FrieslandCampina
FrieslandCampina fabriek in Gerkesklooster (foto: FrieslandCampina).

FrieslandCampina verwerkt jaarlijks 800 miljoen liter melk in de fabriek in Gerkesklooster.  Waar melk grotendeels uit water bestaat, is dat bij kaas niet het geval. De Friese kaasmaker benut deze eigenschap door water terug te winnen uit het bijproduct wei. Dankzij een combinatie van omgekeerde osmose en nieuwe opslagtanks bespaart de fabriek inmiddels 100.000 m3 drinkwater per jaar.

“In combinatie met eerdere besparingsmaatregelen zijn we voor 70 procent  zelfvoorzienend in het watergebruik”, vertelt Jasper Faber, projectleider bij FrieslandCampina in een bericht op de site van Vitens. 

De zuivelproducent gebruikt de beproefde techniek omgekeerde osmose om water uit de wei terug te winnen. Hierbij wordt het water door membranen geperst die alleen zuiver water doorlaten. “Het resultaat is schoon water dat we hergebruiken voor onze productieprocessen en het reinigen van installaties en melktankwagens”, licht Faber toe.

Hoge hygiëne-eisen

Dankzij omgekeerde osmose en extra opslagtanks kan de fabriek eigen water inzetten voor proceswater, Cleaning in Place (CIP), (een reinigingsmethode waarbij apparatuur, zoals tanks, leidingen en installaties, wordt schoongemaakt zonder deze uit elkaar te halen) en het reinigen van melktankwagens.

Omdat dit teruggewonnen water in contact komt met het product, waren met name de technische en hygiënische randvoorwaarden spannend. Zo moest de waterkwaliteit absoluut gegarandeerd zijn. Hierdoor kreeg vooral de reinigbaarheid van het systeem extra aandacht door onderzoek naar standtijden van tanks en leidingen en validaties van reinigingen

FrieslandCampina kijkt ondertussen vooruit. De volgende stap richting volledige zelfvoorziening is verdere optimalisatie van reinigingsprocessen. Daarnaast onderzoekt het bedrijf of het zeer licht vervuild water opnieuw kan inzetten.

Teamprestatie met brede impact

Het project is volgens de woordvoerder van FrieslandCampina een typisch voorbeeld van samenwerking door de hele organisatie heen. “Water- en energiegebruik raken de volledige fabriek. Daarom werkten technologie, QA, productie, SHE en de technische dienst intensief samen. Onze operators dachten mee over de praktische werking, hun input was cruciaal.”

Gerkesklooster geldt binnen FrieslandCampina als een koploper in waterhergebruik. Medewerkers van andere locaties komen er kijken hoe zij hun eigen waterverbruik kunnen reduceren, terwijl Gerkesklooster zelf weer leert van initiatieven elders binnen het concern.

Sectorbrede standaard

FrieslandCampina pleit, samen met partijen als Vitens en toezichthouders zoals NVWA, voor een sectorbrede ‘standaard voor eigen water’. Die moet helder vastleggen wanneer hergebruikt water veilig kan worden ingezet.

“Wij hebben wij een interne kwaliteitstandaard opgesteld voor hergebruikt water”, mailt de woordvoerder. Deze standaard bepaalt per situatie wat de herkomst en kwaliteit van het water is, hoe dit zich verhoudt tot drinkwaterkwaliteit en voor welke toepassingen het direct of na behandeling geschikt is.

“Wij noemen dit ‘fit for purpose’-water. Een duidelijke risicoanalyse, validatie en monitoringsprogramma zorgen ervoor dat hergebruik altijd veilig is en voldoet aan wettelijke eisen.”

Volgens de woordvoerder vergroot het de mogelijkheden om restwaterstromen, zoals water uit melk bij zuivelproductie, opnieuw te benutten. “Bovendien biedt deze benadering kansen om samen met drinkwaterbedrijven zoals Vitens te kijken naar alternatieve bronnen en zo mogelijke schaarste gezamenlijk aan te pakken.”

Businesscase wordt aantrekkelijker

De lage prijs van drinkwater vormt vaak een belemmering voor sluitende businesscases. Dit beeld verandert echter snel, stelt de woordvoerder. Zo stijgt de prijs van drinkwater en wordt de belasting op leidingwater verlengd voor grootverbruikers. Daarbij liggen de werkelijke kosten van water hoger dan het inkooptarief, omdat ook de proceskosten en lozingskosten moeten worden meegenomen.

Werkelijke kosten

“In onze businesscases rekenen wij daarom zoveel mogelijk met deze werkelijke kosten. Vaak zijn water- en energiebesparing bovendien nauw met elkaar verbonden, waardoor de business case complexer wordt”, aldus de woordvoerder. “Wat niet helpt, is dat er relatief weinig incentives in de vorm van subsidies beschikbaar zijn voor waterbesparing, terwijl deze voor energiebesparende projecten veelzijdiger zijn.”

Waterverbruik

FrieslandCampina deelt geen cijfers over het waterverbruik van individuele productievestigingen. Uit het jaarverslag over 2023 blijkt dat het totale waterverbruik in 2023 ongeveer 22,6 miljoen m3 bedraagt, met een waterintensiteit van 4,77 m3 per ton eindproduct. Waterintensiteit is een kengetal dat aangeeft hoeveel water nodig is om één eenheid product te vervaardigen. Dat betekent dat voor de productie van één ton eindproduct gemiddeld 4.770 liter water nodig is.