Rijkswaterstaat heeft handen vol aan opruimen paraffine

Rijkswaterstaat is sinds maandag 7 augustus bezig om aangespoelde paraffine van de Noord-Hollandse kust te verwijderen. De schoonmaakwerkzaamheden worden waarschijnlijk deze week afgerond. Vorige week spoelde op een aantal reeds schoongemaakte stranden opnieuw paraffine aan, waardoor het werk weer van voor af aan kon beginnen. Er zijn inmiddels Kamervragen gesteld.

De paraffine ligt verspreid over de kust van Noordwijk tot Zandvoort en van IJmuiden tot aan Den Helder. Het opruimen van de paraffine kan alleen bij laag water en gebeurt zowel handmatig als machinaal. Tijdens de werkzaamheden blijft het strand toegankelijk voor badgasten.

Op zoek naar de dader
Volgens Rijkswaterstaat is nog niet bekend wie voor het lozen van de paraffine verantwoordelijk is. Vermoedelijk gaat het om een schip dat op zee zijn laadruim heeft schoongemaakt. Rijkswaterstaat heeft op verschillende stranden monsters van de aangespoelde paraffine genomen, die in het laboratorium van Rijkswaterstaat in Lelystad worden onderzocht. Op basis hiervan probeert het team Maritieme Politie van de Landelijke Eenheid samen met de Kustwacht de veroorzaker van de vervuiling te achterhalen.

Gevaarlijk voor vogels
Paraffine is niet schadelijk voor mensen, wel kunnen honden en andere dieren er ziek van worden als zij het opeten. Ook vogels worden ziek van paraffine, zei Tinka Murk, hoogleraar Ecologie van mariene dieren aan de universiteit van Wageningen, vorige week op Radio 1. Paraffine is een bestanddeel van ruwe olie dat in dubbelwandige tankers moet worden vervoerd, omdat de stof op de lijst van milieugevaarlijke stoffen van de Internationale Maritieme Organisatie (IMO) staat. Opvallend genoeg is er geen verbod op het op zee lozen van het materiaal. Uit kostenoverwegingen spoelen schippers daarom hun tanks vaak schoon op de Noordzee. Dat is legaal, mits het 12 mijl uit de kustlijn gebeurt. Volgens Murk moet er regelgeving komen die het lozen van paraffine op zee verbiedt: “Paraffine is een drijvende, niet afbreekbare stof. Het is niet zo dat er duizenden dieren doodgaan, maar het is wel een kwestie van fatsoen.”

Kamervragen voor minister Schultz van Haegen
D66-Kamerlid Rob Jetten heeft inmiddels schriftelijke vragen ingediend bij Melanie Schultz van Haegen, minister van Infrastructuur en Milieu. In een van die vragen stelt Jetten dat de minister eerder in de Kamer heeft aangegeven dat zij aanvullend onderzoek naar milieugevaarlijke chemicaliën die op de Nederlandse stranden aanspoelen, niet noodzakelijk vindt. “Kunt u de Kamer voorzien van een overzicht van de schaal ervan en welke gezondheidsrisico’s dit ieder jaar met zich meebrengt?”, vraagt hij de minister. Ook wil Jetten van de minister horen hoe hoog de kosten zijn van het telkens weer opruimen van paraffine en of Rijkswaterstaat die kosten kan verhalen op de eigenaren van schepen die onder niet-toegestane omstandigheden milieugevaarlijke chemicaliën voor de kust lozen. Bovendien is hij benieuwd hoe de overheid controleert of er onder de vastgelegde voorwaarden wordt geloosd.

Rijkswaterstaat ruimt de paraffine op met ‘beachcleaners’ (foto: Rijkswaterstaat).

Ten slotte wil de D66’er van de minister weten hoe ver zij is in het samen met andere Noordzeelanden opstellen van een regionaal verbod op het lozen van milieugevaarlijke chemicaliën en hoe het staat met het overleg in IMO-verband dat is gericht op het verder verscherpen van de lozingseisen voor paraffine. Het Kamerlid wijst de minister daarbij op een case study die de Wageningen Universiteit momenteel uitvoert naar nationale maatregelen die de overheid al zou kunnen nemen om paraffinelozingen te voorkomen zolang dat regionaal of internationaal nog niet is geregeld.