waterbom
Schiphol landingsbaan @Michel van der Vegt

Hoe ‘waterrobuust’ is onze nationale luchthaven?

Vliegvelden liggen doorgaans laag, zijn vlak en sterk versteend. Bij heftige buien lopen ze dus risico op overstroming. Vliegveld Schiphol is geen uitzondering, maar geldt wereldwijd als pionier in waterrobuustheid. Kan de luchthaven ook een waterbom aan? Dagenlange buien zoals Limburg afgelopen zomer te verduren kreeg?

Dit artikel is alleen zichtbaar voor PREMIUM abonnees

Schrijf je nu gratis in om toegang te krijgen tot PREMIUM artikelen. Alleen je emailadres is voldoende. Je kunt dan alle PREMIUM artikelen gratis lezen tot 1-1-2023. Het abonnement eindigt dan automatisch. Je zit nergens aan vast. Meer informatie over WaterForum PREMIUM lees je hier.
Wij gebruiken uw emailadres alleen om u toegang te geven tot PREMIUM artikelen

Een paar enorme betonnen bakken. Fraai is het niet: de meest gebruikte oplossing om luchthavens droog te houden bij extreme buien. Maar met de juiste afvoer- en pompcapaciteit is het wel effectief. Je pompt het overtollige water weg naar de bak en nadat de storm is geluwd, laat je het kalmpjes wegstromen. “Technocratisch”, noemt luchthavenexpert Nanco Dolman van Royal HaskoningDHV de oplossing. “Je ziet deze bakken of retentievijvers veel in de tropen, waar zomaar zeshonderd of zelfs duizend millimeter regen kan vallen op één dag.”Ook Gatwick Airport bij Londen had regelmatig met wateroverlast te maken en creëerde een ‘retention pond’. Taipei Airport (Taiwan) werkte een bak netjes weg onder een terminal op poten. Dat oogt niet alleen beter, het beschermt ook tegen regenwater dat hard van de naastgelegen helling kan afstromen. En in Singapore, waar zoet water een kostbaar goed is, zijn de betonbakken onderdeel van de ‘national tap’: het opgevangen regenwater wordt gebruikt om wc’s te spoelen en als bron voor drinkwater.

Sponzen
‘s Werelds laagstgelegen luchthaven, Schiphol, stelt het echter zonder betonnen bak. Terwijl het 21 vierkante kilometer grote gebied voor tachtig procent is verhard met landingsbanen, parkeerplaatsen, terminals en wegen. De verstening is het dubbele van bijvoorbeeld het centrum van Amsterdam. Toch kan de luchthaven zonder betonnen bak een oppervlaktewaterpeilstijging van 500-800 mm aan die volgens klimaatscenario’s slechts eens in de honderd jaar voorkomt.”Het oppervlaktewatersysteem in de polder biedt voldoende ruimte om hemelwater tijdelijk op te vangen”, vertelt Dolman, die vliegvelden wereldwijd en ook Schiphol adviseert over waterveiligheid. “Om voorbereid te zijn op extremere buien door klimaatverandering is eind jaren negentig al begonnen met verruiming. Duikers zijn vergroot, het oostelijk deel kreeg een eigen gemaal naar de ringvaart. In 2001 is een nieuw poldergemaal bij Vijfhuizen gekomen en een jaar later is een hoofdpoldergemaal vervangen, waardoor de capaciteit toenam.”Om tijdelijk meer regenwater te kunnen bergen is het dak van de vertrekhal van bijna negenduizend vierkante meter begroeid met sedum. En er zijn de afgelopen jaren meer van dit soort ‘sponzen’ aangelegd, vertelt Dolman. Het gaat bijvoorbeeld om parkeerplaatsen met doorlatende verharding en een waterberging eronder en, als proef, ‘kratten’ onder een grasstrook langs een rijbaan naar het U-platform, een parkeerplaats voor vliegtuigen. Dolman: “Er worden verschillende systemen getest, allemaal stevig genoeg om ook een crash tender, zo’n grote, zware brandweerauto te dragen. Denk niet alleen aan kunststofkratten, maar ook aan granieten stenen met holle tussenruimtes.”Alle ‘sponzen’ zijn onderdeel van ‘Waterrobuust Schiphol’, een besluit uit 2017 gebaseerd op ‘benutten en meebewegen’. Op en nabij de luchthaven mag niets worden verhard zonder compensatie in de vorm van waterberging. Het Hoogheemraadschap van Rijnland eist voor elke verharding 15 procent open water; Schiphol kiest zelf voor een iets hoger percentage met het oog op klimaatverandering, en voor ‘sponzen’ boven open water om geen extra vogels aan te trekken. De Nederlandse luchthaven was wereldwijd het eerste vliegveld met een watervisie als reactie op klimaatverandering (Water Vision Schiphol 2030). De Verenigde Naties (UNFCCC) beveelt de strategie aan als voorbeeld voor vliegvelden wereldwijd.Uiteindelijk belandt al het overtollige regenwater van het vliegveld overigens via gemalen in de ringvaart. Vandaaruit stroomt het via sluizen bij Halfweg in het Noordzeekanaal om vervolgens door het grootste gemaal van Europa bij IJmuiden in de Noordzee te worden gepompt.
Zwart scenario

