbond wil graag met de regering in overleg over de verzekerbaarheid voor waterschade door primaire keringen.

Beurspolissen

Feiter wees de Kamerleden erop dat veel bedrijven slecht verzekerd waren. Volgens haar ging het daarbij om beurspolissen die vaak vanuit het buitenland worden aangeboden. Het gaat dan om internationaal opererende makelaars die kijken welke dekking nodig is en op zoek gaat naar verzekeraars die het risico willen afdekken, legde ze uit. De makelaar is verantwoordelijk voor de polis, maar is bij schadeclaims afhankelijk van die marktpartijen. Deze makelaars staan volgens haar onder veel minder toezicht dan de reguliere Nederlandse verzekeraars. Navraag bij de leden van het verbond, leerde volgens Feiter dat Nederlandse verzekeraars eisen aan de ondernemers stelden op het gebied van de preventie. Ondernemers die dergelijke eisen niet wilden, zijn op de beurspolissen uitgekomen.

Overheidsinstanties missen ervaring

Hoogleraar verzekeringsrecht Michael Faure van Universiteit Maastricht ging in op de gebreken van de WTS-regeling. Die zal in zijn ogen altijd stroef verlopen, omdat overheidsinstanties de ervaring missen die de verzekeraars wel hebben. De laatste keer dat de WTS van toepassing is verklaard, is tien jaar geleden en veel kennis en ervaring met het uitkeren van schadevergoedingen is grotendeels verdwenen, schetste de hoogleraar. Verder zorgt het bestaan van de WTS-regeling ervoor dat als vanzelfsprekend wordt gerekend op een schadevergoeding en er geen preventiemaatregelen meer worden getroffen. Daarnaast wordt de verzekeringswereld geblokkeerd in het ontwikkelen van nieuwe producten.

Verplichte verzekering

Faure haalde aan hoe het in Frankrijk, België, Noorwegen en België is opgelost, waar de overheid verzekeringen uit de markt faciliteert. Het grote voordeel hiervan is dat verzekeraars hun premies kunnen differentiëren al naar gelang het overstromingsrisico. De verzekeraars kunnen eisen stellen, waardoor polishouders gestimuleerd worden om waterschade te voorkomen. De lage waarschijnlijkheid van een overstroming maakt dat er weinig vraag is naar een goede verzekering. Faure haalde voorbeelden aan uit de VS, waar gedupeerden direct na een overstroming zich wel verzekerden, maar na enkele jaren hun verzekering weer opzegden. Daarom roepen de verzekeraars volgens de hoogleraar op tot een verplichte verzekering, zodat de kleine en grote risico’s samenkomen. Ook vragen de verzekeraars een dekking van de overheid als de schade zo groot is dat ook de limieten van de herverzekeraars worden overschreden. Volgens Faure is dat een veel slimmere tussenkomst van de overheid dan de WTS-regeling. Hij pleit ervoor dat, net als in Frankrijk, de Nederlandse overheid een extra herverzekering aanbiedt en daarvoor ook een premie in rekening brengt.

Het hele rondetafelgesprek is terug te zien op de website van de Tweede Kamer.