Uitkoop veehouders hoort bij opties om KRW te halen

bufferstrook
De breedte van bufferstroken tussen productiegrond en sloten is een politiek strijdpunt geworden tussen de landbouw, waterbeheerders en de Europese milieucommissaris. Hier zo’n bufferstrook dit voorjaar nabij een natuurgebied in Liempde. (foto: Jac van Tuijn)

Opkoop van veehouderijbedrijven of afwaardering landbouwgronddeel maakt deel uit van het instrumentarium om integraal en gebiedsgericht de natuur-,
water en klimaatdoelen te halen. Dat geldt daarmee ook voor het behalen van de
doelen van de Kaderrichtlijn Water. Zo schrijft landbouwminister Staghouwer aan de Tweede Kamer. De precieze uitwerking hiervan is afhankelijk van gebiedsgerichte plannen die nu onder regie van provincies opgesteld gaan worden.

Het bestuurlijke proces van de herinrichting van het landelijke gebied langs de lijnen van stikstofreductie, vergroting van de biodiversiteit en het perspectief voor landbouwbedrijven die door willen, begint steeds zichtbaar te worden. De regering heeft voor de hele operatie 25 miljard euro beschikbaar gesteld. Het is nu aan de provincies om te komen tot gedragen gebiedsplannen voor landbouw, natuur en nieuwbouw.
Minister Christianne van der Wal voor Natuur en Stikstof lichtte vorige week de Tweede Kamer haar stikstofaanpak op hoofdlijnen toe. Ze hoopt dat een quick scan snel duidelijk kan maken in hoeverre een optelsom van al die toekomstige plannen kan leiden tot de nationaal gestelde reductiedoelstelling voor stikstof van 50 procent in 2030.

Waterkwaliteit

Intussen is landbouwminister Staghouwer verwikkeld geraakt in lastige correspondentie met Brussel over het wel of niet halen van de Kaderrichtlijn Water in 2027. Europees milieucommissaris Virginijus Sinkevičius wil op voorhand geen toestemming geven aan Nederlandse boeren om meer mest uit te rijden dan de Europese nitraatnormen toelaten. Deze zgn. derogatie heeft grote economische waarden voor de Nederlandse landbouw omdat de voedselproductie verhoogd. Sinkevičius wil eerst weten welke extra maatregelen Nederland gaat nemen om de hoge concentraties stikstof- en fosfaat in het oppervlaktewater terug te dringen. Daarbij gaat het met name om de te verwachte effectiviteit van bufferstroken langs sloten die gevrijwaard blijven van bemesting en bestrijdingsmiddelen. In zijn laatste brief aan landbouwminister Staghouwer vraagt de Europese milieuminister om de invoering van prestatie-indicatoren die zichtbaar moeten maken in hoeverre de waterkwaliteit verbeterd.

Opkoop landbouwbedrijven

De opkoop van landbouwbedrijven is een van de zwaarste middelen die bestuurders achter de hand hebben bij de onderhandelingen over de herinrichting van het landgebied en de herstructurering van de landbouw. Dat middel is daarmee politiek het meest omstreden. De Tweede Kamer heeft landbouwminister Staghouwer gevraagd in hoeverre de Kaderrichtlijn Water een reden kan zijn voor zo’n opkoop. In zijn beantwoording op 8 april liet Staghouwer weten dat dit zeker tot het instrumentarium behoort als uit de gebiedsanalyse blijkt dat dit nodig is om de waterkwaliteitsdoelen te halen, zo schreef hij aan de Tweede Kamer. Welke maatregel waar zal moeten worden toegepast, is onderdeel van de uitwerking van deze integrale en gebiedsgerichte aanpak. De precieze uitwerking hiervan is afhankelijk van de omstandigheden in en doelstellingen voor het gebied, aldus Staghouwer. Aanvullend liet hij weten dat de opkoop ook kan gelden voor akkerbouwbedrijven.