De grote vraag is: kan Schiphol met alle maatregelen een ‘waterbom’ aan, zoals afgelopen zomer boven Limburg, de Eifel en de Ardennen lag? Hoe groot de kans is op zo’n waterbom ergens boven Nederland is nog niet precies duidelijk (zie kader). Maar het zette al menigeen aan het denken: Wat als die bom hier valt? Deltares wijdde er een hackaton aan. Drie dagen lang bogen experts zich over bestaande modellen. Wat als deze neerslag boven West-Brabant was gevallen? Boven het Vechtstroomgebied of Noord-Nederland? Voor polders brachten ze in beeld waar het water blijft staan als de regenintensiteit de afvoercapaciteit overtreft.Kymo Slager, expert Climate adaptation and flood resilience bij Deltares: “We hebben niet specifiek naar Schiphol gekeken, maar wel naar de regio en de Haarlemmermeerpolder.” De modellen vertellen dat grote delen van de polder vijf dagen of langer enkele decimeters onder water kunnen komen te staan. Slager: “De gemalen kunnen deze hoeveelheden regen niet snel genoeg wegpompen, daar zijn ze niet op ontworpen. Dat zou ook niet rendabel zijn; het is een zeldzame gebeurtenis.”Of vliegveld Schiphol dan ook onder water komt te staan, kan Slager niet zeggen – daarvoor is het model te beperkt. Maar wegen kunnen onder water komen te staan, waardoor het sowieso onduidelijk is of de luchthaven bereikbaar zal zijn, en weg- en spoorwegtaluds kunnen instabiel worden. Slager: “Voor de preciezere gevolgen voor de regio moet je ook de lokale situatie meenemen, de drainage ter plekke, en preciezere stresstesten doen. Dat is ook ons advies aan de waterbeheerder en veiligheidsregio’s. Dan kun je de zwakste schakels vinden en het systeem robuuster maken.”

Piekberging nodig

Het door Deltares gebruikte model houdt geen rekening met de piekberging in de Haarlemmermeerpolder, reageert Dolman. Bij calamiteiten kan het Hoogheemraadschap van Rijnland over anderhalf jaar het noodoverloopgebied bij Zwaanshoek inunderen. In deze tussenboezem kan een miljoen kuub water worden geborgen. Bovendien valt alleen in het oog van de storm 80 mm op een dag, doorgaans blijft dat niet op één plek hangen. Maar een check met de watersysteembalans van de Haarlemmermeerpolder maakt ook Dolman bezorgd. “Op dag twee kan het wel eens goed fout gaan, omdat alle watersystemen al volledig belast zijn door de 80 mm neerslag op dag één. Op die eerste dag moet alert worden geacteerd op de weersverwachting door de piekberging in gereedheid te brengen. Maar lukt het om al het water ook fysiek en snel genoeg daar te krijgen?” De meeste van piek- of calamiteitenbergingen zijn nog nooit in de praktijk getest en de recente geschiedenis is niet bemoedigend. In juni 2021 viel er 100-200 mm regen binnen 36 uur in het Hollands Noorderkwartier. De helft van de 28 waterbergingen functioneerden niet zoals gewenst. Tien konden na handmatig ingrijpen worden gebruikt, maar bij vier andere lukte zelfs dat niet. “Net als steden kijkt Schiphol vooral naar wolkbreuken, naar neerslagpieken, en minder naar de gevolgen van meerdaagse extreme regen”, zegt Dolman. “Het krattensysteem onder een rijbaan helpt bij een wolkbreuk, maar niet bij een waterbom. Het omgaan met meerdaagse zware regen is ook meer een regionale opgave. Alle belanghebbenden en gebruikers in de Haarlemmermeerpolder moeten met elkaar samenwerken om het overstromingsgevaar af te wenden.”Daar sluit Slager zich bij aan: “Wij hopen dat waterbeheerders, crisisbeheersing en ruimtelijke ordening deze waarschuwing oppikken. Een waterbom bestrijkt een groot gebied, je hebt zo met vijf veiligheidsregio’s en allerlei overheidsinstanties van doen. Ons advies is: kijk eens naar de mogelijke effecten van een waterbom, met zijn allen. Waar zijn cascade-effecten in de regio te verwachten? Waar zitten de zwakste schakels? En waar de mogelijkheden om overlast te verminderen?”

