Hoge verwachtingen van optimalisatie rwzi’s voor verwijderen geneesmiddelen

Het frappante verschil per rwzi kwam het duidelijkst naar voren in de presentatie van Peter van der Maas die sprak namens de Vereniging participanten waterketen Noord-Nederland (VPWNN). Oorspronkelijk was hij op zoek naar een niet-afbreekbare zoetstof die hij als tracerstof kon gebruiken om beter zicht te krijgen op de loop van het zuiveringsproces voor, in en na de rwzi. Via de literatuur kwam hij op acesulfaam dat te boek stond als een vrijwel onafbreekbare zoetstof. Al snel werd het Van der Maas duidelijk dat het niet het geval was en dat de stof op sommige rwzi’s wel sterk werd afgebroken. Hij ontdekte echter dat het verwijderingspercentage per rwzi sterk verschilde. Zo verwijderde rwzi Assen, 99% van alle in het influent aanwezige acesulfaam. Echter op rwzi Gieten wordt maar 37% verwijderd. 
 
Grote verschillen per rwzi

Van der Maas zocht verder en in het najaar 2015 werd het verwijderingsrendement gemeten van 18 antropogene micro-verontreinigingen (OMP) op zeven verschillende rwzi’s in Noord-Nederland. Dat leverde het beeld op dat de verwijderingspercentages voor alle stoffen sterk verschillend is, aflopend van 99% tot minder dan 10%. 
Frappant was de tegenstelling tussen acesulfaam (zoetstof) en diclofenac (ontstekingsremmer). Op rwzi Gieten wordt maar 37% acesulfaam verwijderd maar dezelfde rwzi verwijdert wel 61% diclofenac. Op rwzi Assen daarentegen wordt met 99% zo goed als alle acesulfaam uit het afvalwater gehaald, maar de rwzi scoort met minder dan 10% heel slecht op de verwijdering van diclofenac.
 
Super sludge

Volgens Van der Maas toont dit aan dat de omzettingen sterk afhankelijk zijn van locatie-specifieke omstandigheden. Door onderzoek naar de manipuleerbaarheid van het zuiveringsslib is het wellicht mogelijk om de verwijderingsrendementen voor alle micro-verontreinigingen, en daarmee ook geneesmiddelen, te verhogen, aldus Van der Maas op de kennisdag. Hij wees op het onderzoeksproject MicroNAC van het programma TKI Watertechnologie dat door Vitens, Waterlaboratorium Noord-Nederland en Wageningen universiteit momenteel wordt uitgevoerd. Het onderzoek is op zoek naar ‘super sludge’, dat ingezet kan worden om specifieke stoffen af te breken die de drinkwatervoorziening bedreigen.

Drietraps aanpak

Professor Huub Rijnaarts, hoofd van de sectie Milieutechnologie van de Wageningen Universiteit, voorziet een drietraps aanpak voor het verwijderen van geneesmiddelen uit rwzi-effluent. Allereerst kan het zuiveringsproces wordt verbeterd door gebruik te maken van ‘super sludge’. Vervolgens kunnen de resterende geneesmiddelen worden afgebroken met fysische-chemische technieken zoals ozon, UV-licht en actiefkool. Hierbij ontstaan volgens Rijnaarts echter weer nieuwe milieubelastende stoffen die in een laatste derde stap verwijderd moeten worden. Die laatste stap kan biologisch omdat de stoffen die ontstaan bij de fysisch-chemische behandeling veel makkelijker afbreekbaar zijn. Rijnaarts waarschuwde dat desondanks op een rwzi nooit alle micro-verontreinigingen helemaal verwijderd kunnen worden.
 
Drie interessante opties

Op de kennisdag presenteerden onderzoekers van de Wageningen Universiteit een aantal opties die mogelijk interessant kunnen zijn om micro-verontreinigingen op rwzi’s te kunnen verwijderen. Zo verrichten Wageningse onderzoekers veel onderzoek naar het opnemen van micro-verontreinigingen door planten.
Arnoud de Wilt vertelde over zijn promotieonderzoek naar de mogelijkheid om het rwzi-effluent eerst kort in een biologie te pre-conditioneren voor een ozon-behandeling, gevolgd door een lange biologische behandeling om de ontstane metabolieten te verwijderen. Zijn onderzoek is nog op labschaal.
 
Eerste resultaten in de praktijk

In de praktijk wordt op rwzi Papendrecht al geëxperimenteerd met het toevoegen van actiefkool aan het zuiveringsslib. Op rwzi Panheel is een pilot-proef gedaan met de voorbehandeling van rwzi-effluent op UV-filtratie. Hieruit bleek dat het energieverbruik van de UV-filtratie fors omlaag kan als eerst het effluent eerst in een ionenwisselaar is behandeld.
Verder startte onlangs op rwzi Horstermeer een proef om de nageschakelde Onestep-filter uit te breiden met een ozon behandeling.

Nederland goedkoper 

Volgens professor Huub Rijnaarts zal het onderzoek naar nieuwe watertechnologie ertoe leiden dat de verwijdering van geneesmiddelen in Nederland veel goedkoper zal zijn dan in Zwitserland. Daar worden een aantal rwzi’s uitgerust met een vierde trap die standaard bestaat uit een combinatie van ozon- en actiefkoolfiltratie. Door het uitgebreide onderzoek in Nederland kan volgens Rijnaarts hier veel meer maatwerk worden geleverd en zal het verwijderingsrendement veel hoger zijn, en de extra kosten veel minder.