CZV Kuvettentest vanaf 1 juli wettelijk toegestaan

In Nederland bepaalt de wetgever welke methode voor het vaststellen van de verontreinigingsheffing moet worden gebruikt. Dankzij de aanpassing in de Waterwet krijgt de minder milieubelastende kuvettentest (NEN-ISO 15705) dezelfde status als de huidige methode. Voor Hach Lange, het bedrijf dat meewerkte aan de ontwikkeling van de test, is de wetswijziging goed nieuws. “We hebben jarenlang samen met klanten onderzoek naar de vergelijkbaarheid gedaan en er naar gestreefd om de kuvettentest geaccepteerd te krijgen”, zegt woordvoerster Moniek Muskee. 
Discussie rondom CZV
Hach Lange merkt nu overigens nog niet dat de vraag naar de kuvettentest toeneemt. “De verandering gaat pas per 1 juli in en wij zijn nu bezig met het informeren van onze klanten.” Binnenkort staan er nog meer veranderingen op stapel. De chemicaliën (Kaliumdichromaat) die voor de analyse van CZV worden gebruikt, moeten volgens de Europese REACH-regelgeving worden geregistreerd. “Wij verwachten dat de discussie rondom CZV als afvalwaterparameter hierdoor weer zal oplaaien.”
Seminar
Op 10 juni organiseert Hach Lange in Gorinchem een seminar over De toekomst van CZV als afvalwaterparameter. Een aantal sprekers zal ingaan op de veranderingen. Eugène van Galen van Rijkswaterstaat geeft een toelichting op de actuele wijzigingen in de waterregeling. Maar ook alternatieven voor CZV komen aan bod, bijvoorbeeld het Real Time monitoren met TOC in effluent, wat door Bastiaan van Hommel van Waterschap Aa en Maas verteld zal worden.
Invoering door waterschappen
De wijziging in de Waterwet geldt in eerste instantie alleen voor directe lozing op Rijkswateren. Muskee verwacht dat na 1 januari 2015 de nieuwe regels door de Unie van Waterschappen worden voorgesteld voor de waterschappen. Overigens zijn er al wel waterschappen die reeds lang met de kuvettentesten werken. Herman van den Berg van Aqualysis gebruikt de test al jaren. Voornamelijk voor de watermonsters van de eigen zuiveringen van de waterschap pen waar ze voor werken, maar in de toekomst kan dit dus uitgebreid worden.