en
 
Een uitgave van NovaForum Business Media
Laatst bijgewerkt: 17 mei 2012
Waterforum - nieuws

Samenwerken in de afvalwaterketen is vooral meer samenwerking tussen gemeenten

Afdrukken

FORUM
De Algemene Waterschapspartij (AWP) vindt dat kostenreductie in de afvalwaterketen vooral kan worden gevonden in verbeterd beheer van de gemeentelijke rioolstelsels, en veel minder in efficiëntiebesparingen in de rioolwaterafvalwaterzuiveringen van de waterschappen.

Bestuursakkoord Water
De Nederlandse riolering is goed op orde en scoort hoog in de Europese benchmark studies. Wel is het zo dat de komende twintig jaar een groot percentage van alle riolering aan vervanging toe is, uitgaande van een gemiddelde levensduur van zestig jaar en de ouderdom van veel rioolbuizen. De vervangingsinvesteringen worden ruwweg geraamd op jaarlijks € 600 miljoen voor de komende twintig jaar! In het Feitenonderzoek (2010) is becijferd dat een jaarlijkse besparing van maximaal € 550 miljoen haalbaar is op het totaal aan investeringen en de exploitatie in de waterketen vanaf 2020. Het Bestuursakkoord Water van april 2011 stuurt voorlopig aan op een besparing van € 450 miljoen ('middenscenario') per jaar vanaf 2020, waarvan € 380 miljoen in de afvalwaterketen en € 70 miljoen bij de drinkwaterbedrijven.

Besparen is urgent
De afvalwaterketen bestaat uit het transport van afvalwater door het riool van huis naar de zuivering, en het zuiveringsproces op de afvalwaterzuivering. Ook regenwater en overtollig grondwater 'verdwijnt' meestal via dezelfde rioolbuis in de afvalwaterketen. Kostenreductie is nodig om de autonome kostenstijgingen op te vangen. In het Bestuursakkoord Water is afgesproken dat gemeenten en waterschappen samen € 450 miljoen gaan besparen in de afvalwaterketen. Tevens is besloten om de drinkwatersector hierbij voorlopig buiten de deur te houden. De uitdaging voor gemeenten en  waterschappen is urgent, want in het bestuursakkoord is ook opgenomen dat bij uitblijven van voldoende resultaten er via wetgeving bezuinigingen zullen worden opgelegd!

Regenwater in de afvalwaterketen
Vanuit het gezichtspunt van een gemeente is er een duidelijke koppeling tussen het bovengronds beheer van de openbare ruimte (bij uitstek de taak van elke gemeente!) en het beheer van de riolering als onderdeel van de afvalwaterketen. De afvoer van regenwater dat neervalt in de openbare ruimte, vraagt om een flink grotere dimensionering van de rioolbuis. Als vuistregel geldt dat een bui van 7 mm neerslag nog net in het riool kan worden geborgen. Bij grotere regenbuien komt het rioolwater in een bergbezinkbassin (circa 2 mm additionele berging). En als de piekbui nog heftiger is, loopt het overschot via een overstort naar het oppervlaktewater.

Regenwater kan ook aan de bron worden afgekoppeld naar bijvoorbeeld een 'wadi' of een sloot, zodat het riool minder schoon regenwater moet afvoeren. Het rioolwater wordt zo minder verdund, waardoor de bacteriën in de afvalwaterzuiveringsinstallaties het beter doen, en dat leidt ook weer tot een efficiëntieverbetering.

Rekenvoorbeeld voor gemeenten
Gemeenten zouden in 2020 zonder besparingen € 1,7 miljard uitgeven aan riolering (operationele kosten + kapitaalslasten, prijspeil 2010). Op basis van het Bestuursakkoord Water moeten gemeenten maar liefst 210 miljoen besparen in 2020. Dat lijkt niet zo veel, maar een klein rekensommetje werkt verhelderend: stel dat er eenmalig 10%  wordt bespaard op de operationele kosten, dan komt dat overeen met circa € 50 miljoen. Dan kun je uitrekenen dat op de kapitaalslasten (rente en aflossing) dan nog (210-50) = circa € 160 miljoen per jaar moet worden bespaard. En dat lukt alleen als de investeringen met 25% omlaag gaan. En hier gaat het wringen: want de verwachte totale investeringen voor de komende vijf jaar zijn al 9% lager geraamd, en in de vijf jaar daarna nog eens 9% lager.

