Sediment in Grensmaas

Het Directoraat Generaal (DG) Milieu van de Europese Commissie publiceerde in september het langverwachte technisch document over sedimentbeheer. Het is bedoeld om een stap voorwaarts te maken in sedimentbeheer in de context van de KRW. Europese sediment experts werkten parallel in subgroepen aan de volgende hoofdonderwerpen: dynamiek van sediment op stroomgebiedsschaal, sedimentverontreiniging en geïntegreerde sedimentbeheerplannen. Jos Brils van het Europese Sediment Netwerk SedNet schreef mee aan één van die hoofdonderwerpen.

SedNet werd in 2002 opgericht. De organisatie maakte zich ruim 20 jaar sterk om sedimentbeheer te koppelen aan Europees milieubeleid. DG Milieu in Brussel had aanvankelijk andere prioriteiten.  Nu krijgt het DG meer aandacht voor het onderwerp, evenals de lidstaten. Dat heeft alles te maken met ontwikkelingen zoals de Green Deal, het streven naar vrij stromende rivieren en een ‘non toxic environment’. “Deze doelen zijn echter alleen te halen als de beleidsmakers hierbij ook sedimentbeheer meenemen”, gaf Jos Brils van Deltares eerder in WaterForum aan.

Europese stem voor sediment

Brils is sinds het begin actief in SedNet dat is opgenomen in het EU Transparancy Register als Environmental NGO. “SedNet is de stem voor sediment in Europa. We praten onder andere mee over de Kaderrichtlijn Water en de rol die sedimentbeheer hierin speelt”, zegt Brils. SedNet is niet alleen vertegenwoordigd in de strategische coördinatiegroep van de KRW, maar neemt tevens deel aan het Zero Pollution Stakeholder Panel.
Recentelijk trad SedNet ook toe tot de Enlarged Soil Expert Group. “SedNet praat daar nu ook mee met het bodemteam van DG Milieu om vorm te geven aan een voorstel voor de aankomende European Soil Health Law. Deze wet streeft ernaar om alle Europese bodems in 2050 in gezonde toestand te krijgen. Hierbij wordt bodem-sediment-water als een geïntegreerd systeem beschouwd.”

Integraal onderdeel rivier-zee systemen

De belangrijkste boodschap van het in september verschenen technische document is dat sediment integraal onderdeel is van rivier-zee systemen. Volgens Brils speelt er in Europa maar ook wereldwijd – naast verontreiniging – vooral het volgende probleem met sediment: “Of er is te veel, of er is te weinig sediment. Tot voor kort ging het in KRW context vooral over de verontreiniging van en in het sediment.” Denk aan verontreinigingen in het water die in het sediment terecht zijn gekomen en via nalevering naar het water de chemische toestand kunnen verslechteren. In het technisch document is nu ook meer aandacht voor het belang van voldoende sediment. “Zonder sediment geen habitat. En dat is nodig om een goede ecologische toestand te krijgen”, stelt Brils.
Het technisch document bevat vier hoofdstukken. Het eerste hoofdstuk ‘Sedimentdynamiek van de bovenloop naar de zee’ beschrijft o.a het belang van sediment voor de biologie, ecologie en het opbouwen van het riviersysteem.

Sedimenthoeveelheid

Sedimenthoeveelheid staat centraal in het tweede hoofdstuk. Groot probleem in het sedimentbeheer is dat er wereldwijd veel dammen in rivier-zee systemen zitten. Rivieren zijn niet meer vrij stromend. Hierdoor blijft het sediment bovenstrooms liggen. Vooral achter dammen, en komt het niet meer in benedenstroomse gebieden terecht. Door deze onbalans kan benedenstrooms erosie gaan optreden en infrastructurele werken ondermijnen of bij lage afvoeren de bevaarbaarheid bemoeilijken. “Op langere tijdschaal bezien, kunnen we stellen dat zonder sediment Nederland niet had bestaan. Dan was onze delta niet gevormd”, aldus Brils. Hij wijst er verder op dat er tegenwoordig jaarlijks zo’n 12 miljoen m3 zandsuppleties nodig zijn om onze kust tegen erosie te beschermen. En dat is hard nodig, want de natuurlijke aanvoer met de rivieren is ernstig verstoord. Daarom is het ook belangrijk om hier in internationaal verband aan te werken want sedimentbeheer kent geen grenzen. De auteurs gaan in hoofdstuk 2 ook in op de manier waarop je de hoeveelheid sediment het beste kunt meten en welke herstelmaatregelen mogelijk zijn.

Verontreinigingen in sediment

Het derde hoofdstuk gaat over sedimentverontreiniging. Het uit watersystemen verwijderen van verontreinigd sediment kan de sedimentbalans die in hoofdstuk 2 aan de orde was verder verstoren. SedNet heeft altijd gesteld dat sediment in essentie geen afvalstof is, maar een essentieel onderdeel van het natuurlijk systeem, zoals bodem en water. “Bagger is een ander woord voor sediment. En dat kun je niet in het algemeen als afvalstof bestempelen”, zegt Brils. Dat neemt volgens hem niet weg dat bagger goed moeten worden gecontroleerd op eventuele verontreinigingen om te beoordelen of en hoe het kan worden toegepast dan wel uit het systeem moet worden verwijderd. De auteurs gaan in het hoofdstuk onder meer in op de manier waarop je verontreinigingen het beste kunt meten en het belang van wel of geen normen hiervoor. Ook eventuele saneringsmaatregelen komen aan bod.

Geïntegreerde planning sedimentbeheer

In de praktijk wordt ten behoeve van het waterbeheer veelvuldig ingegrepen in de sedimenthuishouding. Om de ecologische waterkwaliteit te verbeteren worden in Nederland bijvoorbeeld meer natuurlijke land-water overgangen (oevers) gecreëerd en worden langs rivieren veelvuldig nevengeulen aangelegd. Maar ook wordt de sedimenthuishouding veranderd voor de scheepvaart, voor hoogwaterveiligheid (Ruimte voor de Rivier) of voor onderhoud van natuurgebieden. Het sedimentbeheer (baggeren) dient dus vele waterbeheerdoelen. Het belang van een geïntegreerde planning van sedimentbeheer in relatie tot stroomgebiedsbeheerplannen en de KRW beschrijven de auteurs in het vierde en laatste hoofdstuk.

Brils en de andere auteurs hopen dat het technisch document beleidsmakers inspireert tot een betere opname van sedimentmaatregelen in de stroomgebiedsbeheerplannen. Lidstaten kunnen de aanbevelingen uit het document meenemen bij het aanpassen van deze plannen. Of Nederland hier al werk van maakt, weet Brils niet. “Daar hebben we nog weinig inzicht in. Het is ook niet de rol van SedNet om daarop toe te zien. Wel om het document kenbaar te maken. Maar we hopen natuurlijk wel dat het document wordt gebruikt en dat sedimentbeheer een veel prominentere rol krijgt in de eerstvolgende stroomgebiedsbeheerplannen.”

Belangstellenden kunnen het document hier downloaden