foto: Twitter

“Als we nu niets doen is de leveringszekerheid van drinkwater in de toekomst niet meer vanzelfsprekend”. Dat zei directeur Wim Drossaert van Dunea in de talkshow van brancheorganisatie Vewin. De drinkwaterbranche sprak met Kamerleden over de opstapelende milieu- en ruimtelijke problemen waar de sector steeds meer last van ondervindt. De roep om een nieuw Nationaal Akkoord Water met centrale afspraken en gezamenlijke financiering staat bij Vewin hoog op de agenda.

Vewin verzorgde 4 februari een live uitzending van een ontmoeting van afgevaardigden van de drinkwatersector met politici. Ze spraken over de toenemende problemen rond de waterwinningen en de daarmee samenhangende leveringszekerheid. Volgens Vewin zijn op dit moment bij meer dan 50 procent van de waterbronnen al zorgen over de waterkwaliteit. De meeste drinkwaterbedrijven moeten zich voorbereiden op een toenemende vraag naar drinkwater, terwijl door droogte de beschikbaarheid van zoetwater juist afneemt.

Nieuwe bronnen

Drinkwaterbedrijven moeten op zoek naar nieuwe bronnen en complexere waterzuiverings technologieën. “We moeten de incidenten voor zijn en nu actie ondernemen”, riep Wim Drossaert van Dunea op. Vewin stuurt aan op een nieuw Bestuursakkoord Water. Het oude akkoord liep in 2020 af. Het nieuwe akkoord zou gericht moeten zijn op het robuuster maken van zoetwaterbeschikbaarheid waarbij ook natuurorganisaties, landbouw, en bedrijfsleven aan tafel zitten.

Te vanzelfsprekend

“De leveringszekerheid zou vanzelfsprekend moeten zijn, maar dat is het niet meer”, waarschuwde de Dunea-directeur. Zijn boodschap is dat we nu actie moeten ondernemen om het zo te houden. “Als wij onze problemen bespreken is iedereen het altijd wel met ons eens. Maar ik merk dat we uiteindelijk in de bijlagen staan van alle plannen. Wij willen niet in die bijlagen staan. We willen voorop staan”.
Hij snapt dat bestuurders veel afwegingen moeten maken maar merkt dat die voorbijgaan aan de vanzelfsprekendheid dat er water uit de kraan komt. De decentralisering maakt de lokale belangentegenstellingen volgens hem groter. “Een nationaal Bestuursakkoord Water met centrale afspraken kan helpen om de leveringszekerheid overeind te houden. We hebben de kennis en de technieken maar we moeten er wel de ruimte voor krijgen”.

Telkens nieuwe stofjes

Directeur Leo Hendriks van Waterbedrijf Drenthe sprak over de ‘mooie groene kaarten die veronderstellen dat de waterkwaliteit overal verbetert. “Maar als wij in onze bronnen kijken zien we stoffen terug die jaren geleden ooit zijn gebruikt. Sommige daarvan, zoals Bentazon en andere bestrijdingsmiddelen, mogen nog steeds worden gebruikt”.
Hendriks vertelde over een put bij Emmen met zeer hoge concentraties Bentazon.

“We moeten dat verwijderen. Met grote spoed hebben we een nieuwe zuivering gebouwd. Kosten 10 miljoen euro. Die zuivering moet nog worden opgeleverd en we zien nu al een nieuw stofje opkomen, EDTA uit de industrie. Dat kunnen we er met onze nieuwe zuivering niet uithalen dus moet er weer een nieuwe zuivering bijkomen”, verzuchtte Hendriks.

“Het gaat erom dat er vandaag maatregelen worden genomen die ervoor zorgen dat over 30 jaar onze bronnen schoon zijn”. Hendriks riep de bij de talkshow aanwezige Kamerleden op bij de regering aan te dringen op meer regie vanuit het Rijk. Die moet meer het voortouw nemen bij nieuwe regelgeving voor het beschermen van de grondwaterwinning. Volgens hem zijn de verantwoordelijke provincies te afwachtend omdat ze kijken wat het Rijk doet.

Toenemende complexiteit 

Ook Drossaert merkt bij Dunea de toenemende complexiteit van de zuiveringen. “Sommige stoffen zoals PFAS zijn er gewoon niet uit te halen”, merkte hij op. Hij pleitte voor transparantie bij de vervuilers zodat duidelijker wordt welke vervuiling zich in het grondwater en oppervlaktewater bevinden. “Als we het weten dan kunnen we erop acteren en zo nodig onze zuiveringen daarop aanpassen”. Voor PFAS hoopt hij op een Europees toelatingsverbod.

Bekijk hier de talkshow