‘Inzetten op internationale watercluster is riskante missie’
|
|
“Nederland moet helemaal geen watercluster in de wereld willen zijn.” In razend tempo somde de Britse uitgever Christopher Gasson van Global Water Intelligence op het Wetsus-congres de een na de andere reden op waarom zo’n cluster geen goed idee is. Hij plaatste ook scherpe kanttekeningen bij ‘waterhubs’ als Singapore en Israel. Gasson schuwde een ongemakkelijke boodschap niet. De Nederlandse watersector brandt immers van ambitie om een rol op wereldtoneel met zijn waterkennis en technologie te vervullen. Toch sloot de Britse ‘waterwatcher’ met een hoopvolle noot af. “Value from water, als geen ander ter wereld weten jullie dat te halen.” Ook Philips-directeur Hendriks kwam met de waarschuwing dat de Nederlandse research en ontwikkeling kwetsbaar is. Hij pleitte voor ‘open innovatie’.

Christopher Gasson (GWI)
Provocatief verhaal Gasson had zijn publiek al gewaarschuwd voor een ‘mogelijk provocatief verhaal’. In de Leeuwardense schouwburgzaal de Harmonie werd wat nerveus gegrinnikt, niet in de laatste plaats omdat het tweedaagse Wetsus-congres, op 18 en 19 oktober, juist geheel in het teken stond van het belang van kennisclusters in een ‘globaliserende wereld’. En nu kwam hier een gerenommeerd analist van de internationale watersector vertellen dat dit hele clusterconcept voor water weinig kans maakte.
‘Iedereen wil Silicon Valley zijn’ Gasson lichtte verschillende succesvolle (bedrijfs)economische clusters toe, waaronder Silicon Valley voor de informatietechnologie. “Juist Silicon Valley is voor veel sectoren een voorbeeld, ongetwijfeld voor Wetsus hier ook. Op een klein gebied zitten kennisinstituten en spin-off bedrijven bij elkaar die bijna vanzelf investeerders aantrekken. Er is een nauwe band tussen klanten en leveranciers van de technologie. Iedereen wil zich tegenwoordig ook als ‘valley’ afficheren.” Valley ook voorbeeld van mislukking Maar Silicon Valley is tegelijk hét voorbeeld van een onsuccesvol cluster, stelde Gasson. “De leegstand van kantoren is er enorm. Silicon Valley heeft zijn eigen graf gegraven, want door de ontwikkeling van internet kon het werk voortaan over de hele wereld gedaan worden. De waarschuwing is dat superslimme technologische ontwikkeling niet voldoende is.” Huidige voorbeelden van watertechnologiehubs zoals Singapore en Israel drijven volgens Gasson voornamelijk op overheidsgeld. “Singapore had om politieke redenen zoveel in onafhankelijke watervoorziening gestoken met geavanceerde ontzilting en hergebruik, dat het vervolgens besloot om zichzelf ook als waterhub te verkopen.” Goede vooruitzichten maar fundamentele barrières Op het eerste gezicht lijken de vooruitzichten voor een watercluster goed, erkende Gasson. Er heerst grote schaarste voor zoetwater en de vraag zal alleen maar toenemen. Daar komt nog eens het positieve imago bij: wie iets aan water doet, verbetert de wereld. Toch is het geen goed idee, aldus de GWI-uitgever. “Iedereen heeft water nodig en men zorgt daar ook voor. Er is dus geen logisch afgebakend geografisch gebied voor een cluster waar specialisten uit de hele wereld samen aan water werken.” Hij noemde nog een belemmering voor een internationale waterhub. “Water is fundamenteel een lokale bezigheid, de watersector is van nature zeer lokaal gericht.” ‘Buis is grootste innovatie op watergebied’ Ook de technologie biedt op zichzelf geen uitweg, stelde de Brit uitdagend. Het duurt te lang voordat technologische innovaties op de markt komen en geaccepteerd worden. “Tussen succesvolle proef en volledige toepassing in de praktijk zit gemiddeld zeven jaar. In andere economische sectoren is dat absurd lang en onacceptabel.” Uitsmijter: waarde uit water Terwijl sommigen in het publiek toch wat ongemakkelijk werden, had Gasson had uiteindelijk een optimistische uitsmijter. “Op het gebied van afvalwaterbehandeling, terugwinning van waardevolle grondstoffen en waterhergebruik loopt Nederland in de wereld ver voorop. Het past helemaal in het ‘cradle to cradle’-denken dat hier al sterk in ontwikkeld.” Hij zag op dat vlak juist alle voorwaarden voor een beloftevol cluster. “Het gaat dus niet om een watercluster op zich, maar om het halen van ‘value from water’.” Terugwinning van grondstoffen Die oproep sloot nauw aan op het eerdere verhaal van rector Martin Kropff van Wageningen Universiteit, een van de grondleggende instituten van Wetsus. Kropff benadrukte het belang van terugwinning van grondstoffen uit afvalwater, met name fosfor dat binnen een eeuw uiterst schaars zou kunnen worden, maar wel zeer belangrijk is voor de agrarische wereld. “Kostbare fosfaten verdwijnen nu met het afvalwater, terwijl die met nieuwe concepten eruit teruggewonnen kunnen worden.” Open innovatie Een relatieve buitenstaande in de watersector kwam ook met een waarschuwing. Harry Hendriks, directeur Benelux van Philips, ziet dat technologisch onderzoek en ontwikkeling in Nederland uiterst kwetsbaar zijn. Fijntjes wijst hij erop dat bijna de helft van alle Nederlandse investeringen in research & development in de regio-Eindhoven worden gedaan. Bij een buitenlandse overname van Philips zou die kennispositie snel kunnen verzwakken. Hij pleit daarom voor een ‘open innovatie’, waarin samenwerking het sleutelwoord is. “Vroeger was ons befaamde ontwikkelcentrum Nat Lab een gesloten vesting. Het ging erom de eerste, snelste en slimste te zijn.” Die filosofie is helemaal veranderd: er moet eerst een businessmodel zijn en de ontwikkeling moet met meer partijen tegelijk zijn, ook met kleine bedrijfjes. Uit deze gedachte komt de Hightech Campus voort met allerlei verbindingen tussen de TU Eindhoven, Philips, andere kennisinstituten en grote en kleine spin-offbedrijfjes. Senseo voor water Overigens heeft Philips wel degelijk groeiende ambities in water, zo vertelde Hendriks. Hij ziet vooral mogelijkheden in ‘point of use’-filtratie. “Denk bijvoorbeeld aan een soort Senseo die precies de soort water voor je zuivert en bereidt die je wilt, met of zonder gas.” Hij erkende dat Philips nog helemaal aan het begin staat van de ontwikkelcyclus, maar dat de aandacht voor past in de bedrijfsbrede filosofie die mikt op ‘sustainable technology’.”De algemene verwachting is dat duurzame landen en bedrijven op lange termijn het meest succesvol zullen zijn.”
 
Martin Kropff (Wageningen UR), Harry Hendriks (Philips)
(WaterForum, 20 oktober 2010) |