Hilde Prummel, directeur Waterlaboratorium Noord: “Integraal waterkwaliteitsbeheer vergt een blik over de eigen sectorgrenzen heen”


Tijdens het kennisprogramma van Aqua Nederland Vakbeurs verzorgt u op 18 maart een presentatie met als titel ‘Van drinkwater naar afvalwater, de cirkel rond’. U gaat daarbij in op afvalwaterlozingen en de bedreigingen die zij met zich meebrengen. Nemen de bedreigingen toe ?
“Er komen steeds nieuwe stoffen op ons af. Deels omdat we dat beter kunnen meten. Onze meetapparatuur wordt steeds geavanceerder. We vinden dan ook steeds meer humane toxicologische stoffen, die stoffen waar mensen ziek van kunnen worden. Voor zover nu bekend gaat het om 700 stoffen, misschien zijn het er over een half jaar wel 800. 
Er zit nog een groot kennishiaat: we weten niet of de gevonden stoffen echt een nadelig effect hebben op de mens. Dat zijn heel ingewikkelde studies.”
Hoe krijg je het beste zicht op de risico’s?
“Dat raakt aan de titel van mijn presentatie; de cirkel rond! Wij zijn hier in het noorden samen met de noordelijke waterschappen bezig te kijken hoe we met elkaar beter zicht krijgen op de organische micro’s  in water, zodat we het waterkwaliteitsbeheer in zijn geheel kunnen verbeteren. Een duurzame visie kun je alleen ontwikkelen als je dat met elkaar doet.” 
Welk deel van de keten krijgt  in zo’n duurzame ketenvisie de nadruk in de aanpak van problemen? Moet je vooral zorgen dat je schadelijke stoffen zuivert uit het afvalwater of uit het drinkwater?
“Wat mij betreft kan dat zelfs nog verstrekkender. Misschien moet je wel zorgen dat je biologisch afbreekbare stoffen gaat maken, zodat je geen humane toxicologische stoffen uit het water hoeft te zuiveren. Of misschien moet je al in de ziekenhuizen of zorginstellingen kijken hoe je kunt voorkomen dat er zoveel medicijnresten in het afvalwater belanden. Zij hebben daar ook een verantwoordelijkheid in. Als je dat erkent, kun je vervolgens kijken of dat daar dan ook de beste plek is om het probleem aan te pakken. Dat moet je heel integraal beschouwen. Dat is verstrekkend, maar volgens mij wel de richting die we op moeten. Er is echt winst te halen bij het over de grenzen van de eigen sector heen kijken. Al blijkt het in de praktijk al moeilijk genoeg om als drinkwaterbedrijf en waterschap met elkaar samen te werken.”
Wat maakt die samenwerking zo lastig? Het zorgen voor goed drinkwater en oppervlaktewater is toch een gedeeld belang?
“Dat is waar. Maar beide organisaties hebben hun eigen financiële paragrafen, hun eigen benchmarks, hun eigen posities. Daarin zie je de verzuiling optreden. Daarbij zijn de waterschappen niet verplicht om alle medicijnresten uit het water te zuiveren. Er zijn geen keiharde normen daarvoor. Verderop in de keten is het drinkwaterbedrijf wél verplicht om schadelijke stoffen eruit te halen. Terwijl het vanuit het maatschappelijk belang misschien veel beter kan zijn om dat zuiveren bij een afvalwaterzuiveringsbedrijf te doen, omdat het daar veel minder geld kost.” 
Het drinkwaterbedrijf dat investeert in de zuivering van het afvalwater. . .
“Daar ligt volgens mij de sleutel. Dat vereist dat je met elkaar overeenkomt dat je het samen op die manier oppakt. Als drinkwaterbedrijf moet je dan op een andere plek in de keten mee-investeren. Als dat je uiteindelijk minder geld kost, is het eigenlijk heel logisch.”
En als je in de ketenbenadering daarnaast ook het ziekenhuis wilt betrekken: wie spreekt dat ziekenhuis dan op zijn verantwoordelijkheid aan. Het drinkwaterbedrijf of het waterschap? Of ziet u daar een rol voor de overheid? Moet die regels opstellen?
