Proeftuin Oranjepolder: Glastuinders aan zet met dynamische gietwaterbassins

Tekst: Loes Elshof

Hevige regenval heeft in de afgelopen vijftien jaar bij veel Westlandse glastuinbouwers voor schade gezorgd.  Het ineens en ongecontroleerd wegstromen van grote hoeveelheden water bleek een belangrijke oorzaak. “Ondernemers weten dat zij niet meer kunnen rekenen op een schadevergoeding van de overheid. Wateroverlast behoort tot de bedrijfsrisico’s”, zegt Jouwersma. 

LTO Glaskracht
De ondernemers meldden zich na een oproep van LTO Noord Glaskracht bij het hoogheemraadschap. De extra voorzieningen, een niveausensor en een regelkraan, worden bekostigd door Delfland. De ondernemers dragen zelf zorg voor beheer en onderhoud.

Bunkers
In de gietwaterbassins, de met zwart plastic beklede ‘bunkers’ naast de kassen, vangen tuinders de regen die op de glasdaken valt. Het water gebruiken zij later bij de beregening van hun gewassen. Met de installatie van een kraan onderaan de zijkant van het bassin kan de tuinder een deel van het gietwater lozen op de sloot, voordat een zware regenbui wordt verwacht. Door het (tijdelijk) verlagen van het niveau in de bassins is er zo extra capaciteit voor waterberging. De glastuinbouwer kan hiermee zelf een bijdrage leveren aan het beperken van wateroverlast en -schade. In totaal doen nu acht ondernemers mee, deels afkomstig uit de Oranjepolder, deels uit omliggende polders. 

Tomatenkweker
Eerste ervaringen met de inzet van gietwaterbassins zijn opgedaan met tomatenkweker Lans in Maasdijk, die zelf al de benodigde kranen bij nieuwbouw had aangebracht. In samenwerking met het hoogheemraadschap, de gemeente Westland en LTO Noord Glaskracht is tijdens de eerste fase van de pilot gebleken dat deze vorm van bassinbeheer een positief resultaat oplevert en wateroverlast in dit deel van Oranjepolder vermindert. Daarnaast is binnen het project het wederzijds begrip en vertrouwen gegroeid.
Dankzij de opschaling van de pilot wordt nu ook het effect onderzocht in andere polders en wordt ervaring opgedaan met andere teelten en bedrijfscondities bij onder meer een rozenkweker, een stekbedrijf, chrysantenkwekers en andere tomatentelers. 

Gietwater
De tuinder beslist altijd zelf of hij gietwater laat weglopen. Op dit moment doet de tuinder dit handmatig, geholpen door weersinformatie en data over de waterstand in het bassin. In de toekomst is het goed mogelijk dat dit proces geautomatiseerd wordt.
Jouwersma verwacht dat de ervaringen goed zijn toe te passen in andere (langer bestaande) glastuinbouwgebieden in Zuid-Holland, die  hun bedrijfsvoering willen verduurzamen. Nieuwere glastuingebieden  in Noord-Nederland en Zeeland, met een meer industriële aanpak, beschikken vaak al over genoeg wateropvang in het watersysteem.  

Grote toestroom
Waterbeheer is voor de Oranjepolder van groot belang. Door de kassen in het gebied komt regen namelijk zeer snel in de sloten terecht. Die grote toestroom heeft vanaf eind jaren negentig herhaaldelijk tot fikse wateroverlast geleid. In de kern Maasdijk kwamen daar ook problemen met de riolering bij. Dit leverde aan de noordwestrand van het dorp een aantal keer het beeld op van een grote watervlakte: vanaf de Maasdijk tot aan de voordeuren van de huizen. Van de “ringsloot” rond het dorp, de berm en de straat was niets meer te zien.
Vanaf 1998 is er al veel gedaan aan verbetering van de afwatering. Stuwen werden vergroot en geautomatiseerd, duikers werden vergroot en er werd een extra waterbergende plas gegraven.  Maar deze maatregelen hielpen slechts gedeeltelijk en nog meer waterberging zou veel ruimte kosten. 

