Gemorste brandstof opruimen met bacteriën

De groeiende wereldbevolking en daarmee industriële activiteiten brengen risico’s voor de omgeving zoals bodem- en grondwaterverontreiniging met zich mee. Incidentele lekkages bij opslagtanks of tijdens afvalverwijdering veroorzaken verontreinigingen in de bodem met niet-organische of organische verbindingen.

 

Organische verontreiniging klinkt natuurlijk, maar is het niet
De term organische verontreiniging klinkt wel natuurlijk, maar je moet hierbij toch echt denken aan aromatische en alifatische koolwaterstoffen zoals benzeen en pyreen. Beide zijn aantoonbaar kankerverwekkende stoffen voor mens en dier. Het is dus belangrijk om te onderzoeken hoe we die verontreinigde water- en bodemsystemen kunnen schoonmaken, het liefst zonder er andere stoffen aan toe te voegen. Dit schoonmaken met natuurlijke middelen noemen we bioremediatie.

Werkt het ook met brandstoffen als benzine?
Bioremediatie wordt gezien als een kosteneffectieve en duurzame oplossing om de natuurlijke afbraak te versnellen. Op enkele locaties wordt dit ook al toegepast en met onderzoek gevolgd (zoals  in het Griftpark, Utrecht).

In haar proefschrift zoekt Marcelle van der Waals (Deltares, Wageningen University & Research) uit hoe stoffen uit brandstoffen zoals benzine afbreken onder invloed van bacteriën. Benzine is een mengsel met stoffen als methyl tert-butyl ether (MtBE), ethyl tert-butyl ether (EtBE), tert-butyl alcohol (TBA) en benzeen. De vraag rijst welke micro-organismen voor de afbraak zorgen, waar die precies zitten en hoe die deze organische stoffen op nemen en af breken. Door dit beter te begrijpen ontdekken we of en hoe micro-organismen inzetbaar zijn om onze bodem weer schoon te krijgen.

Zo bleek tijdens het onderzoek van Van der Waals bijvoorbeeld dat we bacteriën in het laboratorium wel degelijk kunnen aanleren om steeds meer te gaan ‘eten’. In het geval van MtBE  bijvoorbeeld lukte dit zelfs opvallend goed. Van der Waals: ”Dit kostte wel veel tijd, wel een jaar of drie, maar het is natuurlijk hoopgevend om te zien dat bacteriën deze stoffen opnemen. Hoe meer verontreiniging je ze kunt laten eten hoe interessanter het wordt. ’

Van het laboratorium naar het veld
Zo interessant zelfs dat Deltares collega’s van Van der Waals nu in het veld in Amersfoort bezig zijn om deze bacteriële veelvraten daadwerkelijk in te zetten op vervuild terrein. Collega’s kijken nu of ze ook buiten het laboratorium doorgaan met vervuiling opeten. Van der Waals; “dat is natuurlijk wat je wilt als onderzoeker; dat de volgende stap daadwerkelijk wordt gezet en dat je onderzoek wordt toegepast.’

Marcelle van der Waals is op 18 oktober gepromoveerd aan de Wageningen University & Research.