Het concept heet 'Activate your biomass' (illustratie: Allied Waters).

Een consortium van vier partijen onderzoekt de technisch-economische haalbaarheid om uit lokaal kap- en snoeihout actief poederkool te maken. Waterschappen kunnen hiermee medicijnresten gedeeltelijk uit afvalwater verwijderen. Doel is om op het terrein van recyclingbedrijf Cirwinn in Almere een installatie te bouwen die via torrefactie en stoomactivatie actief poederkool uit de biogrondstoffen produceert. “In Almere is jaarlijks circa 30.000 ton kap- en snoeihout beschikbaar, goed voor ruim 2000 ton poederkool”, zegt Jos Boere, directeur Allied Waters.

Power 4 Sustainability (P4S) is een van de deelnemende partijen in het consortium. Dit bedrijf houdt zich bezig met upcycling. Bij deze activiteit heeft het product na verwerking doorgaans een hogere waarde dan het uitgangsmateriaal. P4S wilde aanvankelijk pellets maken van kap- en snoeihout om ze in pelletketels in te zetten. Hier komt echter steeds meer kritiek op gezien de milieubelasting.

Poederkool

Daarom kwam P4S een jaar geleden op het idee om het kap- en snoeihout om te zetten in actief poederkool. Na activering is het geschikt om medicijnresten gedeeltelijk uit afvalwater van rwzi’s te verwijderen. De techniek om dit met actief poederkool te doen, is sinds de jaren ’70 al gangbaar in grote delen van de wereld, met name in de Verenigde Staten.

In Nederland staat het bekend als het PACAS-proces. Hierbij wordt de gebruikte poederkool – nadat het de medicijnresten uit het water heeft gefilterd- samen met het biologische slib behandeld voor verwerking en verbranding. Na diverse succesvolle pilotstudies bouwt het Hoogheemraadschap van Rijnland nu in Leiden de eerste poederkoolinstallatie. Actief poederkool wordt veelal uit fossiele grondstoffen (steenkool, bruinkool, turf) gemaakt: : verre van duurzaam en met een zeer hoge CO2-uitstoot.

Torrefactie

Het consortium wil een milieuvriendelijker alternatief ontwikkelen. Doel is om op het terrein van recyclingbedrijf Cirwinn in Almere een installatie te bouwen die na zogeheten torrefactie de biogrondstoffen verder activeert tot actief poederkool. Omdat het uit lokaal aanwezig kap- en snoeihout is gemaakt, gaat het volgens de betrokken partijen om een duurzaam en circulair proces.
Frank de Bruijn van P4S benadrukt dat de biogrondstoffen hier al aanwezig zijn. Er is geen aanvoer uit andere delen van het land nodig. Daarom willen de betrokken partijen het ook bij een hoeveelheid van 30.000 ton houden. Cirwinn wast eerst de biomassa waarna zand en stenen overblijven. Die kunnen naar de betoncentrale op het terrein. De overgebleven biogrondstoffen wordt via torrefactie en stoomactivatie in een installatie verwerkt tot actief poederkool.

Nieuwe technologie

Torrefactie is een vrij nieuwe technologie waarmee laagwaardige biomassastromen kunnen worden omgezet in hoogwaardige producten, zoals actief poederkool. De biogrondstoffen zelf leveren volgens De Bruijn meer dan genoeg energie op om het te drogen. Het water dat hierbij vrijkomt, wordt gecondenseerd om onder meer in de betonproductie toe te passen.

Naast P4S zijn Allied Waters, Aqua Minerals en waterschap Zuiderzeeland bij het project betrokken. Samen kijken ze of er nog meer kap- en snoeihout beschikbaar is via de terreinen van waterschappen en drinkwaterbedrijven. Ook kijken ze naar mogelijkheden om het actief kool in de omgeving van Almere af te zetten. Bijvoorbeeld op meerdere rwzi’s van waterschap Zuiderzeeland. “Want het is niet de bedoeling om het naar de andere kant van het land te transporteren”, zegt Boere van Allied Waters die het onderzoek coördineert. Daarnaast brengt het consortium nu de benodigde vergunningen in kaart. De resultaten van het onderzoek worden na de zomer verwacht. Dan nemen de partijen een beslissing of ze al dan niet doorgaan.