Proeftuin Oranjepolder
In het kader van het innovatietraject “Proeftuin Oranjepolder” is vervolgens in ‘Ateliers’ door medewerkers van Delfland,  adviseurs, gemeente, LTO en ondernemers in 2010 een uitgebreide analyse gemaakt van de oorzaak en gevolgen van de wateroverlast. Een probleem is dat de “ringsloot” rond de Oranjepolder krap bemeten is en minder efficiënt water afvoert na hevige regenval. Ook de vele overkluizingen van de watergang dragen niet bij aan een snelle afvoer. Tot 2014 moest het water moet aan de noordzijde een lange weg afleggen voordat het via de stuwen aan de zuidrand het Oranjekanaal en het gemaal Westland bereikt.  Hierdoor ontstaan plaatselijk opstuwingen.

Extra waterberging
Er is met behulp van moderne modellering gedetailleerd onderzocht wat het effect van maatregelen zou zijn. Bepaalde opties, zoals extra waterberging in de vorm van plassen, is om die reden geschrapt. Deze zouden bovendien een te groot ruimtebeslag betekenen op de schaarse ruimte in deze polder, die voor 70% is ingevuld met kassen.  

Riooloverstort
Ook is goed gekeken naar de interactie tussen het oppervlaktewater en de riolering. Aan het licht kwamen onder meer opstuwingspunten in het riool, die intussen zijn opgelost. Ook werd de drempel van de riooloverstort verbreed, zodat een snellere afvoer naar de ringsloot mogelijk is.  Als lange termijnbeleid stimuleert de gemeente nieuwbouw van kassen, waarin klimaatbestendigheid beter kan worden geïntegreerd. 
Extra maatregelen, zoals waterbergende kasdaken en intussen de dynamische inzet van gietwaterbassins, completeren het pakket.

U-profiel
Bewoners van de Willem III straat, eveneens aan de noordrand van het dorp, kregen individueel advies over maatregelen die zij rondom hun woning konden treffen. Jouwersma wijst op verhoogde stoepen en opritten tot aan de woning. Tegelijk constateert zij dat een andere ‘micro-maatregel’ nog niet is uitgevoerd, het plaatsen van een U-profiel – een soort dijkje – rondom een laag geplaatst ventilatierooster in een zijmuur.

Noodventiel
Afgelopen jaar is een mijlpaal bereikt: de ingebruikname van een dubbel uitgevoerd “noodventiel” in de Maasdijk, de zogenaamde aflaat Maasdijk. Overtollig water kan vanuit de ringsloot aan de noordrand van het dorp door de Maasdijk via twee stuwen gecontroleerd worden afgevoerd. Met als bestemming de boezemwatergangen aan de andere zijde van de Maasdijk. De Oranjepolder, van oorsprong buitendijks gebied dat hoger is komen te liggen  door aanslibbing, ligt hoger dan het gebied achter de Maasdijk.

Aflaat Maasdijk. Boring door de Maasdijk in 2013


Efficiënter
Terugkijkend heeft de ervaring van de afgelopen jaren geleerd dat de overheid, ondernemers en bewoners intensief moeten samenwerken om het waterbeheer efficiënter te kunnen inrichten, meent Jouwersma.  “Het gaat niet alleen om een vergunning of de infrastructuur, maar hoe je in het dagelijkse beheer met water omgaat.”  Samen met alle belanghebbenden naar het probleem kijken en oplossingstrategieën bepalen, is een aanpak die sinds de start van Proeftuin Oranjepolder meer ingeburgerd raakt. Maar dat was  bij de start van het traject absoluut vernieuwend.” Ze concludeert dan ook: “De innovatie van Proeftuin oranjepolder zit niet eens zozeer in de technologische vernieuwing, maar vooral in de aanpak.”