
Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) wil de zoetwaterbeschikbaarheid voor de toekomst zoveel mogelijk waarborgen. Om het watertekort niet te laten toenemen, is de opgave voor Hollands Noorderkwartier om zo’n 45% van de huidige zoetwatervraag in de droogste periode beschikbaar te maken. Het programmaplan zoetwaterbeschikbaarheid ligt vanaf 18 augustus in ontwerp ter inzage en ziet toe op de inzet in de eerste periode van 2025-2033.
In 2050 is de verwachte kans op een watertekort aanmerkelijk groter dan nu, aldus het waterschap. Volgens de landelijke Deltascenario’s zal de kans op watertekort van nu, eens in de 20 jaar, toenemen naar eens in de 5 jaar of vaker. De doelstelling van het programma zoetwaterbeschikbaarheid is dan ook om het beheergebied van Hollands Noorderkwartier in 2050 weerbaar te maken tegen watertekorten. In het programmaplan staan de opgave en ambitie, de voorgenomen aanpak en de speerpunten voor de komende acht jaar voor zoetwaterbeschikbaarheid beschreven. Het programma is gebouwd rond vier hoofdthema’s: watervraag- en aanbod, grondwater, verzilting en veenweidegebieden.
Centraal staat de opgave om 45% extra zoetwater beschikbaar te hebben in pieksituaties in de toekomst, bedoeld voor peilhandhaving, de landbouw en nieuwe watervragers zoals vernatting van veenweidegebieden.
Toekomstige watertekorten
Hoogheemraad Jos Beemsterboer: ‘’Met name in het voorjaar en de zomer kan er te weinig zoetwater beschikbaar zijn om alle gebruiksfuncties te blijven faciliteren. Het is nu tijd om daar samen met onze partners iets aan te doen. Ook dit jaar is erg droog. Om te voorkomen dat we in de toekomst vaker zoetwatertekorten krijgen en onttrekkingsverboden moeten instellen, werken we aan een breed palet aan maatregelen om Noorderkwartier weerbaarder te maken tegen toekomstige watertekorten.’’
Aanpak en speerpunten
Er zijn vijf overkoepelende speerpunten voor de aanpak van het programma uitgewerkt. Dat zijn het beïnvloeden van nationaal en internationaal beleid, de doorontwikkeling van regionale prognoses voor de zoetwatervraag en het aanbod, ontwikkelen van toekomstscenario’s Hollands Noorderkwartier voor integrale afwegingen, het opstellen van een aanpak voor participatie en het betrekken van derden.
Huidig watertekort handhaven
Om het toekomstig watertekort af te laten nemen, zou het wateraanbod fors vergroot moeten worden en tegelijkertijd moet de watervraag fors verminderen. Dat lijkt voor 2050 niet realistisch en gaat ook een stap verder dan de landelijke ambities, aldus het waterschap. Daarom volgt het waterschap de ambitie om het huidige watertekort te handhaven, en niet te verkleinen.
Voldoende zoetwater
Zoetwater kan zoveel mogelijk worden aangevoerd vanuit zowel het IJsselmeergebied als in het eigen beheergebied, om de vraag te verkleinen en buffers te vergroten. Naast neerslag en de aanvoer vanuit het IJsselmeer, is het grondwater een belangrijke bron van zoetwater. Duurzaam beheer van de zoete grondwatervoorraden draagt bij aan de zoetwaterbeschikbaarheid.
Grote watervragers
Verziltingsbestrijding en de veenweidegebieden zijn beide (potentieel) grote watervragers. Een belangrijke maatregel om verzilting te bestrijden is het doorspoelen van het watersysteem, een maatregel die veel zoetwater vraagt. Gericht accepteren van, enige mate van, verzilting kan de watervraag aanzienlijk verminderen. De veenweidegebieden zijn potentieel een grote watervrager als die gebieden van meer water moeten worden voorzien, vanuit de Klimaatopgave.
Opgave 45% extra zoetwater
Om de kans op watertekort naar de toekomst niet te willen laten toenemen, is de opgave die voor Hollands Noorderkwartier ontstaat zo’n 45% van de huidige watervraag in de droogste periode. Deze opgave bestaat voornamelijk uit drie aspecten die ongeveer gelijk verdeeld zijn: het watersysteem voor peilhandhaving, de landbouw voor beregening en het tegengaan van verzilting en nieuwe watervragers door met name potentiële vernatting van veenweidegebieden.
Verdringingsreeks
Een toenemende kans op watertekort betekent dat de verdringingsreeks vaker in werking treedt, voor HHNK is dit uitgewerkt in de Strategie Waterverdeling. Gebruiksfuncties als landbouw en scheepvaart worden op zo’n moment als eerste ‘gekort’. Dit betekent dat het schutten van schepen bij sluizen wordt beperkt of gestopt. Ook gaat er dan voor de landbouw een geheel of gedeeltelijk wateronttrekkingsverbod gelden, zodat gewassen bijvoorbeeld niet kunnen worden beregend. In veenweidegebieden kunnen uitzakkende waterpeilen de veenoxidatie versterken, waarbij extra broeikasgassen vrijkomen en de bodem sneller daalt.
Zoetwaterbuffer IJssel- en Markermeer ontoereikend
In 2021 is een stresstest uitgevoerd vanuit het landelijke Deltaprogramma voor de noordelijke regio. Daarmee werd duidelijk dat de huidige zoetwaterbuffer in het IJssel- en Markermeer in de toekomst ontoereikend zal zijn om aan de toenemende regionale watervraag van Noord-Nederland, waaronder Hollands Noorderkwartier, te voldoen. Uitbreiding van de zoetwaterbuffer in het IJssel- en Markermeer is onzeker. Dat maakt dat ook regionale inzet in het beheergebied van HHNK nodig is.
Participatie
Tot slot is er ook beweging nodig bij de andere overheden om een verantwoordelijkheid te pakken in hun (water)systemen en in de ruimtelijke ordening, aldus waterschap HHNK. Daarnaast is ook de inzet van particulieren en bedrijven nodig om bij te dragen. Het hoogheemraadschap kan de bij haar beschikbare kennis over het watersysteem inbrengen.
Ontwerp ter inzage
Inwoners en belanghebbenden kunnen zienswijzen indienen over het ontwerpprogrammaplan Zoetwaterbeschikbaarheid. Het ontwerpprogrammaplan ligt vanaf 18 augustus tot en met 29 september 2025 ter inzage, zoals aangekondigd in het Waterschapsblad.









