In juni vorig jaar werd het nieuwe peilbesluit voor het IJsselmeer van kracht. Nu is er een sturingsprotocol aan toegevoegd waarmee de waterbeheerders aan de slag kunnen (foto: Dominicus Johannes Bergsma / Wikimedia Commons).

Het ‘Protocol Operationeel Flexibel Peilbesluit’, dat op 7 februari in Lelystad is ondertekend, is een handleiding voor het peilbeheer in het IJsselmeergebied op basis van het nieuwe peilbesluit van juni 2018. Om dit peilbeheer goed te laten werken, moet je kunnen anticiperen op de weersvoorspellingen. De langdurige droogte van vorige zomer was meteen een vuurproef.

Tijdens een feestelijke bijeenkomst in Lelystad tekende Louis Schouwstra, hoofdingenieur-directeur Rijkswaterstaat Midden-Nederland, het sturingsprotocol voor het flexibel peilbeheer van het IJsselmeergebied. Dat protocol is in feite de handleiding voor Rijkswaterstaat en de waterschappen om het waterbeheer in het IJsselmeergebied uit te voeren op basis van het nieuwe peilbesluit van 14 juni 2018. De waterbeheerders moeten met het peilbesluit en het bijbehorende protocol in staat zijn om beter in te spelen op de veranderende klimaatomstandigheden. Zo is het mogelijk om in droge periodes een waterbuffer te creëren waarvan de omringende waterbeheerders, in overleg met elkaar, gebruik kunnen maken. Daarnaast zal door flexibel peilbeheer een meer natuurlijk peilverloop worden nagebootst: door in het voorjaar het peil tijdelijk te verhogen en in het najaar het peil eerder te verlagen. Dit heeft een gunstige invloed op de natuur.

Louis Schouwstra, hoofdingenieur-directeur Rijkswaterstaat Midden-Nederland, tekent het sturingsprotocol voor het flexibel peilbeheer van het IJsselmeergebied (foto: Rijkswaterstaat).

Extreem droge periode zorgde voor problemen
Op het moment dat het nieuwe peilbesluit door minister Cora van Nieuwenhuizen werd ondertekend, begon in Nederland een extreem droge periode. In juni 2018 – de maand dat het peilbesluit werd getekend – verliep het neerslagtekort nog normaal en voerden de rivieren nog voldoende water af, maar een maand later moesten de waterbeheerders al beperkende maatregelen opleggen voor het gebruik van oppervlaktewater. In de tweede helft van juli daalde de rivierafvoer onder de kritische grens en werd het erg lastig om het IJsselmeer op peil te houden en door te spoelen. In de periode tussen juni en oktober nam bovendien het zoutgehalte in het IJsselmeer toe, wat problemen opleverde voor de drinkwaterinlaat van PWN bij Andijk. In oktober is vervolgens de zoetwatervoorraad ingezet om verdere verzilting te voorkomen. Pas in december was de aanvoer vanuit de IJssel weer voldoende om het IJsselmeer, onze ‘nationale regenton’, goed door te spoelen en de effecten daarvan beginnen nu langzaam merkbaar te worden.

Meteen met flexibel peilbeheer aan de slag
In feite zorgde de langdurige droogte van afgelopen zomer dus voor een vuurproef voor het nieuwe peilbesluit. Ook zonder een protocol sturingscriteria, konden de waterbeheerders immers al met het flexibele peilbeheer aan de slag. Daarmee heeft het nieuwe peilbesluit onmiddellijk zijn dienst bewezen: enerzijds kon de watervoorraad worden ingezet voor doorspoeling van het IJsselmeer, anderzijds kon worden vastgesteld dat de ongestuurde verlaging van het waterpeil in augustus binnen de grenzen van het peilbesluit viel.

‘Lerend implementeren’ kan leiden tot aanpassing van het protocol
“Met het nieuwe peilbesluit kunnen we in het IJsselmeer het peil zowel eerder als hoger opzetten”, zegt woordvoerster Sylvia Bos van Rijkswaterstaat. “Dat is afgelopen zomer ook meteen toegepast.” Het sturingsprotocol dat vorige week is vastgesteld, geeft vooral aan hoe de waterbeheerders het flexibele peilbeheer moeten toepassen. Het lijkt logisch dat de ervaringen van afgelopen zomer hun invloed hebben gehad op het uiteindelijke protocol, maar dat kan de woordvoerster niet bevestigen. Wél benadrukt ze dat er in de toekomst voldoende ruimte is om het protocol aan te passen als dat nodig is. Afgesproken is namelijk om het protocol door middel van ‘lerend implementeren’ tot uitvoering te brengen. Dit betekent dat na jaarlijkse evaluaties het protocol kan worden bijgesteld.

Het protocol is hier te vinden.