Onderzoek wijst uit dat stalen damwanden veel dunner mogen zijn

De corrosietoeslag op een stalen damwand is begin jaren negentig vastgesteld. Tot dusver werd de dikte van een damwand vermeerderd met 10 tot 30 millimeter staal om te voorkomen dat corrosie de sterkte van een damwand zou aantasten. “De afgelopen jaren hebben we bij de vervanging van damwanden gezien dat er na tientallen jaren niet of nauwelijks sprake was van corrosie. Dat was voor Rijkswaterstaat aanleiding om opdracht te geven voor dit onderzoek”, vertelt Gerard van Meurs van Deltares. 
Type grondwater
Uit de studie die bestond uit praktijk- en literatuuronderzoek, bleek dat het type grondwater (zout/ zoet/ brak) niet van invloed is op corrosie. “Wat wel van invloed is, is de aanwezigheid van zuurstof in de bodem. Een damwand die heel diep wordt geplaatst heeft nagenoeg geen last van corrosie. Een dikte van 1,2 millimeter kan dan volstaan voor een periode van 50 jaar”, aldus Van Meurs. Ook van invloed is of er in een gebied al dan niet is gegraven. “Door het omwoelen van de grond (geroerde grond), komt zuurstof in de grond en wordt corrosie bevorderd. Het fluctueren van de grondwaterspiegel kan verdere toetreding van zuurstof mogelijk maken.”
Aangepaste tabel
De resultaten van het onderzoek zijn inmiddels overgenomen door het Expertise Netwerk Waterveiligheid. Het onderzoek heeft geleid tot een nieuwe tabel voor corrosietoeslag. 

Proefperiode
ENW heeft gevraagd om gedurende een proefperiode van een jaar verdere resultaten te verzamelen en ervaring op te doen met de twee zones. Ook zullen bij projecten van dijkversterking een aantal losse damwandplanken worden geplaatst die na een vastgestelde periode worden verwijderd. Van Meurs: “We meten dan op met welke dikte de planken de grond in gaan en in hoeverre ze, na verloop van tijd, zijn aangetast. Zo komt informatie beschikbaar over de exacte afname in dikte gedurende de blootstellingsduur en weten we beter wat de resterende levensduur van de damwand is.” Ook willen we de dataset verder uitbreiden met planken die meer dan vijftig jaar in de grond hebben gestaan en zijn er nog vragen over specifieke bodemtypes; bijvoorbeeld onderzoek in gebieden met kattenklei waar sprake is van een zuurdere bodem (pH < 5).
Nieuwe normen
Na evaluatie van de bevindingen gedurende de proefperiode zal het ministerie van Infrastructuur en Milieu haar normen aanpassen. Dat betekent dat ingenieursbureaus en aannemers aan de slag kunnen met de nieuwe tabel. Vanuit de aannemerswereld is er al belangstelling voor de resultaten. “De rapportage van het onderzoek is al door verschillende aannemers opgevraagd.” Terugkijkende meldt Van Meurs dat de overgang naar de nieuwe normen vele jaren heeft geduurd en dus niet zonder slag of stoot is gegaan. “Er is de nodige tijd over heen gegaan, alvorens er voldoende vertrouwen was opgebouwd. Het verschil met de oude normen is natuurlijk groot en ik verwacht dat de resultaten uit dit onderzoek voor veel mensen in de praktijk heel verrassend zullen zijn.”