Een stroomstoring bij de Stevinsluizen in de Afsluitdijk zorgde er op zondag 1 maart voor dat een grote hoeveelheid zout water vanuit de Waddenzee het IJsselmeer binnenstroomde. Rijkswaterstaat richt zich nu op het zo snel mogelijk terugdringen van de verzilting. Maar hoe doe je dat eigenlijk?
Door een stroomstoring op zondagmiddag 1 maart konden de spuideuren van de Stevinsluizen bij Den Oever tijdelijk niet worden bediend. Bij hoogwater op de Waddenzee stroomde daardoor een grote hoeveelheid zout water het IJsselmeer in. Pas zondagavond, vlak voor middernacht, kon het spuicomplex weer worden gesloten
Verhoogd zoutgehalte
Hoewel de instroom door gunstige weersomstandigheden geen gevolgen had voor de waterveiligheid, leidde het incident wel tot een verhoogd zoutgehalte in het IJsselmeer. Dat is onwenselijk, zowel voor de natuur als voor de drinkwatervoorziening. De drinkwaterinlaat bij Andijk, van drinkwaterbedrijf PWN, liet overigens geen verhoogde concentraties zien.
Spuien bij eb
De kernvraag is: hoe krijg je zo’n ‘zoutbel’ zo snel mogelijk weer het IJsselmeer uit? Rijkswaterstaat zet daarvoor het beproefde principe van spuien bij eb in. Bij eb staat het waterpeil aan de Waddenzeezijde lager dan in het IJsselmeer. De spuideuren worden dan geopend, waardoor het water onder vrij verval naar zee stroomt, hetzelfde principe waarmee normaal gesproken overtollig water uit het IJsselmeer wordt afgevoerd.
In dit geval heeft Rijkswaterstaat het spuibeheer bij Den Oever tijdelijk geïntensiveerd: vaker en langer spuien bij eb, om de verhoogde zoutconcentratie zo snel mogelijk terug te brengen naar normale waarden.
Zoet water
Wat in dit geval helpt, is de continue aanvoer van grote hoeveelheden zoet water via de IJssel. Dat zoete water duwt de zoutbel als het ware richting de sluizen bij Den Oever en Kornwerderzand, waar het bij eb gespuid kan worden. Daarbij speelt nog een natuurkundig principe een rol. Zout water is zwaarder dan zoet water en zakt naar de bodem. Daardoor kan het relatief gericht worden afgevoerd via de spuiopeningen. De combinatie van voldoende zoetwateraanvoer en gericht spuien bij eb maakt dat de verzilting naar verwachting relatief snel kan worden teruggedrongen.
Monitoring
Rijkswaterstaat monitort de ontwikkeling van het zoutgehalte met behulp van meetpunten in het IJsselmeer. De aandacht ligt nu volledig op het terugdringen van de verzilting. Het spuicomplex bij Den Oever functioneert inmiddels weer normaal.










