Adviescommissie Water bepleit integrale benadering ruimtelijke plannen

De Nationale Omgevingsvisie, die het kabinet in 2018 vaststelt, biedt volgens de Adviescommissie Water (AcW), de kans om bij het aanpakken van wateropgaven in Nederland verbindingen te leggen tussen water en natuur, landbouw, energie, wonen en gezondheid. Ook kan meer eenheid in beleid worden gerealiseerd, zoals tussen het waterkwaliteitsbeleid en het meststoffenbeleid. Dat gebeurt nu nog onvoldoende.

Eén beoordeling
De commissie vindt het niet wenselijk dat meerdere toetsings- en beoordelingsinstrumenten naast elkaar bestaan. In de MER procedure staan de milieunormen centraal, welstandcommissies en kwaliteitsteams geven een kwalitatief ruimtelijk oordeel en de volgens de commissie nog erg procesgerichte watertoets richt zich op het water. Een meer integraal en eenvoudiger beoordelinginstrumentarium biedt volgens de AcW de mogelijkheid om de sterke kanten van de bestaande instrumenten te verenigen en de systematiek meer te laten aansluiten op de praktijk van uitnodigingsplanologie.

Integrale financiering
Daarnaast pleit de commissie voor onderzoek naar nieuwe financieringsarrangementen. Overheden en bedrijven moeten over hun eigen begrotingen heen kunnen samenwerken. De maatschappelijke meerwaarde moet bepalend zijn of een project wordt gerealiseerd. Voor vraagstukken die een gezamenlijke aanpak van veel partijen vergen, zoals waterkwaliteit, klimaatadaptatie en meerlaagsveiligheid, zijn de huidige mogelijkheden voor financiering vaak beperkend. Kosten en baten van maatregelen liggen vaak bij verschillende partijen en het is lastig om over bestuursgrenzen heen te financieren.
Dat maakt dat de financieringsmogelijkheden te beperkt zijn en dat private financiering nauwelijks een rol speelt. De AcW signaleerde in eerdere adviezen al de behoefte aan een meer integraal financieringsinstrumentarium, mogelijkheden voor de overheid om risico’s van marktpartijen deels af te dekken, revolving funds (overheidsfonds waarbij opbrengsten opnieuw aangewend worden voor nieuwe investeringen) en het wegnemen van belemmeringen in wet en regelgeving. De AvW ziet nieuwe mogelijkheden voor financiering van waterkwaliteitsmaatregelen indien binnen de keten wordt gezocht naar (mede)financiering, los van de vraag wie de eerstverantwoordelijke organisatie is. (Drinkwater)bedrijven zouden bijvoorbeeld kunnen meebetalen aan waterzuivering door de waterschappen of vice-versa.

Omgevingsopgaven PBL
Vertrekpunt voor de Adviescommissie Water vormden de zes omgevingsopgaven die door het PBL zijn opgesteld: Circulaire economie, Concurrerende en leefbare stedelijke regio’s, Energietransitie, Veiligheid en adaptie, (oa klimaatadaptie), Verstedelijking en mobiliteit en Landbouw, natuur en water.
Met name de opgaven voor veiligheid en adaptatie die voortvloeien uit klimaatverandering zullen invloed hebben op het functioneren van het watersysteem en de waterketen en zijn van belang voor het waterbeleid. In algemene zin kunnen de lange termijn opgaven ertoe leiden dat het huidige beleid moet worden aangepast. Nieuwe keuzes kunnen doorwerken in normenkaders en AMvB’s. Denk bijvoorbeeld aan een beleidskader voor het omgaan met nieuwe stoffen in het afval- en oppervlaktewater of het invoeren van bouwregels voor klimaatbestendig bouwen. Er moet daarom volgens de commissie aandacht zijn voor de doorwerking van nieuw beleid uit de NOVI naar de AMvB’s die op dit moment worden voorbereid.

Kansen
Kansen ziet de commissie vooral rondom de omgevingsopgaven ‘Circulaire economie’ en ‘Landbouw, natuur en water’. Ze noemt het benutten van oppervlaktewater als een bron van energie en het winnen van energie en grondstoffen uit afvalwater. Als goede voorbeelden van het combineren van waterveiligheidsmaatregelen met natuurontwikkeling, gebiedsontwikkeling en ruimtelijke kwaliteit noemt het advies Building with nature en Ruimte voor de rivier. Het Ruimte voor de Waal project in Lent is een goed voorbeeld hoe waterveiligheidsmaatregelen een katalysator kunnen zijn voor stedelijke ontwikkelingen.

Wateragenda
De Adviescommissie Water agendeert specifieke wateronderwerpen die  in ieder geval onderdeel moeten worden van de NOVI: Water en ruimte; Waterkwaliteit; Grondwater en Noordzee. De verwachting van de commissie is dat het belang hiervan – onder invloed van bijvoorbeeld economische groei, energietransitie en klimaatverandering – op de langere termijn zal toenemen.

Water en ruimte
De commissie pleit ervoor de komende decennia de ruimtelijke inrichting meer robuust te maken voor overstromingen en de herstelfase na een overstroming. Er moet meer inzicht komen in de mate van maatschappelijke ontwrichting – en de duur ervan – die een mogelijke overstroming zou veroorzaken. De commissie kan zich voorstellen dat binnen afzienbare termijn uit oogpunt van overstromingsrisicobeheer, bouw- en inrichtingseisen gesteld worden aan nieuwe ontwikkelingen in die gebieden waarin de mate van ontwrichting groot is bij een overstroming. Dit stelde de commissie eerder ook in een advies over meerlaagsveiligheid uit 2014.

Waterkwaliteit
De AcW is bezorgd over het tempo waarin maatregelen worden getroffen ter verbetering van de waterkwaliteit. De doelen van de KRW voor meststoffen en gewasbeschermingsmiddelen dreigen niet te worden gehaald, over microverontreiningen is nog onvoldoende kennis. Er zijn tegengestelde belangen tussen de waterkwaliteit en sectoren zoals landbouw en gezondheidszorg. Om daadwerkelijk voortgang te boeken, moeten partijen het eens worden over urgentie en taakverdeling. Een nationale aanpak is noodzakelijk. De AcW brengt dit jaar een apart advies uit over waterkwaliteit.

Grondwater
De kwaliteit en kwantiteit van het grondwater staan onder druk door het gebruik bovengronds (onder andere landbouw) en doordat het gebruik van de ondergrond toeneemt waardoor functies elkaar soms in de weg zitten. De commissie pleit voor een driedimensionale benadering in de Nationale Omgevingsvisie waarbij de brede ontwikkelingen in de ondergrond en het bijbehorende grondwatersysteem worden verbonden met de bovengrondse ontwikkelingen en het oppervlaktewater. Verder pleit de commissie ervoor zoveel mogelijk het natuurlijke grondwatersysteem als uitgangspunt te nemen bij de inrichting en keuzes over functiegebruik in gebieden.

Noordzee
De commissie pleit verder voor een doorontwikkeling van het Noordzeebeleid en het bieden van een nieuw ruimtelijk perspectief voor de lange termijn in samenhang met onder andere de Energievisie, de ecologische doelen en een goede aansluiting tussen land en zee.

Het advies is hier te downloaden