AWP pleit voor ‘Aboutaleb heffing’ om grote dijkversterkingsprojecten te financieren

“Aboutaleb leek met deze ‘bloeper’ totaal onwetend van het werk van de waterschappen in Nederland. Immers, de waterschappen hebben als kerntaken ‘droge voeten’ en ‘schoon water’, en de waterschappen heffen daarvoor al belasting. Deze zelfstandige belastinginning door de waterschappen is een sterk punt, bedoeld om te voorkomen dat de Haagse politiek zo maar in de waterkas graait in tijden van financiële tekorten. Zo worden ‘schoon water’ en ‘droge voeten’ voor de lange termijn geborgd.”

“Minister Schultz stopte de ‘bloeper’ van Aboutaleb in de Tweede Kamer tijdens het debat over de waterveiligheid  op 19 juni. VVD en CDA vroegen de minister te reageren op de oproep van de burgemeester van Rotterdam. De minister gaf aan dat het huidige systeem goed werkt, en dat zij er niet aan denkt om dit te veranderen. Met de waterschapsbelasting en het Deltafonds wordt er al geld opzij gezet voor waterveiligheid.”
“Rijk en waterschappen investeren jaarlijks 500 miljoen euro in dijkversterkingen. Daarnaast reserveert de minister 200 miljoen euro extra voor rivierverruimingsprojecten. In het  Bestuursakkoord Water uit 2011, is opgenomen dat waterschappen 50% van de kosten betalen voor dijkversterkingen bij primaire keringen. Vroeger betaalde Rijkswaterstaat al deze grote dijkverzwaringen voor 100%, nu draagt de overheid nog slechts 40% bij en de resterende 10 procent wordt ingeboekt als een efficiency korting door de waterschappen. Kortom, een mooie bezuiniging voor het rijk om de rekening door de waterschappen te laten betalen.”
“Vanaf het eerste begin van de discussie om de waterschappen 50% te laten bijdragen aan de waterveiligheid, heeft de AWP gepleit voor het invoeren van een derde doelheffing in de waterschapsbelasting, de zog. ‘HWBP’-heffing voor de bekostiging van de grote dijkverzwarings-projecten van het hoogwater-beschermingsprogramma. Deze ‘HWBP’-heffing is dan extra, naast de bestaande watersysteemheffing (waterveiligheid en wateroverlast) en de waterzuiveringsheffing. Nu wordt de bijdrage van de waterschappen aan het HWBP stilzwijgend omgeslagen via deze twee bestaande doelheffingen, waardoor het voor de burgers niet duidelijk is hoeveel geld er wordt betaald voor waterveiligheid en klimaat. In dit licht bezien, is het pleidooi van de burgemeester van Rotterdam voor een extra waterschapsheffing zo gek nog niet. Met het oog op de actualiteit, stelt de AWP voor om deze ‘HWBP-heffing’ om te dopen in de ‘Aboutaleb-heffing’. 
 
“De AWP is ten slotte van mening dat de jaarlijkse bijdrage van de waterschappen aan de dijkverzwaringen uit het HWBP moet worden betaald uit de jaarlijkse belastinginkomsten. De AWP vindt het absurd om af te schrijven op een bijdrage waar geen rechtstreekse investering tegenover staat. Het gaat hier om een landelijke contributie aan het HWBP, niet om eigen uitgaven voor eigen waterkeringen – ook waterschappen zonder dijkverzwaringsprojecten betalen mee!”
“Er zijn waterschappen die de jaarlijkse bijdrage aan het HWBP afschrijven over twintig jaar. Met de ‘Aboutaleb-heffing’ kan elk waterschap direct aan zijn verplichtingen voldoen. Door af te schrijven over zo’n lange periode, lopen de totale kosten ook veel hoger op dan als de jaarlijkse bijdrage in één keer wordt betaald. Ook schuif je zo onze kosten voor waterveiligheid door naar toekomstige generaties. Gezien de klimaatontwikkeling, zullen de volgende generaties nog genoeg kosten moeten maken om in Nederland te kunnen blijven wonen en werken, daar moeten wij geen voorschot op willen nemen.”