Rioolwaterzuivering steeds beter

Onder invloed van Europese regelgeving zijn steeds meer zuiveringsinstallaties in de periode 1990-2013 gemoderniseerd. Daardoor steeg de verwijdering van stikstof- en fosforverbindingen uit het afvalwater met 31 respectievelijk 27 procentpunten ten opzichte van 1990. Biologisch afbreekbare vervuiling werd in 2013 voor bijna 98 procent uit het afvalwater verwijderd. In 1990 was dat nog 93 procent. Deze verbeteringen hebben er mede voor gezorgd dat het oppervlaktewater in Nederland de laatste 20 jaar schoner is geworden.

Zuiveringsslib
Zuiveringsslib is het restproduct van de rioolwaterzuivering. In 2013 werd vrijwel al dit slib verbrand in slibverbrandingsinstallaties, elektriciteitscentrales en cementovens. In 1990 werd het merendeel van het zuiveringsslib nog gestort of als meststof toegepast in de landbouw, maar dat mag niet meer door strengere regelgeving. Door een toename van de vergisting van zuiveringsslib is de totale afzet van slib sinds 2007 langzaam gedaald.

Energiezuiniger
De rioolwaterzuiveringsinstallaties worden energiezuiniger. In 2013 is het elektriciteitsgebruik voor het zuiveren van afvalwater 7 procent minder dan in 2005. Bovendien steeg het aandeel elektriciteit dat zelf wordt geproduceerd van 21 procent in 2005 tot 31 procent in 2013. Dat komt door een hogere biogasproductie uit de vergisting van zuiveringsslib. Met het biogas wekken de waterschappen zelf elektriciteit op.