“Goede vraag. Die regels zijn er nu niet. In het noorden zijn we op eigen initiatief samen, de drinkwaterbedrijven en de waterschappen, naar het ziekenhuis in Groningen gestapt. Sinds anderhalf jaar zitten we met elkaar om tafel. Inmiddels hebben we goed zicht op waar de meeste medicijnen vrij komen. Nu zijn we aan het kijken wat we eraan zouden kunnen doen en op welke plek in de keten.”
Zolang ziekenhuizen de milieuwetgeving niet overtreden, hebben ze weinig belang bij het deelnemen aan integraal waterkwaliteitbeheer. Hoe krijg je ze toch mee?
“Je ziet dat ziekenhuizen vanuit hun eigen duurzaamheidagenda hiermee wel aan de slag gaan. De laatste een, twee jaar is ziekenhuisafvalwater best een topic in het land. Op diverse plekken in het land worden waterzuiveringen gebouwd bij de ziekenhuizen. Dat is overigens maar een deel van de oplossing. In het ziekenhuis komt slechts twintig procent van de stoffen vrij. Patiënten blijven tegenwoordig kort in het ziekenhuis, dus plassen en poepen ze het grootste deel van de medicijnen thuis uit.”
Betekent dat dat je nog een stap eerder in de keten moet gaan kijken en er bijvoorbeeld voor moet pleiten dat er medicijnen met beter afbreekbare stoffen worden gemaakt? Op naar de farmaceutische industrie dus?
“We begeven ons daarmee buiten onze expertise, maar dat is wel een logische denkrichting. Noem het een uitdaging. Ondertussen wordt er ook steeds meer onderzoek gedaan naar technologische oplossingen. Bij Wetsus in Leeuwarden is sinds kort het onderwerp ziekenhuisafvalwater toegevoegd als onderzoeksthema. Dat leidt niet alleen tot nieuwe technologische oplossingen maar ook tot meer maatschappelijke bewustwording.” 
Is de manier waarop jullie in Groningen als WLN, waterschappen, drinkwaterbedrijven en ziekenhuis samen optrekken pionieren of kunnen jullie de kunst afkijken in andere regio’s?
“Het is volgens mij uniek. Daarom wil ik het ook mooi om onze ervaringen te delen op de Aqua Nederland Vakbeurs. Vlak voor de vakbeurs hebben we een beslissend overleg over de fusie van ons laboratorium dat werkt voor de twee drinkwaterbedrijven in Noord-Nederland met de laboratoria voor de twee waterschappen. Dat belooft inhoudelijk heel waardevol te worden. Vanuit zo’n gefuseerd laboratorium kunnen we de ketenbenadering nog beter oppakken.” 
U bent op de Aqua Nederland Vakbeurs dagvoorzitter van het onderdeel Drinkwater en Milieu. Waar bent u vooral benieuwd naar?
“Er komen veel mooie en actuele thema’s aan bod. Zelf ben ik erg benieuwd naar het verhaal van Harry Timmer van drinkwaterbedrijf Oasen. Zij zitten op het spoor van het volledig zuiveren van drinkwater. Het is technologisch mogelijk om met membramen alle stoffen uit het water te reinigen en vervolgens de echt noodzakelijke stoffen als een beetje calcium en mineralen toe te voegen. Dan ben je af van de discussie welke stoffen wel of niet schadelijk zijn en in welke hoeveelheden. Als technoloog vind ik het prachtig wat zij doen. Maar je laat dan wel het idee totaal los van het zoeken naar synergie door in de keten met elkaar te kijken hoe je zo goed mogelijk met water om gaat. Als je alles eruit kunt halen, geef je de rest van de keten in feite een vrijbrief om maar te doen wat je doet. Een boeiend voorbeeld van een precies tegengestelde denkrichting.” 
Tijdens de Aqua Nederland Vakbeurs in Gorinchem op 17, 18 en 19 maart organiseren NWP, Water Alliance en EnvAqua de Nationale Watertechnologie Week 2015 met als thema ‘De waarde van water, nu en in de toekomst’. In de aanloop daartoe spreekt Waterforum elke week met een van de sprekers in dit kennisprogramma. Hilde Prummel is op 18 maart dagvoorzitter van het thema Drinkwater en Milieu.