Watertechnologiebedrijven waren in het begin van de pandemie bezorgd, maar toonden in de loop van het jaar veel veerkracht. (illustratie: pixabay).

De Nederlandse watertechnologiesector toont tijdens de coronapandemie veel veerkracht. Het werk ging grotendeels door en weinig bedrijven kwamen in de financiële problemen. Dat blijkt uit een analyse van Water Alliance, Netherlands Water Partnership (NWP) en ENVAQUA. De analyse is gebaseerd op peilingen die op verzoek van Topconsortium voor Kennis en Innovatie (TKI) Watertechnologie zijn gehouden tussen april 2020 en januari 2021.

“Dat de coronacrisis óók in de watertechnologiesector voelbaar is, zal voor niemand een verrassing zijn. Toch lijken de gevolgen voor de sector mee te vallen”, aldus Jantienne van der Meij-Kranendonk, directeur TKI Watertechnologie. “Dat blijkt ook uit de overheidssteun die watertechnologiebedrijven in Nederland hebben aangevraagd. Deze aanvragen daalden na de eerste coronapiek in mei 2020 sterk. Gaf in mei 2020 nog 57 procent van de respondenten aan financiële steun te hebben aangevraagd; in december was dat al gedaald naar 8 procent.”

Minder investeringen

Los van het aanvragen van overheidssteun zijn met name het anders inzetten van personeel en het uitstellen van investeringen de belangrijkste acties die bedrijven in de sector hebben genomen om de economische gevolgen van de pandemie het hoofd te bieden. Uit de trendanalyse blijkt de inzet van Research & Development (R&D) met gemiddeld 20 procent daalde. De investeringen zagen een terugval van gemiddeld 29 procent.

Geen harde wetenschap

Van der Meij-Kranendonk benadrukt overigens dat de peilingen moeten worden beschouwd als een indicatieve barometer. “Je moet realiseren dat met enkele tientallen respondenten per keer, de uitkomsten geen harde wetenschap genoemd mogen worden.”