Lastig parket

De politieke stroomversnelling brengen waterbeheerders in een lastig parket. Onlangs zijn de 3e generatie Stroomgebiedsbeheerplannen 2022-2027 naar Brussel gestuurd met daarin de maatregelen die in 2027 moeten leiden tot een goede ecologische status voor 745 oppervlaktewateren (waterlichamen) en 23 grondwaterlichamen. De waterbeheerders zijn gehouden aan de uitvoering van die maatregelen maar zitten ook aan tafel bij de onderhandelingen over de gebiedsgerichte plannen waar het politieke zwaartepunt zal liggen op de stikstofreductie. Deels zullen de stikstofreductie en verbetering van de waterkwaliteit hand in hand gaan, maar dat zal lang niet altijd samen opgaan. Met name de voorziene schaalvergroting voor boeren die door willen gaan, kan lokaal nog steeds voor een grote stikstof en fosfaatbelasting zorgen in het oppervlaktewater.

Reactie waterschappen

De weigering van milieucommissaris Sinkevičius op voorhand de Nederlandse landbouw toestemming te geven meer mest te mogen uitrijden, zolang niet wordt voldaan aan de Kaderrichtlijn Water heeft veel politieke aandacht losgemaakt. Daarom valt bij de Unie van Waterschappen een positief geluid op te maken. De Unie is blij met de erkenning van de betrokken ministers dat het terugdringen van de stikstof en fosfaat uit- en afspoeling naar het oppervlaktewater noodzakelijk is voor de natuur in het algemeen en voor de waterkwaliteit in het bijzonder. Deze politieke erkenning op nationaal niveau versterkt de positie van de waterbeheerders aan de onderhandelingstafels bij de provincies om, naast alle andere doelen, te komen tot een betere waterkwaliteit.
De Unie pleit wel voor een meer concretere invullingen van de toekomstige gebiedsinrichting volgens het beginsel dat water en bodem sturend zouden moeten zijn. Verder vraagt de Unie meer aandacht voor de extra ruimtelijke vraag voor het bergen van water bij toenemende weersextremen als gevolg van de klimaatverandering.

Reactie drinkwaterbedrijven

De drinkwaterbedrijven staan veel gereserveerder in de recentere politieke ontwikkelingen en de aangekondigde plannenmakerij. Zij zijn nog steeds erg bezorgd over de overschrijdingen van stikstofnormen in waterwingebied. Vewin is bang dat de onderhandelingen over de gebiedsplannen gaan leiden tot concessies. De koepelorganisatie herinnert daarom aan de harde afspraken zijn gemaakt over de vermindering van stikstofemissies in grondwaterwingebieden.

Het gaat de bestuursovereenkomst nitraat tussen Rijk, IPO, LTO en Vewin (2017) waarbij is afgesproken om uiterlijk in 2025 blijvend onder de nitraatnorm te komen in 34 grondwaterbeschermingsgebieden. Volgens Vewin is te verwachten dat dit doel in ongeveer de helft van de gebieden niet zal worden gehaald. Ook op het punt van de bestrijdingsmiddelen is nog steeds grote bezorgdheid bij de drinkwaterbedrijven. De drinkwatersector wijst op de in de nota Gezonde Groei Duurzame Oogst neergelegde ambitie om in 2023 95 procent minder normoverschrijdingen van bestrijdingsmiddelen in drinkwaterbronnen te realiseren. Vewin wil zo open mogelijk aan tafel zitten maar erop dat op veel onderdelen, al dan niet wettelijk, al afspraken zijn gemaakt.

Geen garanties

De provincies hebben verklaard bereid te zijn om de onderhandelingen over de gebiedsplannen te willen leiden. De uitkomsten daarvan zijn ongewis. Garanties dat de herinrichting van het landelijke gebied overal binnen de bestaande afspraken en binnen de wettelijke regels gaan vallen, is er niet.
Ook de onderhandelingen zelf zullen zeker nog veel stof doen opwaaien. Zo bleek al in Flevoland waar de landbouwgroep zich vorig week al uit het overleg terugtrok omdat ze onvoldoende vertrouwen hebben in de stikstofcijfers. Die zijn volgens LTO cruciaal voor de inzet van de vrijgekomen stikstofruimte die kan worden ingezet om de PAS-melders aan een vergunning te helpen.