Delfland bestrijdt blauwalg met sterk verdunde waterstofperoxide

Blauwalg is bijzonder gevoelig voor waterstofperoxide, zelfs in hele lage concentraties. Dat is gebleken uit een reeks laboratoriumproeven, uitgevoerd door de Universiteit van Amsterdam (UvA). Vissen, planten, amfibieën en andere organismen lopen geen schade op. Waterstofperoxide breekt binnen een paar dagen af tot water en zuurstof, er blijft dus niets achter in het milieu. 

Recreatiedruk
Eerdere maatregelen in rond de recreatieplas in het Delftse Hout en de Vlaardingse Krabbeplas, van baggeren tot reduceren van externe bronnen,  droegen wel bij aan een afname van de kans op blauwalg, maar met de toenemende recreatiedruk op de plassen was meer ‘garantie’ wenselijk geworden. Als aanvullende maatregel is Delfland daarom overgegaan tot het bestrijden van blauwalgen door het doseren van waterstofperoxide in het oppervlaktewater. De kans op een probleemloos zwemseizoen wordt daarmee vergroot. De aanpak heeft zich bewezen in soortgelijke plassen elders in het land. 

Veilig
Na doseren blijven de plassen gesloten tot metingen aangetoond hebben dat de situatie weer veilig is voor recreatie. In de Vlaardingse Krabbeplas, die op 9 juli werd behandeld, was dit al na één dag een feit. De blauwalgpopulatie, voornamelijk Aphinazominon, bleek succesvol bestreden. De normaliter troebele plas, kende een doorzicht tot de bodem en watervlooien waren in grote aantallen met het blote oog waarneembaar.

Van groen naar blauw 
Gisteren en vandaag, op 14 en 15 juli, is de Delftse Hout behandeld. Voor doseren kenmerkte de plas zich door aanwezigheid van flinke drijflagen, voornamelijk anabena. Aan het einde van de eerste behandeldag zijn al flinke verlagingen in blauwalgniveau’s waargenomen. De aanwezige drijflagen, zijn inmiddels van groen naar blauw verkleurd, een kenmerk van afsterven van de polulatie. De verwachting is dat deze recreatieplas deze week weer open gesteld kan worden voor zwemplezier.