Brijnverwerking voor Oasen niet haalbaar

TNO heeft de afgelopen vier jaar samen met Oasen, Shell, GE, LTO en Friesland Campina onderzocht hoe brijn verwerkt kan worden tot nuttige grondstoffen, zoals strooizout. Daarvoor is echter veel warmte nodig die eventueel van de industrie zou kunnen komen. Maar het is volgens Oasen te kostbaar om deze restwarmte te verplaatsen van industriegebieden naar waterzuiveringsinstallaties in de polder. Bovendien is het eenvoudiger en goedkoper om strooizout uit gewoon zout te maken, stelt het drinkwaterbedrijf. 

Kristallisatieproces
Ook bleek de apparatuur niet goed bestand tegen het kristallisatieproces. Zelfs bij proeven met zuivere laboratoriumoplossingen van gedestilleerd water met enkele zouten bleek de installatie vast te lopen door kristallisatie op de membranen. Daarom is Oasen nu bezig om andere oplossingen voor de zoute waterstroom te vinden. Zo is het drinkwaterbedrijf in gesprek met het Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard om te kijken of het de reststroom in een afvalwaterzuiveringsinstallatie kan verwerken. Daarnaast bekijkt het drinkwaterbedrijf samen met de provincie Zuid-Holland wat de gevolgen zijn voor de bodem en het grondwater als Oasen het brijn op grotere diepte dan de waterwinning terugpompt, waar het water van nature toch al zout is. Begin mei van dit jaar opende Oasen overigens een energiezuinige, ondergrondse waterwinput (PURO) in Ridderkerk. Met behulp van omgekeerde osmose (RO) wordt brak water op 100 meter diepte gezuiverd tot zoet water, zodat het zout in de bodem blijft.