Ministerie IenW stelt norm voor bromaat in oppervlaktewater vast: 1 microgram per liter

Impressie van de nieuwe ozoninstallatie van Stichtse Rijnlanden in Houten (illustratie: Stichtse Rijnlanden).

Watersector nieuws

Het RIVM publiceerde 4 april de norm van het ministerie van IenW voor bromaat in zoet oppervlaktewater: 1 microgram per liter. De kankerverwekkende stof bromaat kan ontstaan bij zuiveringsprocessen die zijn gebaseerd op ozontechniek. Verschillende waterschappen moeten nu op zoek naar alternatieve technieken om microverontreinigingen te verwijderen, waaronder het Hoogheemraadschap van Delfland.

Dit artikel is alleen zichtbaar voor PREMIUM abonnees

Schrijf je nu gratis in om toegang te krijgen tot PREMIUM artikelen. Alleen je emailadres is voldoende. Je kunt dan alle PREMIUM artikelen gratis lezen tot 1-1-2023. Het abonnement eindigt dan automatisch. Je zit nergens aan vast. Meer informatie over WaterForum PREMIUM lees je hier.
Wij gebruiken uw emailadres alleen om u toegang te geven tot PREMIUM artikelen

Nederland is ambitieus ten aanzien van de aanpak van medicijnresten en andere organische microverontreinigingen in effluent van rioolwaterzuiveringen dat geloosd wordt op zoet oppervlaktewater, stelt het ministerie van IenW.

Ozonisatie kan een belangrijke rol spelen in het bereiken van die ambitie. Ozon zorgt ervoor dat resten van geneesmiddelen en andere chemische stoffen worden afgebroken, maar reageert ook met in het rioolwater aanwezig bromide. Dan kan de voor de mens kankerverwekkende stof bromaat ontstaan.

Ecologische risicogrenzen

Het RIVM bepaalde in september 2021 ecologische risicogrenzen voor bromaat in zoet oppervlaktewater: 50 microgram per liter. Deze risicogrenzen geven aan welke concentratie in het water veilig is voor planten en dieren die in het water leven. Voor humane toxiciteit is de grenswaarde 1 microgram per liter volgens datzelfde RIVM.

Het ministerie van IenW moest op basis hiervan een norm voor bromaat in het oppervlaktewater vaststellen. Dat heeft om meerdere redenen langer geduurd dan aanvankelijk werd verwacht. Zo ontbrak het aan de noodzakelijke risicogrens voor visconsumptie. Bovendien moest het ministerie een afweging maken onder welke voorwaarden ozonisatie inzetbaar kan blijven voor extra zuivering van microverontreinigingen.

Knoop doorgehakt

Het ministerie heeft nu de knoop doorgehakt en de norm bepaald. Het betekent dat verschillende waterschappen, waaronder het Hoogheemraadschap van Delfland, op zoek moeten naar alternatieve technieken. Zo wilde Delfland in het project SCHOON (afkorting van ‘schoonmaken effluent en hergebruik voor oppervlaktewater op natuurlijke wijze’) AWZI De Groote Lucht in Vlaardingen met een extra zuiveringsstap met ozon en zandfiltratie uitbreiden om onder meer medicijnresten en bestrijdingsmiddelen uit het afvalwater te verwijderen.

Project Delfland heroverwegen

“We moeten het project nu heroverwegen”, zegt Ko Heijboer van AWP Delfland. “We hebben de keus om gezuiverd afvalwater rechtstreeks te lozen op Het Scheur – deel van de Nieuwe Waterweg- die 10 km verder in zee stroomt. Dat effluent voldoet wel aan de normen en bevat geen bromaat. Maar als we het effluent extra behandelen met ozon in de schoonwaterfabriek om de Krabbenplas door te spoelen, dan voldoen we niet aan de norm.”

De AWP vindt het jammer, maar als Delfland niet aan de veiligheidsnorm kan voldoen, kan het dat effluent niet richting een zwemplas sturen. “Dan moet er iets anders worden bedacht. Wij hebben altijd gezegd veel belang te hechten aan het terugwinnen van fosfaat en cellulose uit WC-papier uit het afvalwater, wellicht kan het project SCHOON in die richting worden omgebogen?”, vraagt hij zich af.

Collectieve waterzuivering

Delfland werkt ook aan een collectieve zuivering op AWZI Nieuwe Waterweg voor de glastuinbouwondernemers in regio Westland. De woordvoerster van Delfland laat weten dat de combinatie ozon en actief kool kansrijk is. “Dat spoor werken we nu samen uit met de Waterzuiveringscoöperatie Westland.”

Voor de zoetwaterfabriek in het project SCHOON is deze combinatie van technieken niet mogelijk, stelt de woordvoerster. “”Op De Groote Lucht is hiervoor nu geen ruimte. Daarom kijken wij met de partners in Nieuw Waterland welke doelen van SCHOON wij op welke manier en welke termijn kunnen halen. De gesprekken daarover lopen en ik verwacht dat we deze zomer meer weten.”

RWZI Dinther

Een ander voorbeeld is de rwzi Dinther van waterschap Aa en Maas. Door een industriële lozing bevat het in- en effluent gemiddeld 500 microgram bromide per liter. Bij toepassing van ozon wordt dan bromaat geproduceerd. Daarom overweegt het waterschap nu een combinatie van actief kool en ozon. Het betekent dat het waterschap minder ozon hoeft te doseren om hetzelfde verwijderingsresultaat te krijgen. En hoe minder ozondosering, hoe minder bromaatvorming.

RWZI Winterswijk

Maarten Nederlof, senior beleidsadviseur Schoon en Gezond Water bij waterschap Rijn en IJssel en tevens actief als manager van het Versnellingsprogramma als onderdeel van de ketenaanpak medicijnresten uit water, is blij dat er nu duidelijkheid is over de norm. “Bij rwzi Winterswijk hebben wij nu ook gekozen voor de combinatie van (biologisch) actieve kool filtratie en ozon. In tegenstelling tot rwzi Dinther hebben wij lage bromidegehaltes. Wij spelen echter op safe door deze combinatie toe te passen, maar voor verwijdering van medicijnresten zou wellicht alleen oxidatie met ozon volstaan.” Deze aanpak met gecombineerde technieken is volgens hem ook geschikt voor andere waterschappen die met lage bromidegehaltes hebben te maken.

RWZI Houten

Hoogheemraadschap Stichtse Rijnlanden startte in november 2021 met de bouw van een ozoninstallatie in Houten. Het Hoogheemraadschap kan aan de norm van IenW voldoen en opent naar verwachting begin juli 2022 de installatie. Stichtse Rijnlanden loost op het Amsterdam-Rijnkanaal, maar voor drinkwaterbedrijf Waternet volstaat het als het Hoogheemraadschap de norm niet overschrijdt. Door de installatie verbetert immers de waterkwaliteit.