Begroeide voorlanden zorgen voor een sterke afname van golfhoogtes waardoor dijken beter beschermd zijn tegen de gevolgen van stormen. Dat stelt civiel ingenieur Vincent Vuik in een proefschrift waarop hij 27 maart promoveerde aan de TU Delft. Natura 2000 wetgeving zit grootschalige toepassing in Nederland vooralsnog in de weg.

Er is al aardig wat bekend over het effect van begroeide buitendijkse gebieden voor de bescherming van dijken tegen golven. Volgens Vuik, tevens werkzaam als adviseur bij HKV Lijn in Water, beperkte het onderzoek zich tot nu toe echter vooral tot kleine golven op ondiep water. Daarom voerde de civiel ingenieur drie jaar lang met golfsensoren tijdens stormen metingen uit op het kale slik en in de vegetatie op schorren in de Westerschelde en kwelders in de Waddenzee. En wat bleek? De golven namen met meer dan 50 procent af over 300 meter schorbreedte.

Effect begroeiing
Vervolgens onderzocht Vuik hoe de verschillende soorten begroeiing zich hielden bij stormen met zware golven. Uit de resultaten blijkt dat het vooral de wortels van de begroeiing in de hooggelegen bodem van de voorlanden zijn die het verschil maken. Hierdoor ligt het voorland hoger waardoor het sediment beter wordt vastgehouden. In getijwater komt de bodem op springtijniveau te liggen. “Dat kan zo maar twee meter boven NAP zijn. Hierdoor breken de golven enorm voor ze de dijk bereiken”, licht Vuik toe. De begroeiing zelf, zoals riet, Engels slijkgras en zeebies, blijkt het bij zware stormen echter niet te houden. Daarom ziet de civiel ingenieur vooral op beschuttere plekken, zoals het Markermeer en het IJsselmeer, een rol voor begroeiing, zoals riet en wilgen, weggelegd.

Veel interesse
Rijkswaterstaat en de waterschappen zijn volgens hem erg geïnteresseerd in de uitkomsten van het onderzoek. De kennis is al toegepast bij de projectoverstijgende verkenning van de Waddenzeedijken. Hierin onderzoeken de waterschappen Hunze en Aa’s, Noorderzijlvest en Wetterskip Fryslân innovaties om de dijken van Groningen en Friesland slimmer, sneller en goedkoper te versterken. De invloed van de aanwezige kwelders op de golfbelastingen op de Waddenzeedijken is in kaart gebracht op basis van de golfmetingen en berekeningen van Vuik. Ook waren verschillende vertegenwoordigers van waterschappen en Rijkswaterstaat aanwezig bij het symposium dat de TU Delft op 27 maart organiseerde naar aanleiding van zijn promotie.

Waterschappen terughoudend
Technisch gezien biedt het onderzoek van Vuik dus veel kansen voor een kosteneffectieve en robuuste oplossing voor de toekomstige waterveiligheid in Nederland en daarbuiten. Tegelijkertijd zijn waterschappen vaak terughoudend om begroeide voorlanden grootschalig in te zetten. Dat bleek eerder uit onderzoek van het Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWB). Zo zijn voorlanden die onder de Natura 2000 regels vallen ‘praktisch onaanraakbaar’. Daardoor kijken waterschappen sneller naar (overlastgevende) binnendijkse maatregelen of naar (dure) constructies in of op de dijk. Vuik herkent zich in het beeld. “Waterschappen schrikken in de praktijk inderdaad vaak terug, bijvoorbeeld om een uitgebreide milieueffectrapportage uit te voeren. Ze zijn bang voor vertraging en hoge kosten. Dat is zonde want de inzet van begroeide voorlanden is een betaalbare en effectieve oplossing die ook nog eens goed is voor het milieu. De biodiversiteit neemt hierdoor immers toe.”

Lees hier het persbericht