‘Groene goud’ van algen nog niet gedolven

Door Pieter van den Brand

Kunstmestfabrikant Yara in het Zeeuwse Sluiskil heeft een stikstof- en fosfaatrijke restwaterstroom van zo’n 13.000 kuub per dag. Het water bevat de reststoffen uit de demi-watervoorziening, die middels ionenwisseling water van zeer zuivere kwaliteit voor het productieproces maakt. Het concentraat wordt nu nog geloosd op het nabijgelegen Kanaal Gent-Terneuzen. In een tweejarig proefproject onderzoeken Yara en een aantal partners in hoeverre algen stikstof en fosfaat uit het water kunnen verwijderen. Zij gebruiken beide stoffen als voeding, naast CO2 dat als bijproduct van de kunstmestfabriek in ruime mate voorhanden is. 
Het proefproject met de algen in de afvalwaterzuivering is begin 2014 begonnen. Kosten: bijna € 1 miljoen, waarvan circa € 300.000 subsidie van de provincie, die de ‘biobased’ bedrijvigheid in de Kanaalzone Gent-Terneuzen wil stimuleren. De algentechnologie is volgens projectmanager Remy Bun van Yara een veelbelovende optie om het concentraat van de demiwatervoorziening te zuiveren. Met name, stelt hij, omdat de algen zelf een nuttige bestemmingen kunnen krijgen, bijvoorbeeld in de zeeakkerbouw waar de alg als meststof kan dienen of als veevoeradditief.
Desondanks heeft de algenproductie niet Yara’s eerste prioriteit. De eerste aandacht in deze pilot gaat uit naar het verwijderen van stikstof en fosfaat. Om lagere lozingskosten is het Yara volgens Bun niet te doen. “Dat bedrag staat niet in verhouding tot de € 1 miljoen die we samen met onze partners in dit project investeren.” De zuiveringsresultaten stemmen voorlopig tot tevredenheid. Het proefbassin heeft een capaciteit van 7,5 m3 restwater per dag en verwijdert driekwart van de stikstof- en fosfaatvracht. Voor een fullscale installatie, die dagelijks de benodigde capaciteit van 600 m3 restwater haalt, is een oppervlak van vier hectare nodig. “Die ruimte hebben we hier in principe wel”, aldus Bun. In de toekomst sluit hij niet uit dat Yara op commerciële schaal algen gaat kweken. “Wellicht, als we een geschikte partner vinden.”

Afvalwaterzuivering met algen van Yara in Sluiskil (foto's: Yara)

Impasse
Het optimisme van Yara Sluiskil wordt niet overal gedeeld. Volgens manager R&D Wilbert Menkveld van Nijhuis Water Technology zit het onderzoek naar de combinatie van algen en waterzuivering in een impasse. “Een aantal jaren terug was er sprake van een hype. Uit al die proefprojecten is gebleken dat het economisch gezien niet haalbaar is. Technisch gezien lukt het prima om restconcentraties stikstof en fosfaat met algen uit afvalwater te halen, maar daarin zul je alleen in het voorjaar en de zomer succesvol zijn. Een jaar rond is het in Nederland erg lastig om een goede effluentkwaliteit te halen. In de winter groeien algen vanwege de lagere temperatuur en te weinig zonlicht erg langzaam en nemen dan weinig stikstof en fosfaat op uit het afvalwater. Daarnaast heb je bij open vijvers zeer veel oppervlak nodig en dat is vaak onvoldoende beschikbaar. Vanwege het grote oppervlak is de afkoeling in met name de winter erg groot”, zegt Menkveld.
Als hoofd industriewatertechnologie was Menkveld bij zijn vorige werkgever Witteveen+Bos betrokken bij een aantal proefprojecten. Een daarvan was dat bij industriële waterzuiveraar Waterstromen in Olburgen, waar in 2010 een algenproef plaatsvond met restwater van aardappelverwerker Aviko. Het industriewater dat bij deze proef werd gebruikt, had een temperatuur van 30 graden Celsius en dat bleek onvoldoende om de algenbassins in de winter te verwarmen. Het proefproject bij Yara, wil Menkveld benadrukken, kent hij onvoldoende om er een oordeel over te vellen.

Dag en nacht
Een ander aspect belicht Menkvelds collega en afvalwatertechnoloog Nadine Boelee, gepromoveerd op algen. “Afvalwater is er 24 uur lang. ’s Nachts heb je een probleem als er geen licht is en de algen hun zuiverende taken niet kunnen verrichten, doordat er geen fotosynthese plaatsvindt voor de algengroei. Dat is deels op te lossen door het afvalwater te gaan bufferen, maar dat kost veel ruimte en die is er vaak niet.” 
Menkveld en Boelee zien meer mogelijkheden voor algenzuivering in het Midden-Oosten, Afrika en Zuid-Europa, al blijft het lastig een constante effluentkwaliteit te garanderen.

Afvalwaterzuivering met algen van Yara in Sluiskil (foto's: Yara)

Licht
Bij Yara Sluiskil speelt warmte een weinig belangrijke rol. Een temperatuur van 10 graden Celsius is voldoende om de algen goed te laten gedijen. “We kunnen makkelijk restwarmte toevoegen uit het productieproces, maar die mogelijkheid hebben we tot nu toe niet hoeven aan te spreken.” Deze winter bleef de algenvijver vorstvrij. Licht is wel een bepalende factor, beaamt Bun. ’s Nachts zijn de algen niet actief, maar het bassin heeft genoeg buffercapaciteit om dat op te vangen. 
De algenzuivering is nu vier seizoenen in bedrijf geweest, maar ook in de winter werd volgens Bun algengroei geconstateerd. Volgens hem zijn het klimaat en de lichtinval in Zeeuws-Vlaanderen goed genoeg voor de algenteelt, “maar die conclusie kunnen we pas definitief trekken als de proef is afgerond.” Het eindrapport van de proef wordt in de loop van dit jaar verwacht. 

Dit artikel is een verkorte weergave van een artikel uit Waterforum Magazine, 2016, nr 1. Het hele artikel lezen? Download de Waterforum App in de Appstore of in de Google Play store en lees het magazine direct digitaal (via digitaal abonnement of koop het magazine eenmalig) .