Vervangen of verbeteren
Conclusie: het herijken, prioriteren en temporiseren van geplande investeringen wordt de belangrijkste oplossingsrichting om de voorgenomen besparingen van € 210 miljoen te realiseren. Gewoon, door minder geld uit te geven. De consequenties zijn groot. Een gegeven is dat ongeveer driekwart van de investeringen in feite vervangingsinvesteringen zijn, en slechts voor een kwart verbeterinvesteringen. Dan kan een taakstelling van 25% bezuinigen op investeringen er toe leiden dat de komende jaren nog vooral de vervangingsinvesteringen worden gedaan, maar dat er nauwelijks verbeteringen zullen worden uitgevoerd. Vooral maatregelen als bergbezinkbassins, wadi's en afkoppelen zullen dan te duur blijken. Terwijl juist dit soort maatregelen een positief effect hebben op de kwaliteit van het oppervlaktewater en wateroverlast kunnen voorkomen. Als gemeenten op grond van betere inschattingen en nieuwe technieken hun vervangingen kunnen uitstellen en slimmer kunnen uitvoeren, dan kunnen ook verbetermaatregelen overeind blijven.

Efficiëntie in de afvalwaterketen
Eén voor de hand liggende manier om efficiënter te werken in de afvalwaterketen is dat aangrenzende gemeenten hun krachten bundelen bij het beheer en onderhoud van de riolering. Nu moet elke gemeente nog haar eigen rioolbeheer organiseren. Door bundeling behouden de gemeenten hun zeggenschap over het rioolbeheer en kan de samenhang met de openbare ruimte worden geoptimaliseerd. Momenteel vallen zeker 80% van de rioolvervangingswerkzaamheden samen met onderhoudswerkzaamheden aan de openbare weg. Bij het losknippen van het rioolbeheer van de rest van de gemeentelijke taken in de openbare ruimte zal een aanmerkelijk verlies aan synergie optreden.

Overdracht beheer aan waterschappen
Ook kan efficiëntie worden bereikt door de gemeentelijke gemalen voor het verpompen van het rioolwater onder beheer van de waterschappen te brengen. Beheer en onderhoud van gemalen is immers core business van de waterschappen. Opschalen van het beheer en onderhoud van poldergemalen met rioolgemalen geeft meer schaalgrootte waardoor bijvoorbeeld een piketdienst beter rendeert. Overdracht van rioolgemalen vraagt wel om duidelijk afspraken over de ontvangst van afvalwater, om voorkomen dat het waterschap gaat 'knijpen' op de afvoer van afvalwater ten gunste van de werking van de zuivering. Een eerder voorstel van de waterschappen om alle riolen aan de waterschappen over te dragen, stuitte op grote weerstand bij gemeenten.

Geen sturingsmogelijkheden voor burgers
Door de zuiveringskosten integraal te heffen bij gemeenten, ontstaat zo voor gemeenten een sterke prikkel om doelmatiger om te gaan met het regenwater en grondwater. In het huidige systeem worden zuiveringslasten door het waterschap omgeslagen over de burgers. Burgers kunnen echter geen enkele sturing uitoefenen, want veruit het meeste water in het riool komt van neerslag en grondwater, en niet van het doortrekken van het toilet. Anders dan de individuele burgers, hebben gemeenten immers wel een keuze: alles afvoeren via het rioolstelsel, of lokaal inbrengen in de bodem of draineren naar het oppervlaktewater? Dit zal op termijn leiden tot doelmatigheidswinst in de riolering en de afvalwaterzuivering.

Ketenbedrijf
Een andere aanpak om tot efficiëntie te komen is om de gemeentelijke riolering en de waterzuivering van het waterschap in één ketenbedrijf onder te brengen. Sommige drinkwaterbedrijven willen graag op deze manier hun marktaandeel uitbreiden. Marktwerking zou tot kostenverlaging kunnen leiden. Waarschijnlijk is dat zulke waterketenbedrijven, nadat ze het beheer en onderhoud van de afvalwaterzuivering en de riolering hebben overgenomen, nog eens scherp gaan kijken naar de geplande investeringen en zullen aansturen op een verlengde levensduur om de kosten te drukken. Met als uiterste risico dat een rioolbuis pas wordt vervangen nadat een deel van de weg is ingestort!

