UPV
Foto: Rijn en IJssel

Het Europees Parlement en de Europese Raad bereikten op 29 januari overeenstemming over nieuwe regels voor stedelijk afvalwater. De omstreden uitgebreide producentenverantwoordelijkheid (upv) wordt definitief: de kosten van aanvullende behandeling van microverontreinigingen (de vierde zuiveringstrap) worden voor ten minste 80 procent gefinancierd door producenten van farmaceutische producten en cosmetica.

Ook werden het Europarlement en de Raad het eens over een betere monitoring van chemische verontreinigende stoffen, ziekteverwekkers en antimicrobiële resistentie. En over breder hergebruik van gezuiverd stedelijk afvalwater om waterschaarste te voorkomen.

Secundair en tertiair

De onderhandelaars van het Europees Parlement en de Europese Raad kwamen overeen om in 2035 een secundaire behandeling (ofwel de verwijdering van biologisch afbreekbaar organisch materiaal) toe te passen op stedelijk afvalwater, voordat het in het milieu wordt geloosd, in alle agglomeraties met een inwonerequivalent (i.e.) van 1000 of meer. In 2039 moeten de EU-landen de toepassing van tertiaire zuivering (de verwijdering van stikstof en fosfor) garanderen in alle zuiveringsinstallaties met een capaciteit van 150.000 i.e. en hoger, en tegen 2045 in installaties met een capaciteit van 10.000 i.e. en hoger. Een aanvullende behandeling waarbij een breed spectrum aan microverontreinigingen wordt verwijderd (de ‘quaternaire behandeling’ ofwel de vierde zuiveringstrap) zal tegen 2045 verplicht zijn voor alle installaties met meer dan 10.000 i.e.

Hergebruik bevorderen

De overeengekomen tekst verplicht de lidstaten om waar nodig het hergebruik van gezuiverd afvalwater van alle stedelijke afvalwaterzuiveringsinstallaties te bevorderen, vooral in gebieden met waterschaarste. Maatregelen op het gebied van hergebruik moeten worden overwogen in de nationale strategieën voor waterbestendigheid.

Betere monitoring

Ook werden de partijen het eens om de monitoring van verschillende volksgezondheidsparameters – zoals het SARS-CoV-2-virus en zijn varianten, poliovirus, influenzavirussen en opkomende ziekteverwekkers – te versterken. Eenzelfde strengere monitoring zal worden ingevoerd voor chemische verontreinigende stoffen, waaronder zogenaamde ‘forever chemicals’, zoals PFAS, en microplastics. Antimicrobiële resistentie zal ook worden gemonitord in stedelijk afvalwater voor agglomeraties met 100.000 i.e. en hoger.

Vervuilers moeten betalen

In overeenstemming met het beginsel ‘de vervuiler betaalt’ kwamen de onderhandelaars overeen om uitgebreide producentenverantwoordelijkheid (upv) in te voeren voor geneesmiddelen voor menselijk gebruik en cosmetische producten, om de kosten te dekken van aanvullende behandeling (vierde trap) om microverontreinigingen uit stedelijk afvalwater te verwijderen. De overeenkomst voorziet erin dat ten minste 80 procent van de kosten door de producenten zal worden gedekt, aangevuld met nationale financiering om onbedoelde gevolgen voor de beschikbaarheid, betaalbaarheid en toegankelijkheid van essentiële producten – met name medicijnen – te voorkomen. De farmaceutische en de cosmeticasector hebben zich altijd fel verzet tegen invoering van de upv.

Hogere tarieven?

Oorspronkelijk was het plan om de upv voor 100 procent van de extra zuiveringskosten te laten gelden, maar dat werd in oktober door aangenomen amendementen in het Europees Parlement afgezwakt tot 80 procent. De Europese aanbieders van drinkwater- en afvalwaterdiensten, verenigd in de internationale brancheorganisatie EurEau, waren daar niet blij mee. “Het Europees Parlement heeft echt de kans gemist om de oorspronkelijke ambitieuze upv en het beginsel dat de vervuiler betaalt, te steunen”, aldus Pär Dalhielm, voorzitter van EurEau. “De ambitie van upv en de implementatie van het beginsel dat de vervuiler betaalt zijn afgezwakt door het opnemen van een medefinancieringsmodel voor de kosten van een extra zuiveringstrap voor het verwijderen van microverontreinigingen, wat zal leiden tot een verhoging van de watertarieven voor waterconsumenten in heel Europa. Waterdiensten, inclusief drink- en afvalwater, zijn essentiële en cruciale diensten, evenals een mensenrecht, en de betaalbaarheid ervan voor iedereen moet worden gewaarborgd.”

‘Doorbraak’

Rapporteur Nils Torvalds van de liberale parlementsfractie Renew noemt de bereikte overeenkomst echter ‘een doorbraak’: “We krijgen hiermee in Europa aanzienlijk verbeterde waterbeheer- en afvalwaterzuiveringsnormen, vooral met nieuwe regels voor het verwijderen van microverontreinigingen afkomstig van medicijnen en producten voor persoonlijke verzorging. Wij hebben ervoor gezorgd dat de impact van deze wetgeving op de betaalbaarheid van medicijnen niet disproportioneel zal zijn. We zorgen er ook voor dat schadelijke chemicaliën zoals PFAS in de gaten worden gehouden en in de toekomst beter kunnen worden aangepakt.”

Energieneutraliteit

Behalve afspraken over de waterkwaliteit is ook overeengekomen dat de afvalwatersector een belangrijke rol moet spelen bij het terugdringen van de uitstoot van broeikasgassen, zodat de EU haar doelstelling van klimaatneutraliteit kan verwezenlijken. Er wordt een energieneutraliteitsdoelstelling geïntroduceerd, wat betekent dat stedelijke afvalwaterzuiveringsinstallaties het aandeel van de gebruikte hernieuwbare energie elk jaar geleidelijk zullen moeten verhogen – 20 procent tegen 2030; 40 procent tegen 2035; 70 procent tegen 2040 en 100 procent tegen 2045.

Volgende stap

Met deze overeenkomst tussen Europarlement en Raad komt er een einde aan een traject dat in oktober 2022 werd ingezet door de Europese Commissie. Die diende toen een voorstel in om de richtlijn inzake de behandeling van stedelijk afvalwater te herzien en deze in lijn te brengen met de beleidsdoelstellingen van de EU op het gebied van klimaatactie, circulaire economie en terugdringing van de vervuiling.

Voordat de nieuwe richtlijn voor stedelijk afvalwater in werking kan treden, moeten het Europees Parlement en de Raad de overeenkomst eerst nog formeel goedkeuren.