Waterkring dringt aan op rekenkamer voor elk waterschap

Het is wettelijk niet verplicht om als waterschap een rekenkamercommissie in te stellen. Een rekenkamerfunctie kan het algemeen bestuur adviseren over de doelmatigheid, doeltreffendheid en rechtmatigheid van de uitvoering van het waterschapsbeleid. De Unie van Waterschappen laat bij monde van Uniebestuurslid Huub Hieltjes desgevraagd weten dat de algemene besturen van de waterschappen zelf het beste kunnen bepalen of zij denken dat een rekenkamerfunctie toegevoegde waarde heeft voor hun waterschap. Hieltjes: “De rekenkamer heeft ten doel om het algemeen bestuur te adviseren zodat deze zijn rol beter kan vervullen. Wie beter dan het algemeen bestuur zelf kan beoordelen welke instrumenten het beste kunnen worden ingezet? Wij zijn daarom geen voorstander van het wettelijk verplichten van een rekenkamerfunctie bij de waterschappen.”

Position paper
De in 2013 opgerichte Waterkring pleit desondanks wel voor zo’n wettelijke verankering. In een ‘position paper’ dat aan alle waterschapsbestuurders is toegezonden worden nut en noodzaak hiervan toegelicht. Minister Schultz is gevraagd de Waterschapswet hierop aan te passen.
Bij een volwaardig openbaar bestuur, zoals het waterschapsbestuur, hoort een rekenkamerfunctie, meent de Waterkring. Een rekenkamer kan een belangrijke bijdrage leveren aan het publiek afleggen van verantwoording over de besteding van waterschapsbelastingen en over de doelmatigheid en de effecten daarvan. “Het belastinginstrument van de waterschapsheffingen en de moderne opvattingen over governance vragen hier om. Het is niet zonder reden dat bij Rijk, gemeenten en provincies de rekenkamerfunktie wettelijk is verankerd.” 

Meerdere middelen
De Unie van Waterschappen staat op het standpunt dat de rekenkamerfunctie slechts één van de middelen daartoe is. Hieltjes: “Er zijn ook andere, grotendeels wettelijke instrumenten voor zoals de jaarrekening, het jaarverslag en de daaraan voorafgaande bestuursrapportages van het dagelijks bestuur. Ook daarin wordt gekeken of we hebben bereikt en gerealiseerd wat we wilden en of de kosten volgens raming zijn.” Hij noemt verder de verklaring van bij de jaarrekening, het verslag van bevindingen van de accountant en de doelmatigheids- en doeltreffendheidsonderzoeken die het dagelijks bestuur op grond van artikel 109a van de Waterschapswet moet uitvoeren en waarvoor het algemeen bestuur via een verordening regels kan stellen. Ook kan het bestuur besluiten zelf onderzoek uit te (laten) voeren.

Zonder
De beschikbaarheid van deze andere middelen verklaart volgens Hieltjes waarom ongeveer de helft van de waterschappen het zonder rekenkamerfunctie kan stellen. “De algemene besturen van de waterschappen hebben waarschijnlijk geoordeeld dat zij met bestaande instrumenten en hulpmiddelen voldoende middelen ter beschikking hebben om hun rol ten aanzien van doeltreffendheid, doelmatigheid en rechtmatigheid goed in te vullen. Er zijn ook enkele waterschappen die de rekenkamerfunctie hebben opgeheven omdat het algemeen bestuur van mening was dat deze, gegeven de andere hulpmiddelen en instrumenten die het algemeen bestuur ter beschikking staan, onvoldoende toegevoegde waarde bood.”


bron: Ontwikkeling van de Rekenkamerfunctie bij Waterschappen – position paper Waterkring