Drooggevallen watergang

Nederland mist een bestuurlijke entiteit die nationaal de regie neemt om de toenemende droogteproblemen aan te pakken. Hoewel we genoeg slimme ingenieurs én een jaarlijks neerslagoverschot van 300 millimeter hebben, ontbreekt het aan een organisatie die boven de partijen staat en het voortouw neemt. Dat is het meest opmerkelijke nieuwe inzicht van wetenschapsjournalist René Didde na de 70 interviews voor zijn boek ‘Nederland Droogteland.’

Hoe kan het dat we in Nederland jaarlijks 300 millimeter regenwater ongebruikt laten wegsijpelen en zelfs bewust afvoeren? En dat in tijden waarin landbouw, scheepvaart, industrie en stedelingen steeds vaker last hebben van toenemende droogte?

Droogte hoeft immers helemaal geen probleem te zijn, stelt Didde die al sinds 1990 over milieu en duurzaamheid schrijft. Nederland wordt de laatste decennia gemiddeld genomen over het gehele jaar juist natter (850 mm per jaar in plaats van 750 mm per jaar). De bulk van dat regenwater, zeker 550 mm per jaar, verdampt in het voorjaar en zomer door de planten, bomen, gewassen en grassen.

Neerslagoverschot

Er is in Nederland over het hele jaar dus helemaal geen tekort, maar een neerslagoverschot van driehonderd millimeter, omgerekend een laagje van dertig centimeter water over het hele Nederlandse oppervlak. “We beschikken hier alleen in de winter over, als we er niks aan hebben. En daarom laten we deze watervracht tot nog toe ongebruikt wegsijpelen en voeren het bewust af.”
Deze eenvoudige rekensom was een belangrijk motief voor hem om het boek te schrijven. In Nederland Droogteland neemt hij de lezers in acht hoofdstukken mee langs droge beken en dorre landschappen, verdiept hij zich in vele onderzoeken en spreekt met tientallen bezorgde én vooruitziende experts.

Wat zijn de oorzaken van verdroging en verzilting? Wat zijn de effecten op de natuur? Wat merkt de douchende burger? Hoe worstelen de landbouw, de scheepvaart en de industrie met de extreem lage waterstanden? Wat te doen met botsende belangen? En: hoe ziet het waterbeheer van de toekomst eruit in het veranderende klimaat?

In zijn nieuwe boek Nederland Droogteland reist René Didde langs droge beken, dorre landschappen, verdiept hij zich in onderzoeken en spreekt hij tientallen experts.

Nationale regie

“We hebben meer dan genoeg geld om de problemen aan te pakken”, zegt Didde. “Kijk maar naar de honderden miljoenen die -demissionair- minister Van Nieuwenhuizen in watergerelateerde projecten steekt. Ook zijn er genoeg slimme ingenieurs, waterschappers en landschapsarchitecten die de meest creatieve oplossingen verzinnen. Maar het ontbreekt aan een bestuurlijke entiteit die boven de partijen – met uiteenlopende en soms tegenovergestelde belangen – staat en nationaal het voortouw neemt voor een nieuwe ruimtelijke ordening. Met als uitgangspunt: functie volgt waterpeil.”

Drents Plateau

Didde verbaast zich bijvoorbeeld over de verviervoudiging van het areaal aan bloembollen op het Drents Plateau sinds 2000. De bollen verbruiken enorme hoeveelheden water in een gebied waar water door de ligging al schaars is. Rivieren voeren er immers geen water aan. “Maar niemand, inclusief de gedeputeerde van de provincie, spreekt zich uit dat hier een einde aan moet komen. Of om te beginnen uitbreiding voorkomen. En wie stimuleert dat landbouwers op de teelt van andere gewassen overschakelen?”

Creatieve oplossingen

Het boek staat vol met creatieve oplossingen om de ‘sluipmoordenaar’ droogte te bestrijden: van boeren die met skippyballen water in sloten vasthouden of met ‘omgekeerde drainage’ water in hun landbouwpercelen brengen tot grotere projecten, zoals Panorama Waterland op de Sallandse Heuvelrug. “We barsten van de goede initiatieven, experimenten en proefprojecten. Maar als ze niet in samenhang worden opgetuigd en op de plaatsen waar de ergste problemen zich voordoen worden getest, leiden verzilting, verdroging en bodemdaling de komende jaren tot miljarden euro’s schade.”