Vestzakbroekzak
Ook zou een waterketenbedrijf in de verleiding kunnen komen om rioleringskosten af te wentelen op de gemeente. Een voorbeeld: Waternet heeft al eens aangekondigd dat de gemeente Amsterdam zou moeten gaan betalen voor de regenwaterafvoer via het riool. Volgens het principe vestzakbroekzak kan zo de directe rioolheffing voor burger en bedrijf relatief laag blijven, en worden kosten indirect door diezelfde burger en bedrijf betaald via de andere gemeentelijke belastingen (met name OZB).

Wat vindt de Algemene Waterschapspartij?
  1. De AWP beschouwt riool en openbare ruimte als functionele eenheid. De kosten voor het rioolbeheer moeten samen worden beschouwd met de kosten voor waterberging in de openbare ruimte. Betere berging in de (bovengrondse) openbare ruimte leidt tot minder - dure - investeringen in het rioolstelsel. Een koppeling van het publieke beheer & onderhoud van de openbare ruimte met privaat beheer van het rioolstelsel zal leiden tot een lastenverschuiving richting gemeenten, waardoor uiteindelijk de burger toch opdraait voor de kosten.
  2. De AWP pleit ervoor om besparingen in de kosten van het rioolbeheer vorm te geven in gemeentelijke samenwerkingsverbanden. Het bundelen van de menskracht van buurgemeenten leidt tot kostenbesparing, enerzijds door specialisatie van de medewerkers, maar anderzijds ook door een efficiëntere aansturing van het beheer & onderhoud met minder mensen, en verminderde kwetsbaarheid door de bundeling van interne kennis & ervaring.
  3. De AWP is van mening dat de efficiëntie in de directe kosten van het rioolbeheer door een op kostengerichte private partij, teniet wordt gedaan door een toename van de publieke kosten in de openbare ruimte. De afstemming tussen rioolbeheer en openbare ruimte wordt in de praktijk bovendien lastiger, en dus naar verwachting ook duurder. Dus riolering blijft een publieke taak!
  4. De AWP ziet op regionale schaal mogelijkheden voor besparingen door de gemeentelijke rioolwatergemalen te laten beheren door het waterschap. Opschalen van het beheer en onderhoud van (polder)gemalen met rioolgemalen geeft meer schaalgrootte waardoor bijvoorbeeld een piketdienst beter rendeert. Een aantal gemeenten hebben het beheer en soms ook het eigendom van hun rioolgemalen al overgedragen.
  5. De AWP is voorstander van een integrale zuiveringsheffing aan gemeenten als efficiëntieprikkel. Door de zuiveringskosten integraal te heffen bij gemeenten, ontstaat voor gemeenten een sterke stimulans om doelmatiger om te gaan met 'hun' regenwater en grondwater. Gemeenten kunnen de zuiveringskosten vervolgens weer in rekening brengen bij hun burgers en bedrijven. Samen met de gemeentelijke rioolheffing vormt dit de gemeentelijke afvalwaterheffing.

    Hans Middendorp en Peter Vonk, landelijk bestuur AWP


    Wilt u reageren op dit artikel?
    Mails zijn van harte welkom welkom op Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien. of reageer via de LinkedIn WaterForum Media groep.


    (WaterForum Online, 28 oktober 2011)
     

    deel dit artikel

    Adverteerders

    • banner-rhk-drinkwater-app-196px
    • Banner-Waternetwerk-mei-2012-196px
    • banner-DHV-Nereda-mei2012-196x96
    • banner-wateropleiding-mei-2012-196px
    • Banner-WaterjobForum1-196px
    • Banner-vakbeurs-riolering-2012-196x96

    Adverteerders

    Banner
    Banner
    Banner
    Banner
    Banner
    Banner
    Banner
    Banner
    Banner
    Banner
    Banner
    Banner
    Banner
    Banner
    Banner
    Banner
    Banner
    Banner
    Banner
      © Copyright 2011 NovaForum Business Media BV Disclaimer