Van links naar rechts: gedeputeerde Sander de Rouwe (provincie Fryslân) Cora van Nieuwenhuizen, wethouder Frans Veltman (gemeente De Fryske Marren) en wethouder Maarten Offinga (gemeente Súdwest-Fryslân) (foto: provincie Fryslan).

Het Rijk en de provincie trekken bijna 17 miljoen euro uit om de IJsselmeerkust op vijf plaatsen met zand te versterken en aantrekkelijker te maken. Minister Van Nieuwenhuizen ondertekende hiervoor 13 februari een overeenkomst met Friese bestuurders in Workum. De werkzaamheden zijn naar verwachting in 2023 afgerond.

Aanleiding voor de miljoeneninvestering is het voorkomen van verdere kustafslag door hoge waterstanden en golfafslag. Het invoeren van een flexibel waterpeil in het IJsselmeer zal hier geen verbetering in brengen. In de zomer mag het peil straks maximaal 20 centimeter in hoogte verschillen. Door te werken met een flexibel waterpeil kan er nu extra water worden vastgehouden, zodat ook in tijden van droogte voldoende zoetwater beschikbaar blijft. Het nieuwe zomerpeil in het IJsselmeer en Markermeer krijgt een natuurlijker verloop: een hoger peil in het voorjaar en een lager peil aan het einde van de zomer. Vanwege de waterveiligheid en de scheepvaart verandert het waterpeil in de winter niet.

Vijf plaatsen
Het Rijk en de provincie versterken de kust op de volgende vijf plaatsen: Workum, Hindelopen, Gaasterland, Mokkebank-Laaxum en Lemmer-Tacozijl. De projecten bij Makkum, Molkwar en Gaasterwaarden staan voorlopig op de reservelijst. Met het beschikbare budget was het niet mogelijk om deze projecten nu uit te voeren.Het Rijk investeert 12 miljoen en de Friese overheden dragen 4,9 miljoen bij voor het verbeteren van natuurgebieden, aanleggen nieuwe fietsroutes, betere plekken voor watersporters en kitesurfers en het beleven van cultureel erfgoed.

Lees hier het persbericht