De stuw bij Driel wordt ook wel ‘de kraan van Nederland’ genoemd (foto: Rijkswaterstaat).

Op woensdag 16 januari heeft Rijkswaterstaat de stuw bij Driel geopend omdat de waterstand dusdanig hoog was dat versnelde afvoer naar zee nodig was. Inmiddels is de waterstand weer genormaliseerd en denkt Rijkswaterstaat erover om de stuw weer te sluiten. Dat kan al op 23 januari gebeuren.

De stuw bij Driel wordt wel ‘de kraan van Nederland’ genoemd. Deze verdeelt het water dat via de Rijn ons land binnenstroomt, tussen de Nederrijn en Lek en de IJssel. De stuwen in de Nederrijn en Lek bij Driel, Amerongen en Hagestein zorgen voor voldoende (zoet)water in het rivierengebied en in het IJsselmeer.

Normaliter zijn de stuwen gesloten
Bij normale en lagere waterstanden zijn de stuwen gesloten. De complexen houden dan een goede waterverdeling in stand, en zorgen daarmee voor een vlotte en veilige scheepvaart in de IJssel, Nederrijn en Lek. Bij een hoge waterstand opent Rijkswaterstaat de stuwen om het water zo snel mogelijk af te voeren naar zee.

Verbaasde reacties waren onterecht
Het openen van de stuw bij Driel leidde op social media tot verbaasde reacties. “Waarom niet dicht laten en het water gebruiken om het grondwater op peil te brengen door het anders te leiden?”, reageerde iemand op Twitter, refererend aan de nog altijd lage grondwaterstand op de hoge zandgronden. Woordvoerder Henk Voerman van Rijkswaterstaat maakt echter duidelijk dat de hoge zandgronden alleen door neerslag gevoed kunnen worden. “In tegenstelling tot de lagergelegen delen van Nederland. Daar kunnen we het water veel beter in een bepaalde richting sturen. Met de stuw bij Driel sturen we het water naar de IJssel of naar de Nederrijn. We kunnen er dus niet voor zorgen dat de Achterhoek hiermee meer water krijgt.” De stuw bij Driel is er volgens Rijkwaterstaat niet om het water ‘vast te houden’, zoals op sommige social media wordt geopperd. Voerman: “Als je de stuw bij Driel dicht houdt, stroomt het water de IJssel op en komt het in het IJsselmeer terecht. Vervolgens wordt het, vanwege het peilbeheer op het IJsselmeer, weer gespuid naar de Waddenzee. Daar hebben de hoge zandgronden dus niets aan.”