Foto Mieke Bos

Het Hoogheemraadschap van Delfland startte begin januari met de laatste ondernemers in drie van de 20 polders met glastuinbouwgebieden in de gemeente Westland met het terugdringen van lozingen en lekkages uit de kassen. En dat is hard nodig want de kwaliteit van het oppervlaktewater in het gebied is al jaren slecht. Delfland meet nog steeds overschrijdingen van nutriënten en gewasbeschermingsmiddelen in het oppervlaktewater.

De glastuinbouwsector heeft met zo’n 1500 ondernemingen veel invloed op de waterkwaliteit in het gebied van het Hoogheemraadschap. Lozingen en vooral lekkages van gewasbeschermingsmiddelen en meststoffen uit kassen staan de doelen voor schoon, gezond en levend water in de weg.

Bovendien heeft de glastuinbouwsector met de overheid afspraken gemaakt om vóór 2027 te komen tot een nagenoeg nul-emissie van nutriënten en gewasbeschermingsmiddelen naar het oppervlaktewater.

Overschrijdingen

Bijna alle glastuinbouwbedrijven zijn van 2011 tot en met 2013 aangesloten op de gemeentelijke riolering. Lozingen zouden dus niet meer moeten voorkomen. Toch meet Delfland nog steeds veel overschrijdingen van nutriënten en gewasbeschermingsmiddelen in het oppervlaktewater. Daarom begon het Hoogheemraadschap in 2014 met de gebiedsgerichte aanpak. Begin januari zijn hier de glastuinbouwpolders in de omgeving Prinsenbos, Baakwoning en Opstal in de gemeente Westland bijgekomen.

Intensieve meetcampagne

Het Hoogheemraadschap start in deze laatste drie polders is gestart met een intensieve meetcampagne. Met een fijnmazig meetnet controlereert Delfland 24/7 in een polder of boezemgebied de waterkwaliteit op meststoffen en gewasbeschermingsmiddelen om een goed beeld te krijgen waar te hoge concentraties in het water voorkomen.

Verbeteringen doorvoeren

De meetresultaten bespreekt Delfland met de ondernemers. Hierbij komen ook de verbeteringen die zij in hun bedrijf kunnen doen om lekkages te voorkomen aan bod evenals en de termijn waarin ze de verbeteringen doorvoeren. In gebieden waar Delfland eerder deze aanpak toepast ziet het naar eigen zeggen nauwelijks meer bewuste lozingen, minder lekkages en meer waterbewuste ondernemers.

Vervuiler moet nu betalen

AWP Delfland is minder overtuigd en liet vorig jaar al weten een ‘flinke tand’ bij te willen schakelen. “Het Hoogheemraadschap moet meer bedrijfsondersteuning aan tuinders geven. Teelten zonder bestrijdingsmiddelen moeten de gangbare praktijk worden en spuiten echt een uitzondering”, liet Hans Middendorp van de AWP aan WaterForum weten. Ook wil de AWP dat er meer controles komen. Zo maakte Delfland in 2021 bekend dat met de nieuwste eDNA technieken precies kan worden nagegaan uit welke kas met tomaten of paprika’s een lozing van bestrijdingsmiddelen afkomstig is. AWP Delfland vindt dat de extra kosten voor extra bedrijfsondersteuning en extra controles moeten worden betaald uit een extra heffing voor de glastuinbouw.

Onacceptabel

“Wij vinden de gebiedsgerichte aanpak van bestrijdingsmiddelen en stikstof nuttig en nodig, maar als je eerlijk bent kun je nog niet echt van een succes spreken. Zo blijkt uit de Waterkwaliteitsrapportage van Delfland uit 2020 dat stikstof in de glastuinbouwpolders sinds 2014 met 45% afgenomen, maar in de boezem is ook al een afname 39% geconstateerd”, zegt Middendorp. “Dat zijn grote stappen, maar in veel gevallen is de concentratie stikstof nog steeds boven de norm. Maar wat wij echt onacceptabel vinden, is dat er 18 bestrijdingsmiddelen boven de veiligheidsnorm uitkomen. En dat is op jaarbasis, dus het gaat niet om incidentele uitschieters. En dan wordt er in de rapportage geen rekening gehouden met de totale toxiciteit van alle stoffen bij elkaar. De methode van Delfland om alle grammen van bestrijdingsmiddelen bij elkaar op te tellen, is wetenschappelijk absurd. Bestrijdingsmiddelen verschillen onderling in giftigheid en werkingsduur, daar moet je rekening mee houden.”

Vloeren certificeren

“Uit een presentatie onlangs van de handhavers van Delfland kwam naar voren dat het opsporen van lekkages veel tijd en moeite kost. Er wordt ergens in een sloot tussen de kassen een overschrijding gevonden, maar het lukt dan niet om de bron aan te wijzen. En dan gaan de handhavers onverrichterzake verder. Een barst in de betonvloer van de kas kan al een lekkage geven. Wij vinden het vreemd dat tuinders hun vloeren niet periodiek laten certificeren.”