Volgens de commissie Boelhouwer kunnen de geborgde zetels in de waterschapsbesturen, die nu worden toegekend aan landbouw, natuur en bedrijfsleven, beter worden afgeschaft (foto: Shutterstock (bewerkt)).

De Adviescommissie geborgde zetels bij waterschapsbesturen pleit voor afschaffing van de geborgde bestuurszetels. Het advies is door minister Van Nieuwenhuizen (IenW) op 5 juni naar de Tweede Kamer gestuurd. Boerenorganisatie LTO Nederland en de VEMW, belangenbehartiger van zakelijke water- en energieverbruikers, noemen het advies van de commissie ‘onbegrijpelijk’. AWP en Water Natuurlijk zijn aanmerkelijk positiever.

Dit artikel is geactualiseerd op 9 juni 2020, 15.00 uur

De commissie, geleid door PvdA’er Jan Boelhouwer, geeft drie hoofdargumenten die pleiten voor afschaffing van de geborgde zetels. Ten eerste gaan de vraagstukken waarover het waterschapsbestuur debatteert volgens de commissie steeds meer over het in het kader van de klimaatontwikkeling voor het gebied noodzakelijke generieke waterbeleid. Daarnaast stelt ze vast dat de via verkiezingen in het bestuur gekomen (politieke) partijen uitstekend in staat blijken deze discussies te voeren binnen de kaders van het functionele takenpakket van de waterschappen, met inbegrip van alle in het geding zijnde belangen. En ten slotte merkt de commissie op dat de kostentoedeling in de afgelopen jaren steeds minder een afspiegeling is van de grootte van de belangen bij het waterschap en dat van de driehoeksrelatie ‘belang-betaling-zeggenschap’ nog slechts één zijde min of meer nog intact is, namelijk de relatie ‘belang-zeggenschap’. Volgens de Commissie Boelhouwer houden de partijen bij de samenstelling van hun kandidatenlijsten en bij de inhoud van hun programma’s nu al rekening met de specifieke belangen in het gebied en zal dat in de toekomst nog verder worden versterkt.

‘De belangen zijn groot’
Het argument van de veranderde kostentoedeling is volgens de VEMW, de branchevereniging voor zakelijke water- en energieverbruikers, niet erg valide: “De commissie stelt dat het niet juist is om de categorie Bedrijven te handhaven op basis van de vooral aan de zuiveringen gekoppelde hoge rekening die sommige bedrijven aan het waterschap moeten betalen. VEMW is juist van mening dat, zolang de zuivering van proceswater van bedrijven binnen het fiscale stelsel plaatsvindt, er alle aanleiding is om de categorie te handhaven. Bedrijven betaalden in 2019 345 miljoen aan zuiverings- en verontreinigingsheffing. Dat is 26 procent van het totaal. De belangen zijn groot.”

Alternatieve participatievormen en bestuursrecht
De adviescommissie schrijft overigens in haar rapport zich bewust te zijn van de historisch belangrijke en constructieve rol van de geborgde zetels in de waterschappen. Zij benadrukt ook dat de perspectieven van met name agrarisch ongebouwd en van natuurterreinen ook voor de toekomst onverminderd van belang zijn. Maar ze stelt vast dat deze perspectieven in een waterschapsbestuur inmiddels ook zonder apart geborgde zetels tot hun recht komen. Daarnaast kan via klantenpanels, adviesraden, zetels in adviescommissies, klankbordgroepen bij specifieke projecten, etc. op allerhande manieren een verdere invulling aan allerlei participatievormen gegeven worden. De commissie beveelt de waterschappen aan daar maximaal gebruik van te maken. In het bestuursrecht is volgens de adviescommissie afdoende geregeld hoe betrokkenen in het gebied nog aanvullend specifieke invloed kunnen uitoefenen op bestuursbesluiten van het waterschap.

