Onderzoek verwijdering microplastics in rioolwaterzuiveringsinstallaties

Zuiveringen zijn tot op heden niet gebouwd op het verwijderen van microplastics. Met de eerste zuiveringsstap, de grofvuil-roosters, worden grotere delen plastic uit het afvalwater gehaald. De voorbezinking lijkt door de lage dichtheid echter onvoldoende om microplastics te verwijderen. De bacteriën die in de volgende stap worden gebruikt om stikstof en fosfaat biologisch verwijderen, blijken ook niet in staat om de microplastics te verwijderen.

In het recente verleden zijn al metingen verricht naar microplastics in rioolwater, zuiveringsslib en in het gezuiverde afvalwater dat geloosd wordt op het oppervlaktewater. De metingen vonden plaats op rwzi’s en in het IVM-VU Laboratorium. Die resultaten gaven onvoldoende inzicht in de hoeveelheid microplastics die op een rwzi aankomen en adequate zuiveringstechnieken.

Nieuw onderzoek
Dit uitgebreide onderzoek moet vaststellen hoeveel microplastics in het gezuiverde afvalwater terecht komen en hoeveel plastics er in het zuiveringsslib achterblijven. Het zal naar verwachting ook inzicht geven in welke procesaanpassingen of nieuwe technologieën de verwijdering van plastics kunnen bevorderen. De onderzoekers zullen onder verschillende weersomstandigheden en op verschillende tijden van de dag onderzoek doen naar de instroom en verwijdering van de microplastics.

Buitenland potentie
Alle microplastics die via Nederlandse zuiveringen in het slib terecht komen, worden uiteindelijk verbrand. Dat is in andere Europese landen en in Noord-Amerika vaak niet het geval. Daar worden van zuiveringsslib biosolids gemaakt om over land uit te strooien. De microplastics die hier nog in zitten, kunnen een negatieve invloed op de ecologische kwaliteit van water en land hebben. De studie kan daarom ook voor andere landen licht werpen op de rol en relevantie van rwzi’s in het terugdringen van microplastics in het milieu.