Ingenieurs kiezen sterke dijken boven meerlaagse veiligheid
|
|
Verdere versterking van de dijken is en blijft de belangrijkste manier voor Nederland om zich tegen overstromingen te beschermen. Maatregelen die de schade moeten beperken, komen pas op de tweede plaats. Op het Waterveiligheidsdebat van Kivi Niria op 28 januari stonden de de 'Delftse' en 'Amsterdamse' benadering tegenover elkaar. De ingenieurs van de TU Delft zoeken vooral het antwoord in de waterkeringen, waar de wetenschappers van de Vrije Universiteit pleiten voor 'meerlaagse veiligheid' waarin behalve goede dijken ook goede verzekering, risicozones en evacuatie de gevolgen van overstromingen in de perken moeten houden. In de zaal vol waterbouwers leek de Delftse aanpak toch de overhand te hebben.
Tijdens het Waterveiligheidsdebat stonden Han Vrijling (links) en Jeroen Aerts (rechts) tegenover elkaar als captains van het Delftse en het Amsterdamse team. Dagvoorzitter FerdiTimmermans (midden) fungeerde als scheidsrechter in de debatwedstrijd.
Euro's besteden aan de dijken Voor Nederland als geheel met zijn diepe polders is er maar een optie het meest kosteneffectief als bescherming tegen een grote overstroming en dat is het weer verder versterken van de dijken. Dat was de duidelijk overheersende mening op het Waterveiligheidsdebat dat door de ingenieursvereniging Kivi-Niria op 28 januari in Utrecht was georganiseerd. De ruim 200 aanwezigen, voornamelijk waterbouwers, wilden niet veel weten van maatregelen gericht op de beperkingen van de schade door een onverhoopte overstroming. Zeker niet als daar fors geld voor moet worden uitgegeven. Iedere euro is dan beter besteed aan het versterken van dijken, zo luidde de uitkomst van het debat.
Wel of geen meerlaagse veiligheid Kivi Niria wilde in het debat ingaan op het concept drielaagse veiligheid dat de vorige regering in december 2009 heeft geïntroduceerd in haar beleidsnota Waterveiligheid. Naast preventie (de laag van de waterkeringen) wil de regering meer gaan doen aan het aanpassen van de infrastructuur (de laag van de ruimtelijke ordening) en het opzetten van een evacuatiestructuur (de laag van de rampenbeheersing). Dit concept heeft inmiddels al tot veel nieuw onderzoek geleid naar onder meer de verzekerbaarheid tegen overstromingsschade, naar 'klimaatadaptief' bouwen en naar de beste manier van evacueren. Veel van dit onderzoek is uitgevoerd door de Vrije Universiteit Amsterdam en daarom kon de organisatie de discussie op scherp zetten door een 'Amsterdams team' (als voorstanders van schadebeperking) te laten debatteren met een 'Delfts team' (als voorstanders van het verder versterken van waterkeringen). Hoewel beide teams benadrukten dat de wetenschappers van beide 'kampen' juist veel samenwerken, zorgde de opzet van een debatwedstrijd wel voor heldere scheiding tussen beide benaderingen.
Kiezen voor preventie Als leider van het Delftse team gaf Han Vrijling, hoogleraar waterbouwkunde aan de TU Delft, de aftrap. Hij stelde dat preventie voldoende is, mits de waterkeringen maar sterk genoeg zijn. Hij weerlegde het idee dat de verschillende veiligheidslagen complementair zijn. Zo noemde hij het verzekeren tegen overstromingschade zinloos als er nagenoeg geen kans is op overstroming. Ook de aanleg van compartimenteringsdijken maakt de waterveiligheid onnodig duur als de primaire dijken goed op orde zijn. Zijn sterkste troef in het debat was de financiering. "Zoek de laagste kosten", hield hij de waterbouwers voor. "Preventie is de goedkoopste laag. Er is geen extra budget, dus het gaat om een keuze tussen de verschillende lagen. Op grond van economische afwegingen kies ik als ingenieur voor preventie."
Hogere risico's door verstedelijking Jeroen Aerts, bijzonder hoogleraar water, risicomanagement en verzekeringen aan de Vrije Universiteit Amsterdam, nam het als leider van het Amsterdamse team op de maatregelen die de gevolgschade beperken. Volgens hem zijn er drie ontwikkelingen die de meerlaagse veiligheid rechtvaardigen. De klimaatverandering brengt grote onzekerheden met zich mee, de welvaart achter dijken neemt toe en de verstedelijking neemt toe. "Deze ontwikkelingen vergroten de risico's waardoor we niet alleen moeten kijken naar de kans op een overstroming, maar zeker ook naar de gevolgen."
Risicozones voor overstromingen Aerts benadrukte diverse keren niets af te willen doen aan het Nederlandse dijksysteem. Hij pleitte voor specifieke aanvullende maatregelen die de gevolgschade kunnen beperken, zoals evacuatie en overstromingsverzekeringen. Aerts wees daarbij op een recent onderzoek van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) waaruit blijkt dat risicozonering voor overstromingen een goed instrument is en dat maatregelen gericht op schadebeperking bepaalde gebieden echt veiliger maken.
Dijken nog niet af Even leek de mening in de zaal te kenteren toen de stelling aan de orde kwam dat de dijken af zijn en het tijd is om ook te gaan kijken naar de gevolgenbeperking. Maar het team van Han Vrijling maakte duidelijk maakte dat de dijken helemaal niet af zijn. Daarom hoort de eerste prioriteit nog steeds te liggen bij het verhogen van de dijken. Met dit slotbetoog trok Vrijling toch de meerderheid van de stemmen naar zich toe.
Debat op video Het hele debat is via de website van Kivi-Niria nog te bekijken op webvideo: klik hier.
(WaterForum Online, 31 januari 2011)
|