Bij het handhaven van het huidige stelsel en van de gegroeide praktijk waarbij het onderscheid tussen fracties uit geborgde zetels en politieke fracties zeer diffuus is geworden, zal de discussie over nut en noodzaak van dit stelsel zich periodiek herhalen, is de overtuiging van de commissie. Ze vindt dat ongewenst.

‘Goed inzicht in de veranderingen’
Waterschapspartij Water Natuurlijk, landelijk gezien de grootste partij in de waterschapsbesturen, is blij met het advies van de commissie Boelhouwer. “Zoals gehoopt en verwacht heeft de adviescommissie een gedegen en stevig onderbouwd advies gegeven”, zegt partijvoorzitter Peter Snoeren. “De argumenten die de commissie gebruikt, duiden op een goed inzicht in de veranderingen die het besturen van een waterschap in de afgelopen decennia heeft doorgemaakt. Daarbij heeft de commissie duidelijk gemaakt zich ook bewust te zijn van de maatschappelijke ontwikkelingen en het toenemend belang van het ordenend principe van het watersysteem. En daar past een democratische legitimatie bij, waarbij alle belangen, ook die van specifieke groepen, meegewogen worden. De commissie Boelhouwer maakt duidelijk dat uit hun onderzoek naar voren komt dat door verkiezingen gekozen bestuurders deze belangenafweging uitstekend maken.”

‘Verbijsterend’
Niet iedereen is zo blij met het advies van de commissie Boelhouwer om de geborgde zetels af te schaffen. Boerenorganisatie LTO Nederland noemt het zelfs ‘onbegrijpelijk’. Volgens de agrariërs zorgen de geborgde zetels juist voor specifieke deskundigheid en goede vertegenwoordiging van de belanghebbenden. “Goed waterbeheer is van cruciaal belang voor boeren”, zegt Trienke Elshof, portefeuillehouder Ondernemen in een Gezonde Omgeving bij LTO Nederland. “Van voldoende water voor onze gewassen tot droge voeten in de weilanden: zonder watermanagement zijn we nergens in Nederland. Toenemend extreem weer onderstreept dat alleen maar. Het is verbijsterend dat de adviescommissie dat belang onderschrijft en vervolgens zonder gedegen onderbouwing voorstelt de geborgde zetels af te schaffen.”

Adviescommissie Water trok andere conclusie
Ook de VEMW vindt dat vreemd: “In het advies erkent de commissie het belang van goed waterbeheer en -management, maar wil zij desondanks de geborgde zetels voor sectoren schrappen. In 2015 concludeerde een andere commissie – de Adviescommissie Water – nog dat het huidige systeem goed past bij de aard van de waterschappen”, zegt de branchevereniging in een reactie. “De sectoren landbouw, natuur en bedrijven zijn voor hun bestaan en functioneren direct afhankelijk van een goed functionerend waterschap. Zij hebben specifieke zakelijke belangen en brengen daarnaast veel kennis in omtrent het waterbeheer. De geborgde zetels zijn door inbreng van kennis, ervaring en maatschappelijke betrokkenheid van veel waarde voor de diversiteit in het bestuur. De kwaliteit van het waterschapsbestuur wordt in binnen- én buitenland geprezen, met name omdat deze organisaties professioneel worden bestuurd door alle groepen die belang hebben bij en betalen aan het belangrijke werk van de waterschappen.”

‘Eindeloos politiek gedoe’
Ook volgens LTO Nederland zijn lokale kennis van het gebied en draagvlak voor het waterbeheer essentieel en zorgen de geborgde zetels ervoor dat die belangen aan tafel zitten. Via een stelsel van lijsten van politieke partijen is dat niet gegarandeerd, meent LTO Nederland. “Dit advies moet van tafel”, stelt Elshof. “Naast afschaffing van de geborgde zetels leiden de keuzes van de commissie straks tot eindeloos politiek gedoe in een bestuurslaag die juist uitvoerend hoort te zijn. Beleid moet vanuit de provinciale of de landelijke overheid komen, het mag niet zo zijn dat we straks in 21 waterschappen met 21 verschillende politieke richtingen worden geconfronteerd.”