Laagwaterproblematiek

Didde gaat ook in op de belangrijke rol van de Rijn voor de watervoorziening in ons land. De rivier is na hemelwater onze grootste waterbron. Smeltende gletsjers zorgen nog maar voor één procent van het debiet van de rivier. “De Rijn ontwikkelt zich steeds meer tot een regenrivier met piekafvoeren, zoals De Maas. Tegelijkertijd hebben we de Rijn op verschillende manieren getemd.” Schepen die in de Rijn varen hebben vanaf de jaren ’80 steeds meer diepgang. “De rivierbodem is door de snelle waterafvoer steeds verder geërodeerd. De keien op de bodem komen steeds hoger te liggen en ketsen op de kiel van de schepen.”

Samenwerking met Duitsland

De verandering van de Rijn in een regenrivier trekt volgens hem ook een wissel op de samenwerking met Duitsland. Dat bleek ook tijdens de laatste Rijnministersconferentie in 2020 in Amsterdam. Didde blikt er in zijn boek op terug. “De Duitse milieuminister Svenja Schulze vertelde me in de wandelgangen dat de lidstaten solidair met elkaar omgaan. ‘De scheepvaart is voor alle landen belangrijk. Duitsland is voor een belangrijk deel van de aanvoer van benzine afhankelijk van binnenvaarttankers vanuit Nederland,’ gaf ze aan. Duitsland heeft dus een groot belang bij een goede samenwerking. We zouden bijvoorbeeld in overleg meer piekwater van de Rijn in Duitse zijdalen kunnen opslaan.”

Grondwaterpeil

Terug naar de actualiteit. Na drie droge zomers is door de natte winters het grondwaterpeil bijna overal weer normaal. Wat is het dan eigenlijk het probleem? “Dat is onjuist. De winter die op het extreem droge jaar 2018 volgde, was niet nat genoeg om de tekorten terug te dringen. 2019 begon dus met een achterstand”, licht Didde toe. “En laten we niet vergeten dat Brabant in 2017 ook al een heel droog jaar achter de rug had. Brabant begon in 2019 dus aan het derde droge jaar op een rij.”

De winter van 2019 was weliswaar nat – met een record in februari – maar eind maart 2020 was het weer kurkdroog. In de Peel woedde een van de grootste natuurbranden van de afgelopen veertig jaar. En ook deze winter was nat, maar op de hoge zandgronden zijn de grondwaterstanden amper aangevuld.

Lezing symposium

Didde heeft al veel positieve reacties op het boek ontvangen. Hij hoopt dat het zijn weg vindt naar de lezers. In het boek haalt hij meerdere artikelen uit de nieuwsbrieven van WaterForum aan. Ook hoopt de wetenschapsjournalist dat het boek bijdraagt om het droogtebeleid naar een hoger niveau te brengen. Verder ontving hij meerdere uitnodigingen voor lezingen. Bijvoorbeeld op 22 april bij het symposium van de Energie- en Grondstoffenfabriek.

Potentie gezuiverd rioolwater

Het symposium richt zich onder meer op de enorme potentie van het gebruik van gezuiverd rioolwater. Ook hierover schrijft Didde. “We hebben er zoveel van dat eerder beschreven mogelijkheden erbij verbleken. Volgens het CBS gaat het om ruim 1900 miljoen kubieke meter per jaar. Het is al het water dat de inwoners van Nederland gebruiken voor wc, douche, afwas- en waswater. Zet dat eens af tegen de 805 miljoen kubieke meter die particulieren in 2016 gebruikten. Alle economische activiteiten bij elkaar opgeteld vragen nog eens 290 miljoen kubieke meter. Rioolwater is dus meer dan het dubbele van ons watergebruik en ruim 6,5 keer het industriële verbruik. Kunnen we daar niet meer mee dan het zuiveren en lozen naar zee?”

Het boek is hier te bestellen

Bekijk  hier de site Nederland Droogteland van René Didde