Vliegvelden extra kwetsbaar
Luchthaven van Bangkok in 2012.
Een groot stuk vlak land nabij water en een grote stad. Dat gold lange tijd als de ideale plek voor een vliegveld. Een start- en landingsbaan aanleggen is dan goedkoop en passagiers hoeven niet ver te reizen. Open water was belangrijk voor noodlandingen. Tegenwoordig zijn ze zeldzaam (deze eeuw acht keer) maar een vliegtuig is nog altijd ontworpen om in nood op water te landen en een tijd te blijven drijven. Beelden van Vlucht 1549 die in 2009 op de Hudson River middenin New York landde, gingen viraal. De klassieke locatie voor een vliegveld is dus een droge rivierbedding, een polder, uiterwaarde, kuststrook, landaanwinning of eiland. Schiphol belandde zo in 1916 in de Haarlemmermeerpolder, nabij Amsterdam, op vijf meter beneden zeeniveau, het laagstgelegen vliegveld ter wereld. De landingsbanen zelf zijn overigens opgehoogd en liggen op minus drie meter. En wat ooit begon als een landingsbaan op drassig boerenland voor militaire toestellen, groeide uit tot de op twee na grootste luchthaven van Europa: zes landingsbanen, 2787 hectare groot en jaarlijks 71,7 miljoen passagiers (in niet-coronajaar 2019).Overstromingen op vliegvelden komen door de kwetsbare locaties regelmatig voor. Op La Guardia Airport in New York stonden vliegtuigen tot aan hun buik in het water na orkaan Sandy in 2012. Luchthaven Don Muang Airport in hartje Bangkok (Thailand) was maandenlang onbruikbaar na overstromingen in 2011. Foto’s van een kano in de vertrekhal werden wereldwijd nieuws. Het nieuwere vliegveld Suvarnabhumi dat aan de oostkant van Bangkok in een polder ligt (en ontworpen werd door Nederlanders) bleef juist als een van de weinige plekken droog. Engelse hydrologen maakten onlangs een rangschikking van luchthavens wereldwijd die het meest te vrezen hebben van zeespiegelstijging door klimaatverandering. Daarbij gaat Suvarnabhumi aan kop, gevolgd door een reeks luchthavens in China en op de Solomon eilanden. Flughaven Bremen in Duitsland blijkt het meest kwetsbare vliegveld van Europa (23e). Het ligt aan de Wezer zonder beschermende dijk ertussen. Vliegveld Schiphol staat op plek 38. Dolman: “Schiphol ligt laag, niet direct aan zee. Er zijn meerdere barri’res die het water buiten houden. Als student aan de TU Delft mochten we virtueel proberen de luchthaven onder te laten lopen. De boezemdijk doorsteken is echt niet genoeg. De ringvaart en Rijnlands boezem bevatten simpelweg niet genoeg water om de Haarlemmermeerpolder te laten volstromen.”

 

Kans op een waterbom

Het zuidelijkste deel van Limburg, het zuiden van Zeeland, een smalle strook over de Veluwe en een brede strook langs de kust van de Maasvlakte tot aan Egmond aan Zee die de Randstad omvat, hebben meer kans op extreme buien. Ze vallen in de hoogste klasse voor weerextremen, aldus Geert Lenderik, senior onderzoeker Weer- en klimaatmodelering bij het KNMI. “Tien procent zwaarder dan het landelijk gemiddelde.” De kans op 160 mm in twee dagen is volgens de tabellen eens in de 500 jaar. Eens in de 250 jaar kan er 140 mm vallen en eens in de 100 jaar 120 mm. Voor Limburg en de Veluwe is het de glooiing die het risico verhoogt, bij de andere gebieden gaat het om kusteffecten en de rol van verstedelijking.In Limburg regende het afgelopen zomer twee dagen achter elkaar 80-100 mm, gevolgd door nog een regendag met 40-50 mm. Op sommige plekken viel zelfs 50 mm in één uur, en het regengebied was uitgebreid: het lag over de Eifel en de Ardennen. De kans op dat weersysteem ligt rond eens in de 400 jaar, berekende een speciaal team van wetenschappers onder leiding van de Duitse Weerdienst DWD. En de kans erop is sinds 1900 (toen het 1,2 graden koeler was) toegenomen, zo’n 1,2 tot 9 maal. “Het is lastig om zo’n kans voor een groot gebied te bepalen”, stelt Lenderik. Die kun je niet ‘zomaar’ naar andere delen van Nederland vertalen.