praktijkproeven
Aanleg van drempels tussen de aardappelruggen of verruigde rugopbouw zorgen voor meer water vasthouden op de akker (foto: WUR).

De resultaten van de praktijkproeven om extra water vast te kunnen houden op landbouwpercelen in het heuvelachtige Zuid-Limburg, zijn positief. Het onderzoeksprogramma van Waterschap Limburg, de WUR, LLTB en provincie Limburg wordt daarom voortgezet. De proeven bij aardappel-, maïs- en uientelers en de gebiedsproef bij wateroverlastknelpunt Thull vallen onder het Limburgse klimaatadaptatieprogramma Water in Balans.

Dat programma van Waterschap Limburg is opgezet om samen met partners en inwoners gerichte maatregelen te bedenken en te nemen om wateroverlast als gevolg van klimaatverandering te verminderen. Maatregelen worden gezocht in vier gebieden, oftewel ‘knoppen om aan te draaien’: het landelijke/buitengebied, het stedelijke/bebouwde gebied, het watersysteem (beken/beekdalen) en schadebeperking aan de eigen woning.

Proefboerderij
In 2018 is een groep gevormd van zes agrarische ondernemers (akkerbouw, melkveehouderij, loonwerk en fruitteelt), die bereid waren om op hun bedrijven, bovenop de erosieverordening, aanvullende maatregelen te nemen, als een voorbeeld voor collega-ondernemers. De deelnemers zijn in 2019 aan de slag gegaan met maatregelen om circa 10 mm meer water te bergen in het landelijk gebied. In 2020 is het bedrijvennetwerk voortgezet en zijn enkele aanvullende maatregelen getoetst bij ondernemers die niet in de oorspronkelijke ondernemersgroep zaten. De praktijkproeven hebben plaatsgevonden parallel aan en deels gekoppeld met verdiepend onderzoek op de proefboerderij Wijnandsrade (Agrarisch onderzoekscentrum voor akkerbouw). De agrariërs worden begeleid vanuit Wageningen University & Research (WUR). Josette Van Wersch, bestuurder bij Waterschap Limburg: ‘’Je merkt dat de aandacht voor water vasthouden leeft bij agrariërs. Tijdens de veld- en online bijeenkomsten zijn we in gesprek gekomen met de agrariërs. We zoeken samen met hen naar oplossingen die schade door periodes van droogte en hevige regenval voorkomen.’’

Winst voor aardappeltelers
De ‘waterwinst’ die te behalen is bij de aardappelteelt is evident: aanleg van drempels tussen de aardappelruggen of verruigde rugopbouw zorgen voor meer water vasthouden op de akker. Met name bij de eerste twee grote buien in juni 2020, van 45 en 40 mm, leverde dit respectievelijk 40 en 70 procent minder waterafstroming op. Over het gehele seizoen gerekend werd 6 mm meer water geborgen door de aanleg van drempels. Dat betekent dus een betere waterinfiltratie in de bodem, wat voor de teler kan zorgen voor een financiële meerwaarde in een droger teeltjaar. Bovendien lag de netto-opbrengst van de aardappelen bij toepassing van drempels of het verruigen van de aardappelruggen 3 tot 7 procent hoger ten opzichte van de conventionele methode.

Maïsteelt
Niet Kerende Grondbewerking (NKG) is een verplichting binnen de erosieverordening. Dit kan echter op verschillende manieren uitgevoerd worden. Optimalisatie van NKG kan nog een extra bijdrage leveren in waterberging. Op een van de bedrijven is hieraan gewerkt. Maïsteelt is met name in het voorjaar gevoelig voor waterafspoeling. Door een betere verdeling van planten op de akker kun je ervoor zorgen dat er minder snel water afstroomt tussen de maisrijen. Komend jaar worden deze resultaten nogmaals getoetst bij een negental telers en in een proef op Proefboerderij Wijnandsrade, om nog meer inzicht te krijgen in hoe groot de bijdrage is.

Niet voor niets
Ook proeven die niet direct kwantitatief meetbaar resultaat opleverden, zoals het aanleggen van drempels in uienteelt, zijn volgens de WUR-onderzoekers in hun rapport niet voor niets geweest. Hieruit zijn nieuwe inzichten ontstaan. Het waterschap en haar partners gaan door met het stimuleren van nieuwe maatregelen en ideeën waarvan ze effect verwacht om waterafstroming te verminderen.

Gebiedspilot Thull
Afgelopen jaar is er ook een gebiedsproef geweest bij wateroverlastknelpunt Thull. Hierbij is gekeken naar het achterliggende stroomgebied. De betreffende perceeleigenaren en -gebruikers zijn met elkaar in gesprek gegaan. Er is een aantal dammetjes aangelegd en een boerenbuffer. Deze aanpak laat zien dat met onderling overleg tussen de telers en enkele kleine inspanningen veel leed voorkomen kan worden. Extra aandacht voor de bewerkingsrichting of perceelsgrenzen kunnen al het verschil maken.

Onderzoek wordt voortgezet
Ook in 2021 worden er praktijkproeven uitgevoerd bij agrariërs in Zuid-Limburg en verdiepende proeven op de proefboerderij Wijnandsrade. Deze proeven worden mogelijk gemaakt vanuit de Propositie Heuvelland, een samenwerking tussen diverse overheden en agrariërs met als doel een verduurzaming van water- en bodembeheer in het Heuvelland te creëren. Provincie Limburg, Waterschap Limburg, LLTB, WML en zeven Limburgse gemeenten ondertekenden in november 2020 deze uitvoeringsovereenkomst.

Over de resultaten van de proeven is ook een video gemaakt, waarin verschillende betrokkenen de resultaten verder toelichten: