Waterwereld blij met instelling PFAS-taskforce

De Unie van Waterschappen en de Vereniging van Waterbouwers zijn positief over de komst van de taskforce die staatssecretaris Van Veldhoven heeft ingesteld. Daarin werken bedrijven en overheden voor de duur van in ieder geval één jaar samen aan oplossingen voor regio-overstijgende knelpunten rondom PFAS. “Een goede stap, maar wel erg laat”, stelt Edwin Lokkerbol, directeur van de Vereniging van Waterbouwers.

Oud-topambtenaar Hans van der Vlist leidt de taskforce. Ook komen er landelijke werkconferenties om voor projecten in de regio te kijken wat de belemmeringen rond PFAS zijn, en hoe deze weggenomen kunnen worden.

Volgens Lokkerbol had de taskforce al van start kunnen gaan voor het tijdelijk handelingskader dat in juni jl. aan de Tweede Kamer werd aangeboden. “Dan hadden we eerder en meer metingen gehad om een definitieve norm vast te kunnen stellen. De staatssecretaris heeft het gehele PFAS-dossier onderschat, de effecten voor de gehele sector niet goed in kaart gebracht, opdrachtgevers niet goed geïnformeerd en betrokken bij de vorming van beleid”, stelt Lokkerbol.

Ook heeft de staatssecretaris volgens hem grote steken laten vallen in de communicatie over PFAS. “De operationele en economische effecten zijn aanzienlijk. Dat had niet hoeven te gebeuren.” Landelijk beleid rond PFAS dat decentraal moet worden uitgevoerd, zorgt voor problemen. “Bij complexe vraagstukken als PFAS hebben veel gemeenten deze kennis niet. En dat is zeker geen verwijt maar slechts een simpele constatering.”

Baggerafzet diepe plassen

De Unie van Waterschappen is voorzichtig optimistisch met de komst van de taskforce, stelt woordvoerster Jane Alblas “Wij vragen in de taskforce aandacht voor de problematiek van baggerafzet in diepe plassen en structurele oplossingen voor nieuwe zorgwekkende stoffen op de lange termijn. We hopen op een goede samenwerking tussen decentrale overheden en het Rijk om tot structurele, concrete oplossingen te komen die ertoe moeten leiden dat de bagger-, herinrichtings- en of dijkversterkingsprojecten niet hoeven te worden uitgesteld of stilgelegd én waarbij het milieu de minste schade ondervindt.” Concreter kan de Unie van Waterschappen het volgens haar nu nog niet maken omdat er onvoldoende bekend is over de mogelijke effecten van PFAS op het grondwater. Er is eerst aanvullend onderzoek nodig.

Ruimere norm

Naast de instelling van de taskforce heeft Van Veldhoven het RIVM gevraagd om op basis van recente metingen met spoed een tijdelijke, landelijke achtergrondwaarde voor PFAS op te stellen, zodat de 0.1-grens die nu uit voorzorg op basis van de wet op sommige plekken geldt, verruimd kan worden tot deze landelijke waarde. Dit moet bedrijven meer ruimte geven voor het verplaatsen van grond, zonder dat gezondheid of het milieu in gevaar komt. Van Veldhoven wil dat de ruimere norm uiterlijk 1 december van kracht wordt.

Onzekerheden

Het RIVM heeft het ministerie laten weten dat het versneld afleiden van een tijdelijke achtergrondwaarde ook onzekerheden met zich meebrengt. De hoeveelheid data die beschikbaar zijn voor het bepalen van een tijdelijke achtergrondwaarde is beperkt. Ook zijn er geen gegevens uit het hele land. Bij de afleiding van een tijdelijke achtergrondwaarde zal het RIVM hier rekening mee houden. Daarnaast is een belangrijk uitgangspunt dat normen voor bodem risico’s voor de gezondheid moeten uitsluiten.