“Met Engeland en Duitsland rivierverruiming aanpakken”

Tijdens de internationale werkconferentie over de Europese rivieren in Nijmegen hebben internationale waterofficials en deskundigen uit Engeland, Duitsland en Nederland afgesproken hun samenwerking te concretiseren. Initiator Marnix de Vriend van Aqua-delta consult bv bezocht samen met zijn Engelse gasten de dijkteruglegging in Lent. “Dit project is voor de Engelsen een walhalla. Ze vonden het geweldig om te zien wat er mogelijk is, dat je tegelijk met de watersituatie ook de recreatie, natuur en economie kunt versterken.” 
Dit in contrast tot de situatie in de regio Londen, zo vertrouwde Adam Guy programmamanager van het Thames Estuary Partnership, zijn toehoorders toe. “Er zijn veel kleine riviertjes die uitkomen op de Thames. Op die punten kun je zo je veel dingen doen voor de natuur en de leefomgeving. Maar het gebeurt niet of nauwelijks.” Wel een goed voorbeeld vormt het zijriviertje Lee, waarop naar hartenlust wordt gekanood. En aangezien in het Verenigd Koninkrijk de private partijen zich actief manifesteren in het publieke domein, hoeven de maatregelen de overheid geen geld te kosten. “De markt kan het aanpakken.”
Bezuinigingen in waterbeheer
Het ecologische functioneren van het oppervlaktewatersysteem in Londen is van bedenkelijk niveau. Dankzij een gemengd rioolstelsel uit de Victoriaanse tijd, stroomt na harde regenval de inhoud van de riolering nog steeds in de Thames. “Ongelooflijk, dat dat nog niet is geregeld. Dit probleem is in Nijmegen dertig jaar geleden al opgelost, en in Brussel tien tot vijftien jaar geleden”, reageert De Vriend. 
Door enorme bezuinigingen gaat op dit moment in Engeland heel veel kennis over watersystemen verloren, omdat de overheden tweederde van het personeel hebben moeten ontslaan. Bij universiteiten is die kennis nog wel aanwezig, maar door gebrek aan aandacht en capaciteit bij de rijksoverheid wordt sterk gevreesd voor een terugslag op het waterbeheer.

Actieplan in Somerset

Barry James, eindverantwoordelijk ambtenaar in het door overstromingen geplaagde graafschap Somerset, gaf inzicht in de wijze waarop deze regio overstromingen in de toekomst wil voorkomen. Voor Somerset is een actieplan gemaakt voor de komende twintig jaar, samen met de lokale gemeenschappen. Er is over de lengte van 8 km een riviertje, genaamd Parrott, uitgebaggerd om de waterafvoer te verbeteren. Maar dit is op termijn niet voldoende. Ook de burgers begrijpen dat er meer moet gebeuren, en het graafschap wil toewerken naar een duurzamer watersysteem. “Ze moeten het systeem met dijkjes, die nog door Hollanders 300 jaar geleden langs de rivieren zijn gebouwd, loslaten. Ook hier zal een ruimte voor de rivier aanpak moeten waarbij water in uiterwaarden  kan worden opgevangen, en voorkomen wordt dat dorpjes en steden overstromen.” 
“Tegelijk kunnen wij veel van hun ervaring met overstromingen leren. Engelsen weten wat ze moeten doen als het water uit de wc omhoog komt en hoe je het water je huis uit krijgt”, aldus Marnix de Vriend. In Somerset wordt op 2 en 4 juni een vervolgconferentie gehouden, waarvoor belangstellenden zich hier kunnen opgeven.

Waterbergende mijnen
Ook voor een tweede INTERREG subsidieprogramma, “Nord West Europe”, waarin onder meer Duitsland, Nederland en Denemarken deelnemen, is naar aanleiding van de Nijmeegse conferentie een vervolgbijeenkomst gepland in Keulen. Nederlanders en Duitsers gaan verder onderzoeken of het mogelijk is om verlaten bruinkoolmijnen bij Keulen in te zetten als waterberging in combinatie met energieopwekking door waterkracht. Daarbij zal ook het idee onder de loep worden genomen om extra ruimte voor Rijnwaterafvoer te creëren in de Maas, die dankzij talrijke stuwen tijdelijk ‘leeg’ zou kunnen worden gemaakt.