Het verschil vervaagt
De commissie Boelhouwer denkt daar anders over, blijkt uit het rapport: ‘De specifieke (gebieds)kennis van de geborgde leden, die vroeger zeer werd gewaardeerd, speelt gezien de verregaande professionalisering van de (ambtelijke organisatie van de) waterschappen en de verandering in de scope van de discussies een minder prominente rol’ schrijft de commissie. ‘En door een verschuiving in de aard van de discussies (van het ‘enge’ interne waterbeleid naar het meer generieke grensoverschrijdende waterbeleid) vervaagt het verschil tussen de geborgde en de andere bestuursleden. De geborgde bestuurders zijn min of meer ook politieke fracties geworden. Bij sommige waterschappen zijn ze opgegaan in partijfracties of, merkwaardig genoeg, zelfs als ‘geborgden’ samen één fractie gaan vormen. Deze praktijk heeft het verdedigen van een ‘zuiver model met geborgde zetels’ niet eenvoudiger gemaakt.’

‘Ook Vereniging Eigen Huis’
Net als Water Natuurlijk, is ook waterschapspartij AWP positief over het advies van de commissie Boelhouwer. “Dat advies verbaast ons niet”, zegt voorzitter Ron van Megen van de Algemene Waterschapspartij. “De AWP staat voor deskundigheid in het waterschapsbestuur, niet voor geborgde macht. In ons verkiezingsprogramma wordt gepleit voor maximaal één geborgde zetel per categorie – maar je kunt die kennis ook borgen in de vorm van een adviescommissie ‘geborgde belangen’. We zijn blij dat de commissie Boelhouwer dat ook zo ziet. In zo’n adviescommissie willen wij ook de Vereniging Eigen Huis een plek geven, als vertegenwoordiger van de categorie Woningen.”

Eerlijker verdeling van de waterschapslasten
Hans Middendorp, de vice-voorzitter van de AWP, vult aan: “Het advies van de commissie Boelhouwer om de geborgde zetels voor boeren en bedrijven af te schaffen, is voor de AWP aanleiding om nogmaals aan te dringen op een eerlijker verdeling van de waterschapslasten. In het lopende proces van de Unie van Waterschappen gaat het alleen over de lasten voor boeren en bedrijven. Er is totaal geen aandacht voor de hoge waterschapsbelasting voor inwoners. De ledenvergadering van de Unie van Waterschappen zou moeten besluiten tot zo’n bredere scope. Wie die leden zijn? De 21 dijkgraven in Nederland. De ultieme geborgde zetels, dus eigenlijk…”

Vervolgproces
Minister Van Nieuwenhuizen zal het rapport de komende periode bespreken met de waterschappen, departementen en andere belanghebbende partijen. Het Overlegorgaan Fysieke Leefomgeving (OFL) is gevraagd het vervolgproces deze zomer te organiseren en in het vierde kwartaal te rapporteren aan de minister. De kans is dus klein dat het proces voor de komende Tweede Kamerverkiezingen is afgerond. Dat is volgens voorzitter Peter Snoeren van Water Natuurlijk ook niet per se nodig, maar het is wél zaak om hiermee snel aan de slag te gaan: “Nu is de landelijke politiek aan zet. Het eerste ‘natuurlijke’ moment om dit advies in de praktijk te brengen zijn de waterschapsverkiezingen in 2023. Dat betekent wel dat het wetgevingsproces nú gestart moet worden. Dan kunnen alle partijen zich voldoende voorbereiden op die nieuwe situatie.”

In WaterForum Magazine 03-2020 kunt u een uitgebreid artikel lezen over de voors en tegens van geborgde zetels in waterschapsbesturen.