Aan de slag met meer waterrobuuste en klimaatbestendige steden

“Hoe maken we steden minder kwetsbaar voor extreme wateroverlast, droogte, stedelijke warmte en de aanhoudende verstedelijking? Dit is een prangende en actuele vraag door de wereldwijde klimaatverandering, en in het bijzonder in dichtbevolkte delta’s. Willen we onze steden leefbaar en veilig houden in de toekomst dan moeten we op de juiste manier omgaan met klimaatverandering, stedelijke verdichting en waterbeheer. Dat vraagt om creativiteit en het maken van de juiste keuzes. De ambities zijn er, de technieken ook. Het is nu tijd voor de laatste fundamentele stap: anders omgaan met water. Een lastige stap vanwege sociaaleconomische en bestuurlijke barrières. Toch moeten we hem zetten.
Prijskaartje
Met de meeste dichtbevolkte steden in delta’s, aan kusten en/of aan rivieren, is bijna 90% van alle rampen in en om stedelijke gebieden water gerelateerd (Wereldbank, 2013). Dat de aandacht veelal uitgaat naar het omgaan met overstromingen en regenwateroverlast in bebouwd gebied ligt voor de hand. Stijging van de zeespiegel, toename van rivierafvoeren en extremere buien in combinatie met het feit dat steden de afgelopen halve eeuw flink zijn gegroeid en verdicht met verharding zorgt voor meer overlast, schade en zelfs slachtoffers. Maar hoe gaan we hier mee om, tegen welke prijs gaat overlast beperkt worden en moeten we hierbij alleen maar denken in technische oplossingen?
Steden steeds kwetsbaarder
Steden zijn niet alleen kwetsbaar voor overstromingen en regenwateroverlast, maar hebben ook vaak te maken met droogte, hitte, erosie en inklinking van de bodem. In samenhang met het teruglopen van natuurlijke grondstoffen, krijgt de groeiende kwetsbaarheid van stedelijke gebieden, inclusief vitale en kwetsbare objecten, steeds meer aandacht. Nederland werkt aan maatregelen om de kwetsbaarheid van de stad te verlagen via de uitvoering van het Deltaprogramma Ruimte Adaptatie (IenM, september 2014). En wereldwijd zijn verschillende netwerken actief, zoals Connecting Delta Cities (C40), 100 Resilient Cities (Rockefeller Foundation) en Making Cities More Resilient (The United Nations Office for Disaster Risk Reduction, UNISDR). Van 14 tot en met 18 maart werd in Sendai, Japan, de VN wereldtop over Disaster Risk Reduction (DRR) gehouden, georganiseerd door UNISDR. Blijft het bij veel praten en weinig doen?
Rolmodel Hoboken
Tijdens deze VN-top over rampenpreventie heeft de Nederlandse overheid haar steun toegezegd aan de “Making Cities More Resilient” campagne van UNISDR. Internationaal zijn veel Nederlandse ontwerpers en ingenieurs actief in het ontwikkelen van strategieën en plannen om steden meer adaptief en veerkrachtig te maken. Ervaringen in opkomende economieën (zoals Ho Chi Minhstad en Jakarta), via westerse steden (zoals New Orleans en Rotterdam) naar de koplopers (Singapore en Tokyo), stellen Nederland in de gelegenheid om waterkennis te leveren en zeker ook te ontwikkelen. Een van de voorbeeldprojecten is het plan voor Hoboken (New Jersey, VS), ontwikkeld door OMA en Royal HaskoningDHV als onderdeel van de ‘Rebuild by Design’ ontwerpwedstrijd. Vanuit de Resilient Cities campagne werd de stad Hoboken begin maart door de VN uitgeroepen als rolmodel voor de transitie naar een waterrobuuste en klimaatbestendige deltastad.
Nu aan de slag
Om een waterrobuuste en klimaatbestendige stad te bereiken moeten we direct aan de slag. Door het integraal betrekken van ontwerpen, bouwen (techniek) en besturen (governance) in het ruimtelijk proces, brengen we de gebouwde en de natuurlijke omgeving met elkaar in evenwicht. Het Kennisportaal Ruimtelijke Adaptatie (IenM, oktober 2014) spreekt over het volgen van de stappen onder de drie W’s: Weten, Willen en Werken. Ten eerste moet je weten welke opgaven er in je stad spelen, het probleem analyseren. Vervolgens moet je met elkaar de dialoog aan willen en vooral durven gaan: tot welke prijs gaan we de risico’s beperken? Daarbij moet je met elkaar aan de slag (werken). Welke oplossingsrichtingen zijn er, welke afspraken gaan we onderling maken? Hierbij zijn (ontwerp en technische) tools om de effectiviteit van oplossingsrichtingen te toetsen essentieel, met inbegrip van het verminderen van overstromingsgevoeligheid evenals de (grond)waterwateroverlast, het slimmer omgaan met hemelwater en bemalingen (tegengaan inklinking), het stimuleren van meer blauw-groene oplossingen, het vergroten van de regionale zelfvoorzienendheid, en het mogelijk maken van ecosysteemdiensten.

Leefbaarheid
Het bereiken van een waterrobuuste en klimaatbestendige stad is het bovenal werken aan een leefbare stad. Het betrekken van onze leefomgeving en sociale waarden is van vitaal belang. Tenslotte maken wij deel uit van het stedelijke ecosysteem of ‘ecopolis’ (Tjallingii, 1992-1996).”

Foto: Jac van Tuijn