Zorgen Vewin over schrappen toets nieuwe bestrijdingsmiddelen
|
|
De Nederlandse drinkwaterbedrijven zijn ernstig bezorgd over de oplopende kosten voor drinkwaterbereiding, nu de Tweede Kamer akkoord lijkt te gaan met afschaffing van de zogenaamde ‘preregistratietoets’ van nieuwe gewasbeschermingsmiddelen. Daartoe hebben de Kamerleden Koopmans (CDA), Snijder-Hazelhoff (VVD) en Gerbrands (PVV) op 15 februari een amendement ingediend. Volgens Vewin kunnen daardoor uiteindelijk de kosten van drinkwaterbereiding oplopen.
Extra zuiveringskosten Volgens de Vewin kunnen de kosten die gemaakt moeten worden om schoon drinkwater te bereiden daardoor verder oplopen. Deze kosten moeten worden doorberekend aan de consument. Volgens de Vewin staat dit haaks op het principe ‘de vervuiler betaalt’. Bovendien kunnen de drinkwaterbedrijven daarmee niet voldoen aan de KRW-eis van verlaging van zuiveringsinspanningen. Vooruitlopend op het debat op 15 februari schreef Vewin-directeur Theo Schmitz al aan de Tweede Kamer dat de normoverschrijdingen van gewasbeschermingsmiddelen onvoldoende dalen. De kwaliteit van de Nederlandse drinkwaterbronnen is in belangrijke mate bepalend voor de gezondheid en kwaliteit van het Nederlandse drinkwater. Maar de bronvervuiling noodzaakt de drinkwaterbedrijven kostbare extra zuiveringstechnieken toe te passen die zo’n 270 miljoen euro per jaar kosten. Toetsing komt te vervallen De Wet gewasbeschermingmiddelen en biociden moet worden gewijzigd in verband met de implementatie van Europese regelgeving op het gebied van het op de markt brengen en het duurzame gebruik van gewasbeschermingsmiddelen. Tot nu toe toetst het College voor toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden in Nederland nieuwe middelen vooraf op overschrijding van het maximaal toelaatbare risiconiveau. Met het genoemde amendement komt deze toetsing echter te vervallen en zal een eventuele overschrijding pas achteraf door de waterschappen in het oppervlaktewater moeten worden geconstateerd. Ook de waterschappen hebben inmiddels gewaarschuwd voor de gevolgen die het schrappen van de verplichting zal hebben voor de waterkwaliteit in Nederland. Het zou ook bijna onmogelijk zijn om achteraf vast te stellen wie verantwoordelijk is geweest voor die overschrijding.
Harmonisering in EU Volgens Vewin-beleidsmedewerkster Lieke Coonen wordt de toelating van gewasbeschermingsmiddelen door de nieuwe EU-regelgeving geharmoniseerd. De EU is daartoe in drie zones verdeeld, waarbij Nederland valt in een zone met landen als het Verenigd Koninkrijk , Duitsland en Polen. “Als bijvoorbeeld in Polen een nieuw gewasbeschermingsmiddel wordt aangeboden, wordt er volgens de daar geldende methoden getoetst. Consequentie is dat dat middel dan ook in ons land wordt toegelaten. Nederland heeft in dat geval wel de mogelijkheid extra eisen te stellen aan het gebruik, maar die mogelijkheden zijn zeer beperkt. De preregistratietoets is niet voor niets in Nederland met zijn specifieke situatie ingevoerd en om te voldoen aan de doelstellingen van de KRW”, waarschuwt Coonen. De indieners van het amendement vrezen dat producenten van gewasbeschermingsmiddelen voor een aanvraag liever naar Polen of Engeland gaan omdat dat bij ons te duur is en te veel tijd kost. “Als de preregistratietoets verdwijnt, is het van belang compenserende maatregelen te nemen. Andere landen hebben bijvoorbeeld maatregelen genomen door teelt- en spuitvrij zones langs waterlopen in te stellen om de kwaliteit van het oppervlaktewater zoveel mogelijk te beschermen.”
'Toets past binnen Europese regels' Coonen wijst erop dat voor Vewin vooral de toets op de gevolgen voor het drinkwater van belang is en die blijft gehandhaafd aldus de Tweede Kamer. Deze is conform EU regelgeving. Hiervoor is nog geen Europese methode ontwikkeld. “Maar we zullen er alert op blijven dat als de EU een beoordelingsmethode gaat ontwikkelen deze recht doet aan de specifieke situatie in Nederland. Daarnaast moet in Nederland nog een Nationaal Actieplan voor de gewasbescherming worden gemaakt waarbinnen wij samen met andere partijen kunnen zorgen dat het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen duurzamer wordt.”
(WaterForum, 2 maart 2011) |