‘Tijdelijke droogval’ vergroot biodiversiteit in plassen

Goede aanvulling op gangbare maatregelen
Droogval als maatregel is al langer bekend, maar wordt nog weinig toegepast omdat water- en natuurbeheerders twijfels hebben over het effect. Met deze pilot is nu aangetoond dat ‘Tijdelijke droogval’ een goede en kosteneffectieve aanvulling is op gangbare methoden voor het verbeteren van de waterkwaliteit. 
Minder nalevering van fosfaat
Gerlinde Roskam van Deltares, die het labonderzoek deed, legt het proces uit: ‘Door de droogval wordt ijzer geoxideerd. Dit kan vervolgens fosfaat binden, waardoor de nalevering van fosfaat afneemt. Daardoor krijgt algenbloei geen kans en blijft het water helder. Dat stimuleert weer de vegetatie. Met het labonderzoek hebben we kunnen vaststellen dat 2 à 3 maanden droogstaan voldoende is voor een maximaal resultaat. Ook weten we nu dat droogval in de winter niet zoveel zin heeft omdat de waterbodem dan veel minder sterk oxideert en er weinig waterplanten ontkiemen.’

Gerlinde Roskam onderzocht in het laboratorium van Deltares de chemische processen in de waterbodem.
Veel natuurgebieden met problemen waterkwaliteit 
‘Tijdelijke droogval’ is niet voor alle plassen en meren geschikt. Roskam: ‘Het effect hangt onder andere af van de samenstelling van de ondergrond. Bij een zwavelrijke bodem bijvoorbeeld heeft het minder effect. In Nederland zijn er veel natuurgebieden waar problemen zijn met de waterkwaliteit. Het is de moeite waard om te onderzoeken of ‘Tijdelijke droogval’ hier kan worden toegepast.’
‘Tijdelijke droogval’ is gefinancierd door RVO (voorheen Agentschap NL) en STOWA en werd uitgevoerd samen met Wetterskip Fryslân, Waterschap Hunze en Aa’s, Staatsbosbeheer, Deltares, Witteveen+Bos en B-WARE. 
(Persbericht, Deltares, april 2014)